In de VS stond het jonge, nieuwbakken congreslid Ilhan Omar de voorbije week in het oog van een politieke storm. De reden? Omar had in een Twitterdiscussie met een journalist gesuggereerd dat de vrijwel onvoorwaardelijke Amerikaanse steun voor Israël onder meer voortkomt uit de financiële donaties voor politici van de lobbygroep American Israel Public Affairs Committee (AIPAC) 'It's all about the Benjamins, baby', tweette ze. Een songtitel van Puff Daddy, trouwens. 'Benjamins' is slang voor dollars.
...

In de VS stond het jonge, nieuwbakken congreslid Ilhan Omar de voorbije week in het oog van een politieke storm. De reden? Omar had in een Twitterdiscussie met een journalist gesuggereerd dat de vrijwel onvoorwaardelijke Amerikaanse steun voor Israël onder meer voortkomt uit de financiële donaties voor politici van de lobbygroep American Israel Public Affairs Committee (AIPAC) 'It's all about the Benjamins, baby', tweette ze. Een songtitel van Puff Daddy, trouwens. 'Benjamins' is slang voor dollars.Voor velen een brug te ver, en Omar werd onder vuur genomen voor vermeend antisemitisme en haatdragende taal. Goed om te weten: Omar is Democrate, moslima en de eerste verkozene in het Amerikaans Congres die een hidjab draagt. Ook belangrijk: samen met Rashida Tlaib, een andere, pas verkozen Democratische moslima, sprak ze eerder al haar steun uit voor Boycott, Divestment, Sanctions (BDS), een beweging die oproept tot een boycot van Israël en strijdt voor de mensenrechten in Palestina. BDS ontstond in de buik van de Palestijnse samenleving en spiegelt zich aan de internationale antiapartheidsbeweging, die in de jaren 80 via een culturele, economische en academische boycot met succes het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime isoleerde. Die boycot kreeg destijds veel weerklank vanuit de popmuziek. Een grote verzameling sterren engageerden zich als Artists United Against Apartheid, wat tot de enige videoclip ooit leidde waarin zowel Miles Davis, Lou Reed als Run-D.M.C. te zien zijn. In juni 1988 was er Nelson Mandela 70th Birthday Tribute, een megaconcert in Wembley. Ook BDS kan op solidariteit vanuit de muziekwereld rekenen. Onder anderen Roger Waters van Pink Floyd, Brian Eno en Thurston Moore van Sonic Youth werpen zich op als spreekbuis. Elvis Costello, Portishead, Pixies, Lana Del Rey, Lorde, How To Dress Well, TV On The Radio, Ross From Friends, The Knife, Wolf Alice en vele anderen weigerden de voorbije jaren in Israël te spelen. Er bestaat zelfs een splintergroep, DJs4BDS, die dj's overal ter wereld verenigt. Een open brief die oproept om het Eurosongfestival in Israël te boycotten, werd mee ondertekend door Belgische artiesten als Helmut Lotti, Daan, Raymond Van Het Groenewoud en Stef Kamil Carlens.Maar net zoals in de politiek kent BDS ook in de muziek z'n voor- en tegenstanders. Nick Cave, bijvoorbeeld, neemt de Palestijnse kwestie wel ter harte, zo schreef hij in een brief naar Brian Eno, maar noemt tegelijk de boycot, en de druk die Eno en co op artiesten uitoefenen, 'laf en beschamend'. Ook Thom Yorke, die twee jaar geleden met Radiohead in Tel Aviv ging spelen, denkt er het zijne van. 'Playing in a country isn't the same as endorsing its government', schreef hij in een Twitterboodschap. Tenslotte, redeneert Yorke niet geheel onterecht, speelt Radiohead toch ook in Amerika zonder daarmee het beleid van Donald Trump te onderschrijven? Een kwestie die veel vragen oproept. Hadden Nick Cave en Thom Yorke, met de argumenten van vandaag, in de jaren 80 het muzikale embargo rond Zuid-Afrika dan doorbroken? Niet álle blanke Zuid-Afrikanen waren pro-apartheid, net zoals niet alle Israëli's fanatieke zionisten zijn. Hoe weeg je solidariteit met de door Israëlische staat onderdrukte Palestijnse bevolking af ten opzichte van het tegemoetkomen van Israëlische fans? En als Thom Yorke, zoals hij de eind vorige week deed, het brexitkabinet van Theresa May kan vergelijken met 'de begindagen van het Derde Rijk', waarom is hij dat niet gevoeliger voor de Palestijnse getto's van Gaza en de Westoever? Maar vooral: in plaats van op Twitter te palaveren, waarom zíngen al die artiesten - pro en contra boycot - er niet over? Want de muzikale antiapartheidsbeweging was meer dan Zuid-Afrika passeren tijdens een wereldtournee. In 1980 opende Peter Gabriel vele oren met zijn single Biko, over de vermoorde antiapartheidsactivist Steve Biko. Bono himself gaf achteraf toe dat Biko hem de weg had getoond richting de gruwelen van het apartheidsregime. In 1984 scoorde The Special A.K.A. een dikke hit met Free Nelson Mandela, dat aandacht vroeg voor het lot van politieke gevangenen in Zuid-Afrika. Er was Mandela Day van Simple Minds, Johannesburgvan Gil Scott Heron, en It's Wrong van Stevie Wonder. Niks van dat alles vandaag. Niemand die een song schreef over Mohammed Abu Sakha, een Palestijns circusartiest die twee jaar in een Israëlische cel zat, zonder aanklacht of proces, voor hij vorig jaar werd vrijgelaten. Hij was een van de momenteel duizenden politiek gevangen in een Israëlische cel. In december 2018 waren 203 van die gevangen minderjarig. Kinderen dus, in 'de enige democratie in het Midden-Oosten', zoals de slogan luidt. Kinderen zoals Ahed Tamimi, het nu achttienjarige meisje dat acht maanden in de gevangenis zat, omdat ze een oorveeg had uitgedeeld aan twee Israëlische soldaten die haar vijftienjarige neefje met rubberkogels in het gezicht hadden geschoten. Brian Eno en Nick Cave kunnen kibbelen wat ze willen en spelen of niet spelen in Tel Aviv of Jeruzalem. Maar is er dan niemand die wil zingen over alle Palestijnse kinderen die achter tralies zitten? Misschien kunnen de heren muzikanten daar mee beginnen, en, wie weet, ontstaat dan onderling, bij hun publiek, en in de politiek, wel een breder draagvlak - het politieke mot du jour! - om al dan niet over een boycot te discussiëren. Nooit gedacht dat ik het zou schrijven, maar: neem een voorbeeld aan Peter Gabriel.