Zet Folklore de 'veel coolere' indiewereld een neus?

Een van Taylors Swifts specialiteiten is het afserveren van lieden die het bij haar hebben verkorven, van Kanye en Kim tot Katy, van ex-platenbazen tot vooral veel exen in het algemeen. In haar nummer We Are Never Ever Getting Back Together uit 2012 voerde Swift zo'n in de graskant geduwde sukkel op, die blijkbaar wel iets had met wat ze laatdunkend een 'indie record that's much cooler than mine' noemde. Welke sukkel dat dan wel was? Het had er zomaar een van The National kunnen zijn, leveranciers van somberende, plechtstatige en existentiële rock sinds 1999.
...

Een van Taylors Swifts specialiteiten is het afserveren van lieden die het bij haar hebben verkorven, van Kanye en Kim tot Katy, van ex-platenbazen tot vooral veel exen in het algemeen. In haar nummer We Are Never Ever Getting Back Together uit 2012 voerde Swift zo'n in de graskant geduwde sukkel op, die blijkbaar wel iets had met wat ze laatdunkend een 'indie record that's much cooler than mine' noemde. Welke sukkel dat dan wel was? Het had er zomaar een van The National kunnen zijn, leveranciers van somberende, plechtstatige en existentiële rock sinds 1999. Doorspoelen naar april van dit jaar. Swift verkeert net als zovelen in lockdown en schrijft aan de lopende band al haar 'grillen, dromen, angsten en mijmeringen' neer. Ze besluit The National-gitarist Aaron Dessner in het geheim tot een samenwerking te porren. Dessner, die als hij thuis is in het landelijke upstate New York elke dag wel eens afzakt naar de Long Pond-studio op zijn erf, stemt in. Meteen beseft hij in welke high profile situatie hij is gestapt. Maandenlang zal hij zelfs voor zijn achtjarige dochter verzwijgen met wie hij vrijwel dagelijks muziekbestanden, telefoontjes en tekstberichten uitwisselt. Hij stuurt Swift losse muzikale schetsen, zij riposteert verbazend gezwind met tekst en zanglijnen. Het is duidelijk dat Swift gebrand is op resultaat. Allicht ziet ze alleen maar de voordelen van een uit het niets te verschijnen coronaplaat. Die kan haar imago van berekende, in tweejarenplannen denkende popdiva ontkrachten, en misschien straalt er wat van de credibiliteit van haar medestanders op af. Want naast Aaron Dessner als cosongschrijver en -producer buigt diens broer Bryce zich over de orkestrale arrangementen, terwijl een van Swifts andere onverdachte chouchous, Bon Iver, voor een coronaveilig duet tekent. Dessner heeft uiteindelijk de hand in elf van de zestien regulier verschenen nummers, die een milde indiefolkstempel dragen. Toch verdient Swift zelf ook eer, door na een resem uitgekiende, uit suikerspin gewonnen popplaten haar publiek weer te verrassen. Al moet je na ettelijke luisterbeurten vaststellen dat Folklore ondanks Dessners aandeel in wezen óók een popplaat is, zij het in grijstinten.Het thematische buitenbeentje op de plaat heet The Last Great American Dynasty. Daarin trekt Swift als decor haar eigen stulp aan de kust van Rhode Island op, onderdeel van haar intussen zevenledige vastgoedportefeuille. Centraal, en met hoorbaar genoegen, zet ze daarin een vorige eigenares van het pand: Rebekah Harkness, de extravagante weduwe van een oliemagnaat, was een madam die tot ontzetting van de goegemeente het zwembad liet vullen met Dom Pérignon, een balletgezelschap op elk uur van de dag toestemming gaf om te repeteren in haar voortuin, in een ruzie met een buurman diens hond weglokte en groen schilderde, feestjes gaf met haar vriendinnengroep die The Bitch Pack werd genoemd en verordonneerde dat haar as moest worden bewaard in een door Salvador Dalí ontworpen urne. Swift, in haar carrière zelf ook niet gespaard van tegenkanting, heeft schik in die calamiteiten: 'And they said / There goes the last great American dynasty / Who knows, if she never showed up, what could've been / There goes the maddest woman this town has ever seen / She had a marvelous time ruining everything.' Goeie zin trouwens, die laatste. Toch wordt het een beetje netelig wanneer de notoir brave en burgerlijke Swift zich aan het eind van de song identificeert met die rebelse, zotte socialite, die in 1982 haar laatste adem uitblies. 'Fifty years is a long time / Holiday House sat quietly on that beach / Free of women with madness, their men and bad habits / And then it was bought by me.' Dat Swift Harkness' huis dus heeft gekocht, een kast waarvoor ze in 2013 zo'n 17 miljoen dollar zou hebben neergeteld, moest ze klaarblijkelijk toch nog even gezongen krijgen. Een subtiele up yours naar eenieder die denkt dat vrouwen met fortuin de boel niet eens op stelten mogen zetten? Want ook Swift heeft er wel eens wat zwembadpartijtjes gegeven - met identieke badpakken voor haar squad en al - die fraai op Instagram zijn gedocumenteerd. Al zijn we niet de eersten om de bedenking te maken dat Swift daarmee feminisme alweer met succes gelijkstelt. Anderzijds: het zal later vast wel mooi staan in de glossy verkoopfolder van de makelaar: 'Dit pand telt acht slaapkamers, tien badkamers, heeft een magnifiek zeezicht én Taylor Swift heeft er een song over geschreven.' Regenboogpakjes op het podium, vermeende queer-codes op haar platen Reputation (2017) en Lover (2019), donaties aan de lgbtq-zaak en vooral véél andere zogenaamde allusies te onnozel om op te sommen... Een deel van Swifts fanleger wacht al jaren op haar biseksuele coming-out. In die kringen gedijt tevens het gerucht dat T-Swift en haar goede amice, het Amerikaanse model Karlie Kloss, de voordelen van hun vriendschap ook tussen de lakens zouden hebben getest. Nu is Taylor Swift natuurlijk een uiterst behendige zakenvrouw en experte in massacommunicatie. Vermoedens aandikken, tongen losmaken, mist spuien, de mythologie een beetje sturen, je moet het haar niet leren. Bovendien: tenzij u toevallig Johnny Depp heet, blijft álle reclame goed. En dus bedient Swift alle apostels van de Griekse liefde op hun wenken met Betty. Die song maakt officieus deel uit van wat Swift op Twitter zelf 'The Teenage Love Trilogy' op Folklore noemt, weliswaar zonder de betreffende songs te noemen. Aangenomen wordt dat we daarnaast in Cardigan en August een driehoeksverhouding volgen tussen twee tienermeisjes en een -jongen, telkens vanuit het perspectief van een van hen. Plausibel. Ware het niet dat de believers van de libertijnse zaak er meteen aan herinnerden dat a) Swift haar voornaam te danken heeft aan singer-songwriter James Taylor en b) Kloss' middelste naam Elizabeth luidt, kortweg Betty dus. Versta: Swift zingt over haar crush op Kloss. Hoewel een significant deel van de wereldbevolking wel andere dingen aan het hoofd heeft dan Swifts slaapkameractiviteiten, lijkt de zangeres hier dus op zijn minst het motto 'verkwansel nooit een goeie roddel' te hebben gehuldigd. Er bestaat ook een andere, saaiere theorie: dat Swift met Betty de voornaam van de derde spruit van het bevriende societykoppel Ryan Reynolds en Blake Lively heeft onthuld, aangezien de andere twee snaken uit haar drieluik James en Inez heten, naar de twee andere dochters (ja, dochters) van het stel. Maar nu, in vredesnaam: passons. Een cynicus zou kunnen opmerken dat la Swift er geen graten in ziet om minnaars te dumpen omdat het haar weer enkele hitsingles oplevert, of toch minstens de spoorzoekers aan haar bindt wier spel ze in lyrics en video's o zo graag meespeelt. Folklore lijdt een tik minder onder dat eeuwige 'hoor eens wat ik aan mijn dagboek heb toevertrouwd'-sfeertje. Behalve in Mad Woman lijkt ze qua afrekeningen ook aanzienlijk gedimd. Tussen haakjes: een hypothese zegt dat William Bowery, de volslagen onbekende met wie Swift twee songs op Folklore schreef, in feite haar huidige beau Joe Alwyn is. Tenzij - daar gaat de geruchtenmolen weer - die Bowery Swift zélf is (ze heeft zich tenslotte al eens het pseudoniem Nils Sjöberg aangemeten), óf haar jongere broer Austin Swift, óf andere BFF Lorde, óf godbetert Joni Mitchell. Maar laten we dit niet vermoeiender maken dan het moet zijn. Op Folklore schroeft Taylor Swift haar gebruikelijke egocentrisme terug ten faveure van vertelsels over ánderen. Goed, met de trilogie over de drie verliefde tieners blijft ze weeral in de zoete romantiek hangen, en bovendien lijkt dat idee van de drie standpunten een opdrachtje uit een creatief-schrijvenworkshop. Wél knap is de manier waarop Swift in Epiphany twee aparte scènes een gemeenschappelijke betekenis geeft: enerzijds haar grootvader die zich tijdens WO II naast een leegbloedende strijdmakker bevindt, anderzijds een verpleegster in een hedendaags ziekenhuis. Waarmee ze empathie toont voor de schrijnende toestanden in de strijd tegen covid-19. Het volstaat niet om Folklore zijn titel te doen waarmaken - het doorgeven van belangwekkende, sterke verhalen. Maar u had al door dat het bij het merk Taylor Swift lang niet alleen om de muziek draait. Folklore is omsloten door een kunstige hoes: Taylor Swift in een dwergrol naast een tros bomen, gevat in zwart-wit. Het duurde niet lang vooraleer vanuit een ander donker woud een zekere Ihsahn zich kenbaar maakte, symfonische-black-metalbeoefenaar van beroep. Dat heerschap - u misschien bekend van de Noorse band Emperor - meende in de voorkant van Folklore een doorslag te herkennen van het beeld dat zijn eerder dit jaar verschenen single Stridig siert. Er kwam een lachende emoji aan te pas en gelukkig maar, want zelfs een Noorse metalzanger moet erkennen dat er maar zo veel manieren zijn om een tros bomen in zwart-wit te vatten. Overigens heeft Swift verordonneerd dat Folklore fysiek in acht verschillende hoezen moet worden verspreid, en gaat de promotie ervan vergezeld van fotomateriaal dat de zangeres portretteert op een manier die u kunt kennen van naturalistische horrorfilms zoals Picnic at Hanging Rock, The Blair Witch Project of Midsommar. Zo ziet u maar, misschien is het met Taylor Swift-platen zoals met voetbalwedstrijden: de (over)analyse hoort erbij.