De groene galajurk van Jennifer Lopez. Het televisiedebuut van Big Brother. Kinderen die voor het eerst hun sadistische kantje ontdekken door op de inventiefste manieren hun avatars te liquideren in The Sims. De definitieve ledenwissel van Destiny's Child. Het latexpakje van Britney Spears in de videoclip bij Oops!... I Did It Again. Het cultuursnobisme van High Fidelity. Onze eerste trip naar Stars Hollow om er kennis te maken met Gilmore Girls. U was het misschien alweer vergeten - of hebt het nooit beseft - maar het jaar 2000 was een popculturele mijlpaal.
...

De groene galajurk van Jennifer Lopez. Het televisiedebuut van Big Brother. Kinderen die voor het eerst hun sadistische kantje ontdekken door op de inventiefste manieren hun avatars te liquideren in The Sims. De definitieve ledenwissel van Destiny's Child. Het latexpakje van Britney Spears in de videoclip bij Oops!... I Did It Again. Het cultuursnobisme van High Fidelity. Onze eerste trip naar Stars Hollow om er kennis te maken met Gilmore Girls. U was het misschien alweer vergeten - of hebt het nooit beseft - maar het jaar 2000 was een popculturele mijlpaal. Ondertussen, in lockdownjaar 2020, lijkt het wel alsof iedereen is beginnen te podcasten. (Zélfs Kesha en Kate Ryan.) En toch is het uiterst entertainende Twenty Twenty: A Pop Culture Podcast ons de voorbije maanden bijgebleven. Daarin werpen de jonge Britse cultuurjournalisten, vriendinnen en zelfverklaarde fangirls Tara Joshi en Simran Hans hun kritische blik op de meest memorabele momenten van het jaar 2000 en onderzoeken ze de impact daarvan op de popcultuur van vandaag. Een nostalgische trip en tegelijk een bij momenten ontnuchterende analyse van uw jongere jaren. Of dacht u echt dat Rob Gordon van High Fidelity een sympathieke knul was? Waarom het jaar 2000?Simran Hans: Omdat het een kantelpunt was. Het nieuwe millennium ging van start en niemand wist wat te verwachten. Je voelt dat optimisme ook in de popcultuur van toen. Bovendien is die twintigste verjaardag een goed excuus om er eens met een frisse blik op terug te kijken. Tara Joshi: De wereld is intussen enorm veranderd, maar er zijn ook raakvlakken. 2020 was net zo'n vreemd, transformatief jaar. Al geloof ik dat je over eender welk jaar een boeiende podcast kunt maken. Ik moet toegeven dat ik mensen zelden zo enthousiast heb horen vertellen over Craig David. Joshi: (lacht) Ik kan er ook niks aan doen. Ik koester een soort aangeboren liefde voor die man. Intussen is het mijn job om op een kritische manier naar popcultuur te kijken. Puur rationeel wéét ik dus dat zijn songs niet allemaal even kwalitatief zijn. Maar dat betekent niet dat ik er minder van geniet. Voor de muziek uit je jeugd blijf je eeuwig een intense genegenheid voelen. Hans: Als kind ervaar je alles op een veel emotioneler, eerlijker manier. Je reageert er gewoon op, zonder je af te vragen waarom. Joshi: Eigenlijk heb ik dankzij de podcast alleen maar meer respect gekregen voor Craig David. Zijn carrière is veel boeiender dan ik dacht. Hoe hij UK garage naar de mainstream bracht en daardoor scheef bekeken werd door de underground. Hoe hij te pas en te onpas refereerde naar zijn lievelingsfilm Willy Wonka & the Chocolate Factory. Het bizarre artwork van zijn debuutplaat Born to Do It, waarop hij in een crèmekleurig T-shirt en met gesloten ogen naar zijn eigen muziek lijkt te luisteren. Zijn fundamentele uncoolness in combinatie met een indrukwekkend sérieux. In zekere zin heeft hij zelfs de weg vrijgemaakt voor Drake, die van die ernstigheid zijn handelsmerk heeft gemaakt. Allemaal dingen waar ik als kind natuurlijk niet stil bij stond. Jullie waren amper acht in het jaar 2000. Hoe bewust hebben jullie de popcultuur van toen beleefd? Hans: Van de meeste onderwerpen die we bespreken, herinner ik me flarden, maar nooit de volledige context. Dat is dan ook min of meer het concept van de podcast: we keren als kritische volwassenen terug naar de cultuur die onze jeugd heeft gevormd. Dat contrast tussen nostalgie en analyse maakt het net zo interessant. Joshi: Simran en ik zijn echte popcultuurnerds en ik heb altijd een zwak gehad voor de late nineties en vroege nillies. Ik heb me dan ook enorm geamuseerd met al die vreemde trivia. Hans: Al was het soms ook confronterend om bepaalde dingen na al die jaren te herbekijken of te herbeluisteren. Neem nu High Fidelity: in onze herinneringen was dat een heel goede film. Tot we hem ter voorbereiding van de podcast herbekeken. Hoezo? Hans: Toen ik de film voor het eerst zag, was ik me bijvoorbeeld niet bewust van het flagrante seksisme waar ik nu niet meer naast kon kijken. Laten we eerlijk zijn: het hoofdpersonage van Rob Gordon (gespeeld door John Cusack, nvdr.) is niet al te best verouderd. (lacht) Hij is vaak obsessief, neurotisch, verbitterd en snobistisch, is ontzettend gemeen tegen zijn ex-vriendinnen en definieert zichzelf volledig op basis van zijn muzieksmaak. Joshi: Destijds vond ik Rob net heel vertederend. Nu categoriseren we zijn gedrag onder toxic masculinity. Na het herbekijken van High Fidelity bleven Simran en ik maar verontwaardigd naar elkaar sms'en: 'He's so awful!'Wanneer wordt dat een probleem? Gilmore Girls is bijvoorbeeld prima luiezondagtelevisie, maar gaat haast uitsluitend over rijke witte mensen en hun eerste-wereldproblemen. Joshi: Goh, het is nu eenmaal aangenaam vertoeven in de schijnbaar tijdloze wereld van Gilmore Girls, waar het continu herfst is, de koffie altijd klaarstaat en je elke avond take-away kunt bestellen. Dat wil nog niet zeggen dat ik het jaar 2000 mis. Als vrouw van kleur ben ik nu waarschijnlijk beter af. Hans: Ik geloof niet dat je jezelf in cultuur per se gerepresenteerd moet zien om ervan te genieten. In dat geval zouden onze opties wel érg beperkt zijn. Maar dat neemt niet weg dat het boeiend is om een reeks als Gilmore Girls achteraf te analyseren. Je kunt van iets genieten en er tegelijk kritisch tegenover staan. Joshi: Toen vier jaar geleden de reboot Gilmore Girls: A Year in the Life verscheen, merkte je dat er iets veranderd was. De context en de verwachtingen zijn vandaag anders en we zijn als kijker een pak kritischer geworden. Dingen waar toen niet eens over werd nagedacht, zijn intussen de norm geworden. Het valt op hoe hard onze mening over popcultuur intussen is veranderd. High Fidelity was cult, maar smaakt nu bij momenten wat wrang. Destiny's Child en Big Brother werden destijds weggezet als platte commercie, maar zijn vandaag voer voor diepgravende analyses. Hans: Absoluut. Vandaag is het ondenkbaar dat de muziekpers Beyoncés nieuwe album zou negeren, wat bij Destiny's Child wel gebeurde. Het is acceptabel geworden om op een serieuze manier over de mainstream te schrijven, of het nu gaat om popmuziek of blockbusters. Deels doordat cultuurjournalistiek diverser en toegankelijker is geworden, maar ook doordat journalisten eindelijk zijn gaan beseffen dat het geen steek houdt om de succesvolste artiesten van het moment te negeren. Destiny's Child had allicht ook een andere impact op jullie dan op die witte mannelijke collega's van weleer. In hoeverre speelt jullie identiteit een rol? Joshi: Dat gebeurt vooral onbewust. Ons perspectief is gewoon anders. Hans: De pitch van Twenty Twenty was niet: 'Twee vrouwen van kleur duiken in de popcultuur van twintig jaar geleden.' We bespreken al die films, muziek, series en boeken vanuit een oprechte liefde. Onze identiteit speelt daarbij geen grotere rol dan bij witte mannen. Joshi: Twintig jaar geleden waren er ook al ongelofelijk straffe zwarte cultuurcritici aan het werk, maar cultuurjournalistiek is in het algemeen lang een wittemannenwereld geweest. Ik heb lang gedacht dat een carrière in de cultuurjournalistiek niet voor mij was weggelegd, ook al was ik een ongelofelijke muzieknerd. Hans: Het is alleen maar logisch dat onze generatie andere dingen bejubelt. Dat is dan ook een van de overkoepelende vragen die we ons in de podcast stellen: waarom blijven sommige dingen in het collectieve geheugen plakken en zijn we andere allang vergeten? We kijken kritisch naar de canon en proberen vervolgens onze eigen canon samen te stellen. Je merkt aan veel dingen dat het jaar 2000 weer cool is. High Fidelity kreeg dit jaar een reboot met Zoë Kravitz in de hoofdrol, jongeren hijsen zich opnieuw in low-waistjeans, binnenkort wordt er in ons land een nieuw seizoen van Big Brother uitgezonden en The Sims en Gilmore Girls hebben de lockdown van menige fan opgefleurd. Hans: Voor dat laatste heb ik een simpele verklaring: mensen hebben gewoon te veel tijd. (lacht) Dan jaag je er al snel zeven seizoenen Gilmore Girls door. Joshi: Ik begrijp die nood wel. 2020 was een lastig jaar. Dan is het fijn om je af en toe te wentelen in het naïeve optimisme uit je kindertijd en terug te grijpen naar de nostalgie uit je jeugd. Ik heb dit jaar bijvoorbeeld heel veel gehad aan The Sims. Terwijl ik zelf in lockdown zat op mijn appartement, kon mijn avatar wél allerlei spannende dingen beleven. Ideaal om je brein even af te leiden van wat er allemaal gaande is in de echte wereld. Tot slot: wat is jullie ultieme 2000-artefact?Joshi: De videoclip bij Say My Name van Destiny's Child. Hans: (verontwaardigd) Néé, dat wilde ik ook zeggen! De color-blocking, de choreografie, de looks, het bewegende interieur: die videoclip vat het jaar 2000 perfect samen. Bovendien was het voor heel wat mensen de eerste kennismaking met Beyoncé, Kelly en Michelle. En geef toe: het is en blijft een topschijf.