Als kleuter verf-, kook- en andere potten molesteren om vervolgens een punkbandje te beginnen: zo ziet de kindertijd van de meeste drummers eruit. Zo ook die van Gert-Jan Loobuyck, al bleef hij niet plakken in de gitaarmuziek. Zijn alias Wolker klinkt zowaar filmisch.

Loobuyck begon dus te trommelen op de verfpotten van zijn opa, die schilder was. 'Ge zou beter stoppen met mijn potten kapot te maken', kreeg hij te horen voor hij van zijn nonkel twee 'tamtamkes' kreeg om op te slaan, die later werden ingeruild voor een drumstel. 'Ik luisterde veel naar Safri Duo', lacht hij. Op zijn achtste was hij een grote fan van het Deens percussieduo en speelde hij de nummers na.

Hij leerde ook gitaar spelen en zat op zijn twaalfde al in dat onvermijdelijke punkrockbandje. Het resultaat daarvan noemt hij bescheiden 'niet echt speciaal'. Later speelde Loobuyck basgitaar bij Mickey Doyle, een project van Michiel Libberecht voor die laatste met Mooneye naar De Nieuwe Lichting trok.

Tot zover het stereotiepe scenario. In 2017 maakte hij de soundtrack voor Opa, een film over een kleindochter die in het verleden van haar grootvader wroet. De soundtrack kwam uit als de single Situations, meteen het geboortekaartje van Wolker.

Loobuyck maakt alles in zijn slaapkamer. Maar bedroom pop à la Girl In Red, Clairo of Gus Dapperton kan je het allerminst noemen. Daarvoor klinkt Wolker te wijds en zijn de teksten niet belangrijk genoeg. 'Het instrumentale is de essentie. Ik houd van dynamische filmmuziek en van nummers in een taal die ik niet versta.' Zoals die van het IJslandse Sigur Rós, bijvoorbeeld. 'De lyrics van de demo-versie van Talking Minds bestonden uit brabbeltaal, de definitieve tekst schreef ik er pas als laatste op.' Zoals bij Sigur Rós of Son Lux overheerst bij Wolker het instrumentale. Met die laatste band heeft Wolker ook het bombastische orkestgevoel gemeen. Niemand die op het eerste gehoor gelooft dat Talking Minds grotendeels door één man is ingespeeld.

In Wolker is Loobuyck dan ook drummer, pianist én gitarist. Toch voelt hij zich in al die instrumenten beperkt. Oplossing? Hij producet zijn eigen nummers. In het componeren en uittesten van instrumenten of software is hij vrij. 'Veel andere bands voegen gradueel gitaar en zanglijnen aan hun melodie toe. Ik begin meteen het nummer te arrangeren. Dat komt vanzelf. Ik ben een soort knutselaar.'

Op die manier schreef Wolker Talking Minds - overigens geen referentie naar Talking Heads, de artrockband uit de jaren tachtig. Het nummer is dankzij de percussie 'iets harder en dynamischer' dan Situations. Voor de ritmesectie schakelde Loobuyck immers Femke Decoene in, drummer bij The Very Very Danger en Juniper. Zo krijgen de drums in Talking Minds een glansrol. Niet onlogisch: het begon voor Loobuyck tenslotte allemaal bij verfpotpercussie.