Als u de afgelopen jaren een exotische wind voelde waaien die een beetje naar de Gentse Vlasmarkt rook, dan is het wellicht Dijf Sanders die uw richting uitblies. De producer-muzikant-alleskunner speelde ooit in popgroepen als Teddiedrum, maar vervelde de afgelopen jaren tot een muzikale wereldreiziger. Als Sanders' naam op de cd-hoes staat, al is het maar in het klein, weet je dat grenzen vervagen, genres grappen worden en Gentbrugge plots de hoofdstad van Gambia kan zijn. Dat bewees de producer-muzikant-alleskunner de afgelopen jaren als helpende hand bij MDC III, Warhaus en The Germans, maar ook solo. Zo trok hij voor zijn geprezen vorige plaat Java naar Indonesië, waar hij zichzelf en zijn recorder onderdompelde in de plaatselijke cultuur.

Ook voor zijn nieuwe album Puja, dat in het voorjaar uitkomt, ging hij op excursie, maar dan naar Nepal. 'Eigenlijk wilde ik naar China, maar dat bleek al snel onmogelijk te zijn. Ik had aan enkele weken niet genoeg om door te dringen tot in de kern van dat land. Uiteindelijk is dat grote China de opmaat geworden naar het kleinere Nepal', zegt Sanders.

'Nepal is een heel ceremonieel land. Overal zie je prieeltjes en kleine gebedsplaatsen. Vandaar de titel van de plaat: Puja verwijst naar een hindoeïstisch of boeddhistisch ritueel', zegt de muzikant. 'Muzikaal kan je daar alle kanten mee op: er zijn repetitieve liederen met veel percussie die naar techno neigen, er zijn priesters wier gezangen bijna trance zijn.'

Elk nummer op Puja draagt de naam van een hindoeïstische en boeddhistische god. Zo heet de eerste single - of hoe dat ook heet bij iemand die zelden op pure popmuziek te betrappen is -Ravana, de god van het kwaad. 'In het begin hoor je een tungna, een Nepalese luit die ik heb gesampeld', legt Sanders uit. 'De mannenstem die halverwege invalt, is van een monnik die in een tempel stond te chanten. Ik ben gewoon naast zijn luidspreker gaan staan en heb het opgenomen.'

De rest van het nummer bouwde Sanders zelf op samen met saxofonist Mattias De Craene (Nordmann, MDC III), drummer Simon Segers (De Beren Gieren, MDC III) en sitarspeler Nicolas Mortelmans. Samen laten ze het nummer eerst kabbelen, dan pulseren en naar het einde toe bruisen. De rest van Puja moet hetzelfde doen met u, maar dan toch weer anders, zegt Sanders: 'De nummers passen bij elkaar, maar verschillen toch in alles van elkaar. Samen vormen ze een persoonlijk reisverslag. Niet "dit is Nepal", maar "ik ben Dijf, ik ben net terug van Nepal en dit wil ik met jullie delen".'

Als u de afgelopen jaren een exotische wind voelde waaien die een beetje naar de Gentse Vlasmarkt rook, dan is het wellicht Dijf Sanders die uw richting uitblies. De producer-muzikant-alleskunner speelde ooit in popgroepen als Teddiedrum, maar vervelde de afgelopen jaren tot een muzikale wereldreiziger. Als Sanders' naam op de cd-hoes staat, al is het maar in het klein, weet je dat grenzen vervagen, genres grappen worden en Gentbrugge plots de hoofdstad van Gambia kan zijn. Dat bewees de producer-muzikant-alleskunner de afgelopen jaren als helpende hand bij MDC III, Warhaus en The Germans, maar ook solo. Zo trok hij voor zijn geprezen vorige plaat Java naar Indonesië, waar hij zichzelf en zijn recorder onderdompelde in de plaatselijke cultuur. Ook voor zijn nieuwe album Puja, dat in het voorjaar uitkomt, ging hij op excursie, maar dan naar Nepal. 'Eigenlijk wilde ik naar China, maar dat bleek al snel onmogelijk te zijn. Ik had aan enkele weken niet genoeg om door te dringen tot in de kern van dat land. Uiteindelijk is dat grote China de opmaat geworden naar het kleinere Nepal', zegt Sanders.'Nepal is een heel ceremonieel land. Overal zie je prieeltjes en kleine gebedsplaatsen. Vandaar de titel van de plaat: Puja verwijst naar een hindoeïstisch of boeddhistisch ritueel', zegt de muzikant. 'Muzikaal kan je daar alle kanten mee op: er zijn repetitieve liederen met veel percussie die naar techno neigen, er zijn priesters wier gezangen bijna trance zijn.'Elk nummer op Puja draagt de naam van een hindoeïstische en boeddhistische god. Zo heet de eerste single - of hoe dat ook heet bij iemand die zelden op pure popmuziek te betrappen is -Ravana, de god van het kwaad. 'In het begin hoor je een tungna, een Nepalese luit die ik heb gesampeld', legt Sanders uit. 'De mannenstem die halverwege invalt, is van een monnik die in een tempel stond te chanten. Ik ben gewoon naast zijn luidspreker gaan staan en heb het opgenomen.' De rest van het nummer bouwde Sanders zelf op samen met saxofonist Mattias De Craene (Nordmann, MDC III), drummer Simon Segers (De Beren Gieren, MDC III) en sitarspeler Nicolas Mortelmans. Samen laten ze het nummer eerst kabbelen, dan pulseren en naar het einde toe bruisen. De rest van Puja moet hetzelfde doen met u, maar dan toch weer anders, zegt Sanders: 'De nummers passen bij elkaar, maar verschillen toch in alles van elkaar. Samen vormen ze een persoonlijk reisverslag. Niet "dit is Nepal", maar "ik ben Dijf, ik ben net terug van Nepal en dit wil ik met jullie delen".'