In 2014 stond Nick Hakim nog als aankomend talent te blinken in onze rubriek Toekomstmuziek. De toen 24-jarige zanger uit Washington DC stond net op het punt zijn tweede ep Where Will We Go, Pt. 2 uit te brengen, in eigen beheer. 'Best leuk, je eigen zaakjes regelen', vertelde hij ons toen via Skype, vanuit een minuscuul appartementje in Brooklyn, zonder noemenswaardige zorgen over wat daarna moest komen: 'Ik zie wel wanneer er een mooi voorstel uit de lucht valt.'
...

In 2014 stond Nick Hakim nog als aankomend talent te blinken in onze rubriek Toekomstmuziek. De toen 24-jarige zanger uit Washington DC stond net op het punt zijn tweede ep Where Will We Go, Pt. 2 uit te brengen, in eigen beheer. 'Best leuk, je eigen zaakjes regelen', vertelde hij ons toen via Skype, vanuit een minuscuul appartementje in Brooklyn, zonder noemenswaardige zorgen over wat daarna moest komen: 'Ik zie wel wanneer er een mooi voorstel uit de lucht valt.' Een jaar later kreeg die gezellige babbel een vervolg, toen we tijdens een reportage in New York Trixie Whitley meetroonden naar een concert van Lianne La Havas, waar Hakim het voorprogramma verzorgde. Nog steeds regelde hij zijn zaakjes zelf, haast was er nog steeds niet bij voor de jongeman met de gouden stem en een dozijn sluimerende r&b-songs in de zakken. Nu is Nick Hakims moment aangebroken. ATO Records (het label dat ook onderdak biedt aan Alabama Shakes, Midlake en Hurray for the Riff Raff) schoof hem een contract onder de neus en brengt op 19 mei zijn debuutalbum Green Twins uit. Tijd om de draad nog eens op te pikken. Nick Hakim: Nee, hoor, al kan New York - ik woon hier nu een jaar of vier - nog steeds behoorlijk overweldigend zijn. Ik worstel soms nog met de stad. Dus af en toe denk ik wel aan terugkeren naar Boston, waar ik aan het Berklee College of Music heb gestudeerd. Of overweeg ik naar LA te verhuizen, waar het altijd zonnig is, ja. But LA sucks.(lacht) Nee, dat is niet waar. Hakim: De songs op Where Will You Go, deel één en deel twee, waren al enkele jaren oud toen die ep's verschenen. Ze stammen uit een donkere periode en ik schreef ze niet met een publiek in het achterhoofd, maar uit noodzaak. Het zijn mijn haal-me-uit-die-existentiële-knoopsongs. (lacht) Deze keer spelen de liedjes zich meer in het hier en nu af, als korte dagboekfragmenten waarin ik mezelf en mijn omgeving onder de loep neem. En dus ook mijn relatie met New York, ja. Hakim: Daarover verander ik zelf nog regelmatig van gedacht. Eigenlijk is het gewoon een liefdesliedje, waarin ik suggereer dat God een vrouw is, een vrouw die - áls ze bestaat - lijkt op mijn huidige wederhelft. Hoe kan het ook anders, toch? (lacht)Hakim: Dat ik deze plaat kan uitbrengen, is eigenlijk al een politiek statement: ik ben een product van het openbare schoolsysteem, dat momenteel onder druk staat omdat president Trump en zijn minister van Onderwijs Betsy DeVos serieus willen snoeien in de budgetten. Ik was een moeilijke scholier, en zonder al die mensen die met weinig middelen geweldig werk leveren, zouden we hier nu niet zitten, zo simpel is het. Ik kijk enorm op naar artiesten die baanbrekende muziek combineren met een gefundeerde politieke boodschap - mensen als Marvin Gaye en Robert Wyatt - maar ik vind dat ik mezelf eerst meer moet bijscholen in zulke onderwerpen voor ik er uitspraken over kan doen. Ik ben niet zoals Solange, of Kendrick Lamar, of Dev Hynes, artiesten die hun politieke hart op de tong hebben, maar ik hoop dat mijn muziek voor mensen een manier kan zijn om even een stap terug te zetten en eens diep adem te halen in al het huidige gewoel. Hakim: Zie je? Longstreth kan in één zin zeggen waar ik er tien voor nodig heb. (lacht) Educatie, educatie en nog eens educatie, dát is wat nu meer dan ooit telt. En mocht Betsy DeVos haar slag thuis halen, vind ik zeker een manier om tegengewicht te bieden. Zo heb ik in Boston al muziekles gegeven aan jongeren in naschoolse opvangprogramma's. Hakim: Vooral in de productie. Ik hou van die korrelige, licht psychedelische klank op de platen van de Braziliaan Milton Nascimento, van Víctor Jara, een Chileense protestzanger die begin jaren 70 gearresteerd en vermoord werd vanwege zijn kritiek op het regime van Pinochet, en van Alfredo Zitarrosa, een Uruguayaanse zanger die openlijk in de clinch ging met Zuid-Amerikaanse dictators. Hakim: Dat is bedacht door Keith Rankin, die muziek maakt als Giant Claw en het labeltje Orange Milk runt. Ik heb een tijdlang zelf in een platenwinkel gewerkt, Human Head, in Brooklyn, en ben zelf een grote vinylliefhebber. Een goede hoes vind ik dus belangrijk. Het ontwerp van Keith, een droomachtig, surrealistisch beeld van een oog dat zichzelf in een spiegel bekijkt, zegt iets over zelfreflectie. Dat past dus bij de songs op de plaat, maar het is vooral een fucking coole hoes die je graag thuis aan de muur wilt hangen. Hoop ik toch. (lacht)