DA GIG: The Raconteurs in Koninklijk Circus, Brussel op 27/5

IN EEN ZIN: De groep speelde veel nieuwe songs en klonk in Brussel frisser, vitaler, energieker en explosiever dan ooit.

HOOGTEPUNTEN: Top Yourself, Many Shades of Black, Somedays, Shine the Light On Me, Hey Gyp, Only Chid, Now That You're Gone, Carolina Drama...

DIEPTEPUNTEN: vielen nergens te bespeuren. Alleen jammer dat Steady As She Goes werd overgeslagen.

QUOTE: Niks bijzonders. Spélen was de boodschap.

Hun derde langspeler, Help Us Stranger, komt pas uit op 21 juni. In dat opzicht was de timing van de korte Europese tournee van The Raconteurs een beetje ongelukkig. Om te vermijden dat er nu al nieuwe songs zouden uitlekken, namen Jack White en co draconische veiligheidsmaatregelen. Telefoons waren in de zaal niet toegelaten en dienden in een verzegeld etui te worden opgeborgen. Even waanden we ons in Noord-Korea, maar het voordeel was wél dat het publiek zich nog eens voor honderd procent op de show concentreerde.

Dat de groep uit Detroit ons zo lang liet wachten op nieuw werk, heeft veel te maken met Jack White. De jongste jaren had de man het zo druk met zijn solocarrière en zijn platenlabel Third Man Records dat hij, zo beweren de overige leden, gewoonweg 'vergeten was dat de band bestond'. Toen het gezelschap na ruim een decennium weer eens de studio opzocht, leek het echter alsof het nooit weg was geweest.

Help Us Stranger, dat eerst werd aangekondigd als Don't Salt My Pancakes, is in ieder geval een uitstekend werkstuk dat geheel in het verlengde ligt van voorgangers Broken Boy Soldiers en Consolers of the Lonely, maar weinig echte verrassingen biedt. Jack White vergelijkt de sound van The Raconteurs anno 2019 met 'de soundtrack van een wereldoorlog'. Het is een combinatie van rafelige riffrock, powerblues, psychedelia, springerige funk en Southern soul.

Kwajongens

De bezetting is nog steeds dezelfde als in 2006, toen de groep voor het eerst opdook. Whites evenknie bij de groep blijft zanger, gitarist en songwriter Brendan Benson, die intussen ook al zes platen onder zijn eigen naam uit heeft. Het duo wordt aangevuld met de ritmesectie van garagerockcombo The Greenhornes. Drummer Patrick Keeler is voorts actief bij Afghan Whigs, terwijl bassist Jack Lawrence regelmatig bij Karen O, Blanche en The Dead Weather, nog een band van Jack White, figureert. Op het podium van het Koninklijk Circus werden The Raconteurs naar goede gewoonte versterkt met toetsenman en gitarist Dean Fertita.

De helft van de set bestond uit gloednieuw materiaal, de overige vijftig procent was voorbehouden aan classics die door het publiek woord voor woord werden meegebruld. The Raconteurs zetten er meteen flink de beuk in en stonden op het podium als een stelletje kwajongens dat er behagen in schiep zoveel mogelijk lawaai te maken. Wat opviel was de onontkoombare energie van het vijftal, ergens tussen Led Zeppelin, AC/DC en The Faces in, en zijn voelbare honger naar het podium. De groep speelde op leven en dood en stortte zich als een ondervoede tijger op de songs.

Jack White trok de aandacht met zijn schreeuwerige zangstijl en zorgde voor een hoogtepunt met Top Yourself: stotterende, swampy gitaar, strakke ritmesectie en expressief slide-spel van Benson. Level was ongewassen bluesrock met echo's van The Stooges en ook in het stormachtige, door stemvervormers gedomineerde Broken Boy Soldiers klonk Nashville's Finest alsof hij net met een natte vinger het stopcontact had verkend. 'C'est cool!', riep iemand verrukt vanaf de eerste rij.

Champagnekurk

Brendan Bensons frasering deed iets gecontroleerder aan, maar zijn songs hoefden zeker niet voor die van White onder te doen. Integendeel: in Old Enough, aangedreven door twee akoestische gitaren, huisde de jonge Syd Barrett en ook het soulvolle Many Shades of Black, ooit nog een hitje voor Adele, knalde als een champagnekurk.

De nieuwe nummers, die de meeste toeschouwers nog niet eerder hadden gehoord, werden echter al even gretig in ontvangst genomen. Bored and Razed klonk stekelig maar catchy, het wiegende Somedays (I Don't Feel Like Trying) was voorzien van een melodie die zich prompt in je geheugen vast klauwde en Shine the Light On Me, met Jack White aan de piano, kwam al net zo sterk uit de hoek. Algemene consternatie dus, toen The Raconteurs al na 55 minuten in de coulissen verdwenen. Always leave them wanting more: in het rock-'n-rollcircuit is het een vaak gehoorde kreet.

Gelukkig gooide de groep er nog een half uurtje bissen bovenop en kregen we een gulle extra hap uit Help Us Stranger. Het van Donovan geleende Hey Gyp (Dig the Slowness), met drummer Patrick Keeler in een sterrenrol, steunde op een aanstekelijke Bo Diddley-beat en een rauwe harmonica en ontvouwde zich als aanstekelijke punkblues die de ruimte vóór het podium in een kolkende moshpit herschiep.

Brendan Benson toonde zich ook op zijn best in de powerfolk van Only Child en het stuiterende Now That You're Gone. Het tweestemmig gezongen Help Me Stranger begon als een countryballad, maar sloeg daarna lekker op hol. Jack White, die de ene spetterende solo na de andere uit de snaren perste, mocht de avond afsluiten met Carolina Drama, een hilarisch moordverhaal over een kerel die zijn stiefvader ombrengt met een... melkfles.

Na een anderhalf uur durende set waarin de groep het publiek nauwelijks een adempauze gunde, kunnen we u melden dat The Raconteurs dezer dagen frisser, vitaler en explosiever klinken dan ooit. Is er nog ergens een plekje op één van de Belgische zomerfestivals? In Kiewit bijvoorbeeld?

DE SETLIST: Consoler of the Lonely / Bored and Razed / Level / Old Enough / Somedays (I Don't Feel Like Trying) / Top Yourself / Shine the Light On Me / Hands / Broken Boy Soldier / Many Shades of Black / Sunday Driver // Hey Gyp (Dig the Slowness) / Only Child / Now That You're Gone / Help Me Stranger / Carolina Drama.