De leden van The Cure worden wel eens The Beatles of Dark Wave genoemd. In april 1980 was de explosieve energie van de punk nog weinig méér dan een vage herinnering en nu het Thatchertijdperk was aangebroken, maakte de gebalde vuist steeds vaker plaats voor zwartgalligheid en introspectie. Dat leidde bijvoorbeeld tot indringende tijdsdocumenten als Unknown Pleasures van Joy Division, Crocodiles van Echo & The Bunnymen en Jeapardy van The Sound.
...

De leden van The Cure worden wel eens The Beatles of Dark Wave genoemd. In april 1980 was de explosieve energie van de punk nog weinig méér dan een vage herinnering en nu het Thatchertijdperk was aangebroken, maakte de gebalde vuist steeds vaker plaats voor zwartgalligheid en introspectie. Dat leidde bijvoorbeeld tot indringende tijdsdocumenten als Unknown Pleasures van Joy Division, Crocodiles van Echo & The Bunnymen en Jeapardy van The Sound. The Cure, afkomstig uit het Britse Crawley, debuteerde een jaar eerder al met Three Imaginary Boys, een plaat vol snedige, aan Wire refererende postpunknummers. Maar zanger-gitarist Robert Smith was ontevreden over de muzikale richting en de productie. Hij vond de muziek 'te oppervlakkig', snakte naar meer artistieke vrijheid en was vast van plan de controle over het opnameproces voortaan volledig naar zich toe te trekken. In zijn ouderlijke huis had hij, op een Hammond-orgel, een aantal nieuwe songs geschreven en die klonken aanzienlijk donkerder en desolater dan, pakweg, Boys Don't Cry of Killing an Arab. Smith, de onbetwiste leider van The Cure, zag Seventeen Seconds dan ook als een nieuwe start. 'Het was de eerste échte langspeler van de groep', zou hij later verklaren.Bassist Michael Dempsey zag de evolutie naar meer uitgesponnen, etherische songs helemaal niet zitten en verkaste naar The Associates. Door de komst van vervanger Simon Gallup en toetsenspeler Mathieu 'Matty' Hartley (allebei voordien actief bij The Magazine Spies) kreeg het bandgeluid echter een nieuwe dimensie. Hartley, die overdag aan de kost kwam als kapper, bespeelde een Korg Duophonic synth en dat vond Smith prima, 'net omdat je er niet meer dan twee noten tegelijk op kon spelen'. RouwrandjeDe zanger had in die dagen een bloedhekel aan alles wat naar popmuziek neigde. Dus ging hij op zoek naar een volwassener geluid met meer diepgang en gebruikte hij zijn composities vooral om stemmingen op te roepen. Seventeen Seconds verscheen slechts een kleine maand voor Ian Curtis van Joy Division op 18 mei uit het leven stapte en ook Robert Smith berichtte in zijn songs over een bestaan met een rouwrandje. Zijn vage en verontrustende teksten waren doordrongen van melancholie en klonken, volgens sommigen, zelfs ronduit deprimerend. De wereld die door The Cure werd opgeroepen was er één in vijftig tinten grijs. 'Een collectie klaagliederen over vervreemding, zelfhaat, eenzaamheid en dood', noteerde een criticus vol afgrijzen. 'Dit is een plaat over de lichtheid van verdriet', concludeerde een collega.Dat je van Seventeen Seconds niet vrolijk werd, besefte Robert Smith maar al te goed. 'Wanneer ik op tournee ben, heb ik de neiging me van de buitenwereld af te sluiten', legde hij uit. 'Ik mijd dan sociale contacten, wil met niemand praten en trek me terug in mezelf. Wat ik niet met anderen kan delen, schrijf ik neer. Toegegeven, ik heb een opvliegend karakter: over sommige dingen kan ik me vreselijk opwinden, maar dat uit zich niet fysiek. Ik wil mijn frustraties zeker niet op anderen afreageren. Op een bepaald moment komt alles wat ik al zo lang heb opgekropt er dan in één spontane gulp uit, zoals de songs op Seventeen Seconds. Dat werkt enorm bevrijdend. Natuurlijk besef ik dat het materiaal uit die plaat bol staat van tristesse. Maar het steunde wél op een eerlijke emotie.'Hoewel Smith pas twintig was toen The Cure aan zijn tweede langspeler begon, wist hij zeer goed waar hij met zijn band naartoe wilde. In zijn hoofd hoorde hij een spaarzame sound, geïnspireerd door mistroostige meesterwerken als Five Leaves Left van Nick Drake, Astral Weeks van Van Morrison, Another Green World van Brian Eno en Low van David Bowie. 'Ik luisterde ook al maanden naar cellomuziek en aanvankelijk had ik een akoestische aanpak in gedachten', aldus de zanger. Maar uiteindelijk kwam hij net iets dichter uit bij een mengvorm van artrock, new wave, postpunk en treurmars. DromerigSeventeen Seconds werd opgenomen in een voormalige kerk en het geluid werd, toeval of niet, bepaald door ijle synths en in galm en nevel badende gitaren. Het budget was zo bescheiden dat The Cure alles inblikte en mixte in een kleine zeven dagen. Maar aangezien het kwartet de -overwegend langzame- nummers voordien al enkele keren live had uitgetest, verliep het proces opvallend vlot.Over de betekenis van Seventeen Seconds bestaan onder Cure-fans meerdere interpretaties. Volgens statistici zou iemand zich ergens om de zeventien seconden van het leven beroven. Volgens anderen suggereert de titel dan weer dat een snelle, impulsieve beslissing om te handelen of passief te blijven een bepalende invloed kan hebben op de rest van je leven. De plaat klinkt even dromerig als coherent, de arrangementen zijn sober maar subtiel en genuanceerd, de vormgeving minimalistisch. De klagerige zanglijnen liggen vaak diep begraven in de mix (zie Secrets), maar Seventeen Seconds bevat ook enkele atmosferische instrumentals, die af en toe als interludia dienst doen. In A Reflection, de mijmerende opener waarop Robert Smith behalve gitaar ook viool speelt, verwijst de piano naar het werk van Erik Satie. Het ietwat atonale en ultrakorte The Final Sound stopt al na 53 seconden, omdat de tape op is en het geld ontbreekt voor een nieuwe spoel. Het schetsmatige Three is weinig méér dan een lange intro waarover een elftal woorden wordt gefluisterd.De teneur varieert van introspectief tot hypnotiserend, maar ook van claustrofobisch ('I drown at night in your house / Pretending to swim' vernamen we uit In Your House) tot gedesoriënteerd ('You're trapped in the light / All the directions were wrong' klinkt het in M). Maar Seventeen Seconds huisvest ook twee instant-klassiekers. Het vrij uptempo Play For Today vat de sfeer van de plaat keurig samen: 'It's not a case of doing what's right / It's just the way I feel that matters'. ExperimentenHet bezwerende, door epische gitaren en een stotterende bas aangedreven A Forest blijft, vier decennia na de oorspronkelijke release, één van de aller populairste nummers van The Cure. In een donker bos volgt Smith een meisje dat zijn naam roept, maar uiteindelijk blijkt dat hij al die tijd een hersenschim heeft nagejaagd: 'The girl was never there / It's always the same / I'm running towards nothing / Again and again and again and again'. A Forest wordt de eerste single van The Cure die, ondanks zijn lengte (bijna zes minuten!) weet door te dringen tot de Britse top-veertig. De rest is geschiedenis.'Ik kon me helemaal vinden in de nieuwe richting die de band met Seventeen Seconds was ingeslagen', meldde coproducer Mike Hedges achteraf. 'Die plaat was niet bedoeld om de luisteraar in vervoering te brengen, maar om hem tot denken aan te zetten. Robert en ik waren zeker niet bezig met wat commercieel was of de populariteit van The Cure ten goede zou komen. We deden waar we zin in hadden en experimenteerden met rare opnametechnieken. Wat Seventeen Seconds voor mij definieerde, was de door echo- en delayeffecten gedomineerde drumsound'. Volgens Hedges was de lp van cruciaal belang voor het verdere verloop van zijn producersloopbaan, omdat veel muzikanten zich enthousiast toonden over het resultaat. Hij zou vervolgens aan de slag gaan met onder anderen U2, Manic Street Preachers, Texas en Martha Wainwright.Ook de Nieuw-Zeelander Chris Parry, die eerder al de carrière van The Jams op de rails had gezet en in de vroege jaren tachtig het management van The Cure waarnam, toonde zich tevreden over het resultaat. 'Als je de productie nog een tikje radiovriendelijker maakt, heb je goud in je handen', orakelde hij. Maar dat was buiten Robert Smith gerekend. 'De muziek klonk precies zoals ik het wilde, dus waarom compromissen sluiten? Mochten we ooit voorspelbare beslissingen hebben genomen, dan zou ons geen lang leven beschoren zijn geweest', aldus de frontman.Anno 1980 beschikte The Cure nog niet over een afgelijnd of herkenbaar imago. De zwarte oogschaduw en de vogelnestkapsels lieten nog even op zich wachten. Ten tijde van Seventeen Seconds voelde Smith zich nog comfortabeler in de obscuriteit. Zo wilde hij niet dat de muzikanten herkenbaar op de platenhoezen zouden staan. De coverfoto's werden dus bewust onscherp en wazig gehouden, wat uiteraard bijdroeg tot de mysterieuze aura van de groep.KniesrockToen het tweede werkstuk van The Cure uitkwam, waren de kritieken, zacht gezegd, verdeeld. De Britse pers reageerde aanvankelijk nogal vijandig en sommige recensenten vonden de 'heavy sounding death ballads' van het gezelschap te koel, te afstandelijk, te apathisch. Maar ook aan de overkant van de Atlantische oceaan, waar het kwartet in die dagen voor het eerst op tournee ging, vielen afwijzende reacties te noteren. In de Alternative Record Guide, samengesteld door redacteurs van het Amerikaanse blad Spin, werd Seventeen Seconds afgedaan als 'glad en saai'. Rolling Stone schreef dan weer dat The Cure met zijn tweede langspeler was toegetreden tot 'het territorium van de kniesrockers'.De muziek van The Cure zou de eerstkomende jaren zelfs nog zwaarwichtiger en verstikkender worden, want Seventeen Seconds was het eerste deel van een doemtrilogie waar ook gitzwarte opussen als Faith en Pornography deel van zouden uitmaken. Robert Smith en zijn gezellen manifesteerden zich daarmee als mede-architecten van het Gothic rockgenre. Maar ze gaven de criticasters wél het nakijken door later grote hits te scoren met onsterfelijke popsongs als Just Like Heaven, Let's Go To Bed, The Caterpillar of Love Song en uit te groeien tot een band die, veertig jaar later, op grote festivals nog steeds als publieksmagneet wordt opgevoerd.Sinds zijn begindagen als muzikant ging Smith er altijd van uit dat iedere plaat die hij maakte zijn laatste kon zijn. Vandaar zijn motivatie om er telkens een mijlpaal van te maken. Niet dat hij altijd in zijn opzet slaagde, maar Seventeen Seconds speelde wel degelijk een sleutelrol in de geschiedenis van The Cure.'It's not a case of telling the truth', luidt het ironisch in Play for Today. 'Some lines just fit the situation'. En die situatie herkennen, dat is waar het in de rockwereld nog altijd om draait.De citaten van Robert Smith en Mike Hedges zijn afkomstig uit het boek Ten Imaginary Years (Zomba Books, 1988) van Barbarian, Steve Sutherland en Robert Smith.