Stilte voor de storm. Beter is de sfeer in Gent niet te omschrijven. Wat de buienradar ook voorspelt, vandaag barsten de Feesten los. Tien dagen non-stop georganiseerde en (grotendeels) getolereerde overlast in de binnenstad. Een luidruchtig en kleurrijk openluchtbacchanaal, bekend en berucht tot ver buiten onze grenzen. Uniek in zijn soort. Alleen in Gentje, en om verschillende redenen is het nu al een historische editie.

Zo zijn het de eerste Gentse Feesten onder het bewind van Mathias De Clercq, de burgemeester die zich kort na zijn aanstelling bij een deel van feestend Gent - maar ook ver daarbuiten - onpopulair maakte door in maart dit jaar de sluiting van de populaire nachtclub Kompass te bevelen. Zijn jonge, positieve en progressieve imago kreeg meteen een flinke knauw.

Of de eerste liberale Gentse burgervader in zestig jaar een invloed zal hebben op de Feesten, na drie decennia socialistisch bewind, blijft koffiedik kijken. Voorlopig is het business as usual: het hele centrum wordt ingepalmd door togen, eetkraampjes, pissijns, kermisattracties, dansvloeren, partytenten en podia. De steeds toenemende commercialisering waarmee die wildgroei aan tijdelijke constructies gepaard gaat is voor vele Gentenaren al jaren een doorn in het oog, maar de toegang tot alle openluchtactiviteiten - met de nadruk op muziek en (straat)theater - is nog steeds gratis.

Het rebelse karakter van de Gentse Feesten staat niet alleen onder druk van haar eigen succes.

De roep om meer subsidies om dat zo te houden weerklinkt al jaren, maar zoals bekend is de liberale, politieke familie geen al te groot voorstander van al wat ruikt naar overheidssteun. Benieuwd wat dat allemaal in de toekomst geven zal.

'De Gentse Feesten zijn van iedereen. Zo hebben we het van bij het begin bedoeld: een stadsfeest dat toegankelijk is voor alle soorten mensen. Daarom is het ook zo belangrijk dat het gratis blijft. De organisatie moet daar echt over waken, want er zijn altijd mensen die overal geld uit willen slaan' - woorden van Walter De Buck uit zijn laatste interview met Knack in 2014, het jaar van zijn overlijden.

Nog een reden dat deze Feesten historisch zijn: het is dit jaar precies een halve eeuw geleden dat volkszanger De Buck de ingedommelde Gentse Feesten nieuw leven inblies. Tot afgrijzen van het toenmalig gemeentebestuur van de katholieke strekking, die niks moesten weten van die hippies in café Het Trefpunt, aan Sint-Jacobs. 'Ze wisten niet wat hun overkwam. Al die vuilaards met hun lang haar!' aldus De Buck.

Dat rebelse, anarchistische en inclusieve karakter van ons jaarlijkse stadsfestijn staat niet alleen onder druk van haar eigen commerciële succes. Het zijn tenslotte ook de eerste Feesten sinds 26 mei 2019, de verkiezingsdag waarop Vlaanderen een extreme ruk naar rechts maakte. In Oost-Vlaanderen werd het Vlaams Belang de tweede grootste partij. En is hoofdstad Gent niet de plek waar Dries Van Langenhove zijn extremistisch conservatief jongensclubje Schild & Vrienden boven de doopvont hield? De stickers waarmee ze lantaarn- en verkeerspalen hebben beklad, met slogans als 'It's okay to be white' en 'Make Vlaanderen great again', dienen ter herinnering.

De winst van het VB in Gent bleef wel binnen de perken, van drie naar vier zetels, en het linkse kartel van Groen en SP.A is nog steeds de grootste formatie. Tijdens de Gentse Feesten geven we dan ook een eigen, zeer brede interpretatie aan 'eerst onze mensen'.

Lees hier onze volledige gids voor de Gentse Feesten.

Vooral op en rond het plein bij Sint-Jacobs dat sinds 2017 zijn naam draagt, waart de inclusieve geest van Walter De Buck nog steeds rond. Er zijn de traditionele Gentse zangstondes, er is plaats voor lokale, jonge en oude helden als Reena Riot en Roland, een Belpop Bonanza, jazz in alle gradaties en lokale punkbandjes, maar ook muzikale gasten uit Angola, Sierra Leone, Mali, Congo en Marokko.

Zo is op 24 juli de Anatolische muzieklegende Selda Bagcan te gast op het Walter De Buckplein. In de jaren 60 en 70 groeide ze met haar geëngageerde, psychedelisch getinte folk en rock uit tot een icoon van de moderne, Turkse muziek. Na de militaire staatsgreep in Turkije van 1980 werd ze bestempeld als dissidente, vloog ze verschillende keren achter de tralies en werd zelfs haar paspoort in beslag genomen.

Toch bleef ze strijden, onder meer voor de rechten van de Koerdische minderheid en persvrijheid in haar land. Inmiddels groeiden haar oude albums ook in het Westen uit tot cultklassiekers. Toen de zangeres zes jaar geleden aantrad in de Vooruit, zat de theaterzaal afgeladen vol, met Turkse én Gentse Belgen. Hetzelfde liedje vorig jaar, toen ze voor een extatische AB stond. Dat belooft.

Bagcan is wat Walter De Buck in zijn laatste Knack-interview - naar zichzelf refererend - 'een goestingdoener' noemde. Iemand die folklore en een progressief wereldbeeld met elkaar verzoent en niet omziet naar zere tenen. Haar passage op Sint-Jacobs is, vijftig jaar na zijn pioniersrol, een treffend eerbetoon aan de vader van de Gentse Feesten zoals we ze vandaag kennen.

Honderd of honderdduizend reclamepanelen van Media Markt, zwarte zondag, een rode of een blauwe burgemeesterssjerp: maakt niet uit. In Gent zijn we goestingdoeners, en we gaan onze feesten tuupe tegoare vieren met onze Turkse, Maghrebijnse, Oost-Europese en Afrikaanse buren. Mét een brakke Irish coffee. De Gentse Feesten zijn en blijven van iedereen. 't Zal wel zijn.

Elke vrijdag linkt Jonas Boel de politieke actualiteit aan de muzikale geschiedenis.