Met Bardo is het land opnieuw een band rijker die moeilijk voor één gat te vangen is: een beetje jazz, een beetje rock, wat spoken word, en vooral veel zin voor avontuur maken van Bardo's eerste langspeler een intense luistertrip, getekend door vijf muzikanten, onder wie twee broers uit een bekende artistieke familie.
...

Met Bardo is het land opnieuw een band rijker die moeilijk voor één gat te vangen is: een beetje jazz, een beetje rock, wat spoken word, en vooral veel zin voor avontuur maken van Bardo's eerste langspeler een intense luistertrip, getekend door vijf muzikanten, onder wie twee broers uit een bekende artistieke familie. Halfbroers, eigenlijk. Maar dat willen Gilles Vandecaveye-Pinoy (25, piano, ook in de weer met jazzcombo Steiger) en Cesar De Sutter-Pinoy (20, gitaar) eigenlijk niet gezegd hebben. 'We hebben verschillende vaders maar we zijn samen opgegroeid. Onze belangrijkste opvoeder was onze moeder', aldus Cesar. 'Officieel hebben we ook geen dubbele familienaam, maar we gebruiken die toch, uit respect.' Die moeder is dus actrice Marijke Pinoy, bekend van theatergezelschappen Compagnie Cecilia en Action Zoo Humain, tv-series als De smaak van De Keyser, Red Sonja en De dag, en films als Het gezin Van Paemel en Ben X. Haar enige dochter, Lotte, is eveneens actrice en oudste zoon Arend staat op de planken als acteur en danser. De vierde broer, Titus, is actief in de beeldende en de podiumkunsten en als drummer bij Peenoise, nóg een band met Gilles en Cesar. Bezige bende, die Pinoys. Maar Bardo dus, met klemtoon op de a. Gilles: Het is een term uit het Tibetaanse boeddhisme. Letterlijk betekent het iets als een tussenstaat. Voluit is het chikai-bardo, het moment waarop de geest na de dood het lichaam verlaat. Ik lees vaak over het boeddhisme en vond dat perfect aansluiten bij onze muziek. Met Bardo zijn we organisch gegroeid naar livesets zonder onderbrekingen tussen de nummers. Zo wordt het muziek waar je in gezogen wordt, iets dat het venster openzet voor een moment van transformatie. Bardo was in 2016 je masterproject aan het conservatorium van Gent maar leeft dus verder? Gilles: Ik had een halfjaar in Kopenhagen gestudeerd. Toen ik terugkwam in Gent, vond ik op school niet meteen mijn draai. Met Steiger was ik al even bezig, dus leek het me beter om als afstudeerproject iets nieuws op te starten, om mezelf uit te dagen. Jij hebt ook een academische muziekachtergrond, Cesar? Cesar: Toch niet. Van alle muzikanten in de groep ben ik de enige zonder een jazzachtergrond. Maar ik heb wel altijd muziek gespeeld, al van kleins af. Op mezelf vooral. Ik kreeg ook privéles van Geoffrey Burton(Arno, Hong Kong Dong, PJDS, nvdr.), die de eerste ep van Peenoise producete. Ik zit nu wel in de richting autonome vormgeving van het Kask, waar ik beeld en muziek combineer. In tegenstelling tot jullie zus Lotte en broer Arend zijn jullie niet in moeders voetstappen, richting het theater, getreden. Gilles: Zelfs onze opa langs mama's kant zat in het amateurtheater! Maar ze heeft niemand van ons ooit richting acteren willen pushen. Daartegenover stond wel dat we muziekschool moesten volgen. Verplicht (lacht) Bewust over alles nadenken, bewust in het leven staan: dat was het voornaamste dat erin geramd werd tijdens onze opvoeding. Cesar: Het gevoel voor dramaturgie is trouwens wel degelijk aanwezig bij Bardo. Doordat we live zonder onderbrekingen spelen, zijn onze shows evenveel voorstelling als optreden. En binnenkort is 1:1 nog eens in Brussel te zien (op 20/4, bij Bronks, nvdr.), een theaterstuk van Arend waarin we met alle broers op het podium staan. Gilles: Ook ons gebruik van spoken word kun je een theaterinvloed noemen, zij het dan onbewust. Toen ik terugkwam uit Kopenhagen was dat met verschillende, zelfgeschreven teksten in mijn bagage. Die hebben me geïnspireerd tot een bepaald soort muziek. Die muziek, een hybride van prog en noiserock, met jazzinvloeden, vind je wel bij meer Gentse bands terug. Bij Nordmann, bijvoorbeeld, maar ook bij The Germans en Hypochristmutreefuzz. Crossover is terug een ding, blijkbaar. Cesar: Het zijn maar etiketten, hè. Ik denk dat je altijd muziek maakt naargelang wat je in jezelf vindt en wat je kent. Gilles en ik luisteren naar alle soorten muziek, het is maar normaal dat dat zich weerspiegelt in de muziek. Tegenwoordig zijn er geen grenzen meer. Iedereen kan werkelijk van alle soorten muziek, van alle culturen overal ter wereld proeven. Gilles: Juist. Ik geloof dat onze generatie de eerste is voor wie alle muziek altijd en overal beschikbaar is. Dat is een zegen, en een vloek. Wanneer iemand je een tip geeft, dan heb je via internet onmiddellijk de hele catalogus van die artiest ter beschikking. Tegelijk zorgt dat overaanbod ervoor dat het als muzikant moeilijker wordt om je te focussen. De Rolling Stones dompelden zich jarenlang onder in de Amerikaanse blues vooraleer ze er hun eigen versie van fabriceerden. Tegenwoordig is alles vluchtiger geworden. Dat zorgt ook voor grappige situaties: een journalist vergeleek Bardo eens met Robert Wyatt, terwijl ik die totaal niet kende. Maar daardoor ben ik wel zijn muziek beginnen te ontdekken. Ik hoor ook iets van Soft Machine, de groep waar Wyatt eind jaren zestig deel van uitmaakte, terug in Bardo. Gilles: Zo zie je maar: invloeden komen tegenwoordig van overal. (lacht)Tot slot: welk kenmerk zouden jullie als een typisch Pinoy-trekje omschrijven? Cesar: (zonder verpinken) Redelijk geniaal. En dus ook redelijk arrogant. (hilariteit)Gilles: Een zekere, door onzekerheid gevoede vastberadenheid misschien? Bereid zijn om jezelf in vraag stellen, maar tegelijk ook koppig vasthouden aan je mening. Als we met ons allen ergens over discussiëren, is het meestal een kwestie van smaak. En net over smaak valt nu eigenlijk niet te twisten. Het gebeurt in de beste families, zeker?