'Oh yeah, watch out!' zei Tim Darcy (***) droogjes. Hij had net zijn drummachine in gang getrapt, en voor even dachten we dat hij een boombox zou bovenhalen om Psycho Killer in te zetten. Tim Darcy heeft namelijk heel veel weg van Talking Heads-frontman David Byrne: dezelfde haarsnit, dezelfde nerveuze podiumprésence en dezelfde dosis charisma. Maar verder ging de vergelijking niet op. Darcy's hoofdberoep als voorman van de uitmuntende post-punkband Ought weerklonk ook nauwelijks.
...

'Oh yeah, watch out!' zei Tim Darcy (***) droogjes. Hij had net zijn drummachine in gang getrapt, en voor even dachten we dat hij een boombox zou bovenhalen om Psycho Killer in te zetten. Tim Darcy heeft namelijk heel veel weg van Talking Heads-frontman David Byrne: dezelfde haarsnit, dezelfde nerveuze podiumprésence en dezelfde dosis charisma. Maar verder ging de vergelijking niet op. Darcy's hoofdberoep als voorman van de uitmuntende post-punkband Ought weerklonk ook nauwelijks.Hoe klonk de soloset van Tim Darcy dan wel? Intiem, kaal en een tikkeltje romantisch. Zijn songs bestonden uit een handvol akkoorden en de nodige echo. Een loopbasje en enkele arpeggio's. Het was zijn eerste set zonder begeleidingsband en tussen de nummers hoestte hij, maar Darcy stond er en verveelde geen moment. De mooiste song was Still Waking Up van zijn recent verschenen solodebuut, waarin Darcy steeds in en uit een ontredderd refrein viel. De enige bries die door de kokende tent van Les Nuits Botanique waaide, kwam van Ryley Walker (***). De tokkelheld uit Chicago, in hemd en met Iron Ranger-schoenen aan, speelde met zijn band een verfrissende set. Gitaarnoten dwarrelden door de lucht, de drummer hield het steeds ruimtelijk. Met zijn zachte stem zong Walker ons toe: 'I ran to the hill, with a head full of primrose green.'De songs - driekwart kwam van zijn heerlijke jongste album Golden Sings That Have Been Sung - duurden dubbel zo lang als op plaat, waardoor hij vier nummers in veertig minuten speelde. Komiek, ook: hij had voor elke song een andere gitaar meegebracht. Doordat hij zijn nummers zo opentrok, klonk zijn set spontaan en spannend. Roundabout kreeg een Sonic Youth-intro. Sullen Mind piepte en kraakte. Het enige dat het af en toe liet afweten? Zijn stem. Tijdens Primrose Green schoot hij hier en daar zelfs uit. Maar dat vergaven we hem toen hij ons achteraf prees: 'Everybody is so good looking, dang! And I'm here stinking the place up.' Zo gemakkelijk kun je ons krijgen.Wat had Angel Olsen (****) er zin in. Ze jende haar vijfkoppige band en maakte talloze grapjes met het publiek. Over de Verenigde Staten: 'We have a lot of missiles and we're lazy, so that's a good combination.' Over de Franse taal: 'Je suis un tampon. Je suis un tampon.' En over het katje dat ze net had gekocht: 'I tried to name her Jedi, and she was like 'fuck that!'' Tijdens afsluiter The Waiting legde ze zelfs haar gitaar weg en paradeerde ze als een diva over het podium. Haar spontaneïteit werkte ontwapenend. Wanneer ze speelde, sloeg de vonk meteen over. 'Are you lonely too? Hi-five! So am I', zong ze in Hi-Five, en heel wat open handen schoten de lucht in. Het hitgevoelige Shut Up Kiss Me was dan weer zo aanstekelijk als de pest. En het was muisstil tijdens de hij-brak-mijn-hart-opener Heart Shaped Face of de akoestische versie van Unfucktheworld. Angel Olsen diende eens als achtergrondzangers bij folkzanger Bonnie 'Prince' Billy, maar daar praat ze niet graag over. Olsen doet niet aan namedropping. Ze begon rond 2010 zelf folknummers te schrijven, maar gaandeweg werd ze wilder en haar muziek beter. Vierde worp My Woman (2016) is haar beste album tot dusver. Kant A is gevuld met onweerstaanbare popsongs. De nummers op de andere zijde zijn dan weer trager, langer en beklijvend. Beide soorten speelde Olsen met verve. Eén moment zal ons in het bijzonder bijblijven. Het was tijdens Sister, en Angel Olsen en co. hadden al minutenlang de spanning opgedreven met subtiele tempoversnellingen, rake gitaaraanslagen en de steeds intenser gezongen mantra 'All my life I though I'd change.' Tot het lied openbarstte en beide gitaristen aan het soleren sloegen. Bleek niet het hoogtepunt te zijn. Dat kwam maar toen Angel Olsen boven de explosieve instrumentatie heen een gepijnigde schreeuw uitliet. Koude rillingen gegarandeerd, zelfs in een volgepakte tent op de voorlopig warmste dag van het jaar.Uitmuntend optreden, Angel Olsen. High five!