Geloof dat maar niet. In de vleugelkamer van het Amsterdamse Lloyd Hotel - een vergaderruimte met waarlijk een vleugelpiano naast het grote raam - houden Kim Deal, tweelingzus Kelley Deal, Josephine Wiggs en Jim Macpherson hof. De 'klassieke' bezetting van The Breeders, zo wordt altijd beweerd, hoewel dit ensemble tot voor kort samen maar één plaat in elkaar had gebokst, op een totaal van vier. En dan is Last Splash (1993) niet eens het beste Breeders-werk, voor wie debuut Pod (1990) kent. Ook de nagelnieuwe, verdienstelijke langspeler All Nerve komt niet in de buurt daarvan. Maar dat is zoals gezegd niet het punt.
...

Geloof dat maar niet. In de vleugelkamer van het Amsterdamse Lloyd Hotel - een vergaderruimte met waarlijk een vleugelpiano naast het grote raam - houden Kim Deal, tweelingzus Kelley Deal, Josephine Wiggs en Jim Macpherson hof. De 'klassieke' bezetting van The Breeders, zo wordt altijd beweerd, hoewel dit ensemble tot voor kort samen maar één plaat in elkaar had gebokst, op een totaal van vier. En dan is Last Splash (1993) niet eens het beste Breeders-werk, voor wie debuut Pod (1990) kent. Ook de nagelnieuwe, verdienstelijke langspeler All Nerve komt niet in de buurt daarvan. Maar dat is zoals gezegd niet het punt. 'Ik ben als jong meisje muziek beginnen te maken om in een bénde te zitten', zegt bassiste Josephine Wiggs, een flegmatieke Britse. 'Ik hou van die eenheid tussen mensen, dat je elkaar zonder woorden begrijpt, samen een zaal inpalmt met een gigantisch geluid.' De vraag die hieraan voorafging, was of muziek nog altijd dezelfde functie voor hen vervult als toen ze tieners waren. Drummer Jim Macpherson knikt. 'Als ik vandaag Band on the Run van Paul McCartney & Wings hoor, zit ik (vingerknip) zó weer in de auto met mijn ouders en mijn drie zussen, onderweg naar Florida, helemaal achter in die station wagon gepropt.' Kim Deal kijkt grijnzend op. 'En veertig jaar later zit je nog altijd achteraan terwijl je met drie meiden op weg bent!' *** Jim lacht naar Kim, Kim lacht terug. Dat hebben ze ooit vijftien jaar lang niet gedaan. Ze wisselden zelfs geen woord. Nog voor The Breeders medio jaren 90 nog maar aan een opvolger voor commerciële meevaller Last Splash konden dénken, werd Kelley Deal in de boeien geslagen wegens heroïnebezit. Terwijl ze afkickte, en daarbij soelaas vond in breien - zie haar handboek Bags That Rock: Knitting on the Road - gingen Kim Deal en Jim Macpherson verder als The Amps. Tot ook Kims drankverbruik een brigade Russische matrozen zou doen achteruitdeinzen. Terwijl de zussen hun shit weer een beetje together probeerden te krijgen, dreven Wiggs en Macpherson zo ver uit beeld dat de Deals hen niet eens meer opbelden toen ze The Breeders weer leven inbliezen. Title TK (2002) en Mountain Battles (2008) volgden. Geen slechte platen, maar van een knaller als doorbraaksingle Cannonball geen spoor. Tussendoor begon Kim Deal te toeren met haar vroegere groep Pixies. Tot in 2012 het persbericht kwam: naar aanleiding van de twintigste verjaardag van Last Splash en de special edition die platenlabel 4AD klaarstoomde, zouden de 'definitieve' Breeders een reünietournee houden. Kim Deal denkt met opmerkelijk genoegen terug aan die sliert optredens op drie continenten. 'Je had dat publiek moeten zíén. Mensen kenden alle teksten, ze zongen mee, hadden de tijd van hun leven. Zo opgefokt, voor óns!' Het dient vermeld dat Kim Deal op haar 56e (men zou dat niet zeggen) nog altijd de tomeloze verwondering van een beginnende pothead uitstraalt ('Ben je helemaal uit België gekomen? Waaauw'). Nochtans is ze al jaren compleet nuchter, net als Kelley. Zelfs roken hebben de zussen eraan gegeven. Maar van die warme ontvangsten in Amerika, Europa en Australië stond Kim Deal dus paf. Wat óns dan weer verbaast, met dat palmares waarop twee van de invloedrijkste indiegroepen ever prijken. 'Daar denk ik nooit over na', duwt ze die lauwerkrans vriendelijk weg. 'Ik kom uit Dayton, Ohio. Daar kent niemand ons.' Ondanks dat Kim Deal nu al dertig jaar als een indierockicoon wordt aanzien (en niet alleen door vrouwen - u had het Kurt Cobain eens moeten vragen) is pretentie haar vreemd. Het zal er wel mee te maken hebben dat zij en haar zus (er is ook een broer) geboren zijn in een hillbillyfamilie (hún omschrijving) die uit het zuidelijke Virginia naar het noorden verkaste. In Ohio schreef Kim Deal al op haar dertiende haar eerste song, terwijl Kelleys ambitie ophield bij stoned worden. Niet lang daarna richtte Kim in de kelder van het ouderlijke huis een studio in. Zoals ze er vandaag in haar eigen huis in Dayton, enkele straten verderop, nog altijd een heeft. Die kelder is haar dagelijks brood. Enkele jaren geleden begon ze haar ijver ook zelf uit te brengen op vinylsingles, onder eigen naam. 'Ik hou ervan geregeld met iets fysieks naar buiten te komen. Dat moet ook, anders denken mensen dat je helemaal niets uitvreet.' Kelley, die pas gitaar leerde spelen toen Kim haar in The Breeders wilde, treedt haar zus grinnikend bij. 'Ja, fuffing around, daar doen we niet aan.' Wiggs: 'Het is fáffing around, Kelley.' Een van Kim Deals 45-toeren was Are You Mine, geschreven over moeder Deal, die aan alzheimer lijdt en die Kim zelf, samen met Macphersons vrouw, verzorgt. Haar allereerste single, van begin 2012, heette Walking with a Killer en staat nu ook op de nieuwe Breeders-plaat. 'Voor die solodingen had ik geen vaste groep', legt Kim uit. 'Het was een hoop gegoochel met muzikanten en studio's. Ondertussen waren wij vieren weer live gaan spelen en wilden we extra songs in de set. Kelley en Josephine hielden van dat nummer. Niemand kende het, want die singles vliegen niet bepaald de deur uit. Niet dat ik dat erg vind. Maar goed, we speelden dat nummer live en boy, klonk het mooi. Dus hebben we het ook opgenomen. Waarover het gaat? In het landelijke Ohio zijn er veel onverlichte, creepy wegen omzoomd met korenvelden. Ik weet nog dat ik daar als tiener liep nadat ik kauwgum was gaan kopen of wanneer ik in het geniep wilde roken. Scheurde er een pick-up met venten langs die 'rape victim!' brulden. (grote ogen) Ik weet niet waar die mentaliteit vandaan kwam. Het was een idyllisch moment met een psychoseksuele wolk erboven. Onbehaaglijk én cool.' Naar de titelsong All Nerve dan. Het zou zomaar even kunnen dat Kim Deal die heeft geschreven nadat ze haar laatste sigaret had gerookt. 'O my god.' Ze sluit de ogen en haalt een dierbare herinnering naar boven. 'Dat zou inderdaad kunnen. Ik rook niet meer sinds 2007, maar ik mis het nog altijd. Ik werd op een ochtend wakker met die eerste strofe in mijn hoofd. Het rare was dat ik een man hoorde zingen, een beetje als Marc Almond in Soft Cell begin jaren 80. Maar toen Jim er zijn (breed gesticulerend) máchtige, óérluide KICK DRUM tegenaan zette, verdween Soft Cell natuurlijk compleet uit beeld.' Weer schenken de twee elkaar een brede, toegenegen glimlach. Over Macpherson mag misschien verteld dat hij altijd al timmerman is geweest. Op Last Splash gaf Divine Hammer dat overigens al prijs: 'The carpenter goes bang/ Bang bang.' Kim Deal: 'Wanneer wij repeteren en schrijven, staat Jim om zes uur 's morgens op, hij werkt de hele dag, neemt een douche thuis - je néémt toch een douche, hè? - , hij eet en komt dan tegen halfacht naar mijn kelder. Dan gaan we door tot elf uur. (grijnst) Zie hem daar ook zitten: hondsmoe!' Timmerman of niet, de óók droog staande Macpherson - in zijn ogen blinkt nog altijd goedaardige waanzin - noemt zichzelf een drum geek. 'Het is een chaotisch leven, maar als ik 's avonds niets te doen zou hebben, zou ik de muren oplopen van de zenuwen. Na The Breeders heb ik nog op enkele platen van Guided by Voices gespeeld - die zijn ook van Dayton - en daarna veel surfrock. Ik gebruik trouwens nog altijd hetzelfde drumstel als op Last Splash.' Kim Deal: 'Ik dezelfde gitaarversterker.' Kelley Deal: 'En ik dezelfde gitaar. O my god, wat zijn we sáái!' Toch wordt All Nerve vergezeld door een primeurtje, geeft Kim toe. 'We hebben analoog opgenomen zoals altijd, maar voor het eerst digitaal gemixt. Ik moest nooit iets hebben van dat gepolijste, digitale gedoe, maar Josephine en Kelley hebben op me ingepraat. (verveelde stem) "We doen dit níét analoog, Kim, dat kost bakken geld én tijd. Of ik tevreden ben met het resultaat? Ja hoor. Hm, ja. Euh, jaja.' Kelley, verbouwereerd: 'Wat is dát nu voor antwoord?' Kim: 'Daar hadden we het toch al over? Iedere muzikant wil toch altijd iets aan de plaat verbeteren?' Kelley: 'Dan ben ik niet iedere muzikant.' Macpherson leunt treiterig grijnzend achterover. 'Heb ik al gezegd dat ik uitermate verheugd ben met élke drumtik op deze plaat?' *** Wat we tot slot nog weten willen, is wat Kim Deal van All I Think about Now vindt, het nummer op de jongste Pixies-plaat dat zanger Black Francis over haar schreef, en waarin hij tussen de lijnen door zijn spijt betuigt over de luizige manier waarop hij haar indertijd plaat na plaat van het voorplan heeft verdrongen. Voor de eerste en enige keer neemt ze afgemeten het woord. 'Ik heb dat verhaal gehoord, maar ik ken die song niet. Op zich vind ik het wel prachtig, hoor. Nou ja, dat zeg ik er maar bij. Ik wil niemand ontmoedigen om óók een song over mij te schrijven, haha.'