Niet minder dan zestien gitaren sieren de traphal. De eetkamer is behangen met nog eens vier stuks. In diezelfde ruimte staat ook een piano. In de hoek achter het toilet liggen, naast de stofzuiger, onderdelen van een drumstel. En dan zijn we nog niet eens in het echte muzikale zenuwcentrum aanbeland: de living. Aan de linkerkant van de kamer staan zeven keyboards op elkaar gestapeld, hangen een hoorn en een minisaxofoon aan de muur en staat een piano van Young Chang, met daarbovenop nog een speelgoedexemplaar. Aan de rechterkant zien we een groot mengpaneel, en een Mac-computer om het te besturen. Errond slingeren djembés en andere percussie-instrumenten, nog meer keyboards en nog meer gitaren. Er is geen tv, geen wandkast, zelfs geen fucking kamerplant. Wel een sofa. En een salontafel. Oef, toch nog íéts normaals, denken we. Tot de salontafel een met een glazen blad bedekte pauk blijkt te zijn.
...