Only when I'm dancing I feel this free', zong ze in 1985. Sindsdien zijn al veel thesissen geschreven over Madonna Louise Veronica Ciccone. Sekssymbool, feministe, provocateur, patroonheilige, zakenvrouw, artiest, bekroonde actrice, geflopte filmster, tomboy, boy toy...: de Queen of Pop veranderde de voorbije drie decennia even vaak en even snel van gedaante als van kapsel en kleerkast.

Maar sinds haar steile opmars eind jaren 80 is er - het kleine dipje midden jaren 90 buiten beschouwing gelaten - één constante: haar succesvolle muziekcarrière. Samen met Prince behoort Madonna tot het steeds kleiner wordende kransje artiesten dat begin jaren 80 doorstootte tot de opperste echelons van de showbizz en er een permanente zetel verwierf. Was popmuziek een parlementaire democratie naar Belgisch model, dan was Madonna nu een minister van staat.

Het geheim van Madonna en haar schijnbaar oneindig rekbare houdbaarheidsdatum in een wereld waar wispelturigheid troef is, is moeilijk te ontcijferen. Alles afschrijven op haar gehaaide karakter is te makkelijk. Op koppigheid, ambitie en arrogantie alleen fundeer je geen carrière, en toch lijkt het grootste talent van Madonna net te liggen in het te gelde maken van haar rebelse en ondernemende natuur. Het succes van het merk Madonna is de som van een onwrikbare vastberadenheid, een neus die spontaan ruikt van waar de wind waait en een met gewiekste zorgvuldigheid verzamelde, wisselende entourage van producers, songschrijvers, stylisten en fotografen.

Het pad van Madonna als slimste teamplayer van de klas is geëffend: acht songschrijvers, een geoliede hitmachine als begeleidingsband, de juiste producer, de juiste fotograaf, de juiste stylist. Vertrouwelingen die met de kunde van een schaakmeester als pionnen uitgespeeld worden, op de juiste plaats, op het juiste moment.

Elk entertainmenticoon is samengesteld uit een cluster aan externe invloeden en factoren, en wanneer Madonna in 1978 met 35 dollar op zak in New York arriveert, valt ze met haar gat in de ideale meltingpot.

1982, Manhattan. In nachtclub Danceteria steelt een van de vaste danseressen de show. Haar naam is Madonna, en ze heeft zonet haar allereerste demo met enige dwang aan huis-dj Mark Kamins overhandigd. Het lichtvoetige nummertje heet Everybody en levert haar niet veel later een contract voor twee singles op bij Reprise, een zusterlabel van Warner. 'Gewoon, in staat zijn om andere mensen aan het dansen te brengen met je muziek: het was een magisch moment', herinnerde Madonna zich recent in het maandblad Mojo.

Begin jaren 80 levert postpunk de soundtrack bij het alternatieve, in verval zijnde New York. Disco is in 1977 commercieel opgeslokt door Saturday Night Fever, en de originele trendsetters van de scene nestelen zich opnieuw in de underground, waar ze verbroederen met punk, new wave en een ontluikende hiphopscene. Dit is de voedingsbodem waar Madonna haar eerste inspiratie opsnuift. In Danceteria danst ze schouder aan schouder met Keith Haring, Grace Jones, Jean-Michel Basquiat, The B-52's, Fab 5 Freddy en Debbie Harry. Het zijn hoogdagen voor bands als Kid Creole & The Coconuts, ESG en Talking Heads, voor clubs als CBGB, Paradise Garage en Mudd Club en dj's als François Kevorkian, Larry Levan en John 'Jellybean' Benitez, het liefje van Madonna.

Wanneer platenfirma Reprise het licht op groen zet voor een debuutalbum, duwt ze haar willetje door en stuurt ze met Jellybean de finale geluidsmix bij. Bij de release in 1983 wordt Madonna door het weekblad Time neerbuigend 'een met helium gevulde, lichterdan- luchtcreatie van MTV' genoemd, maar met Holiday scoort ze lekker wel haar eerste internationale hit. Het begin van een tijdperk, en meteen de bevestiging dat wanneer Madonna het laatste woord krijgt ze het meteen ook (terug)verdient.

'She tapped into the mind and hearts of female youth culture', zegt Nile Rodgers, de voorman van het legendarische discocombo Chic, die in 2013 door Daft Punk met Get Lucky opnieuw de publieke arena in werd geloodst. 'Madonna was hun woordvoerster.'

De girls next door van Amerika, en vooral zij die gebukt gaan onder het strenge katholieke juk, identificeren zich met het nieuwe schoonheidsideaal van Ciccone. Haar dubbelzinnige uitstraling bewerkt bovendien beide geslachten: meisjes willen haar zijn, jongens willen bíj haar zijn.

Rodgers werd, na eerdere successen met Diana Ross en David Bowie, ingelijfd als producer van Like a Virgin, in 1984 Madonna's tweede album en de plaat die de basis voor de mythe legde. 'Ze was de bijzonderste persoon die ik in mijn hele leven had ontmoet', aldus Rodgers, die Like a Virgin omschrijft als 'het laatste goede Chic-album, met Madonna als zangeres'. De successen liegen er niet om: Material Girl, Dress You Up, Into the Groove, de titeltrack... stuk voor stuk hitsingles waarmee Madonna haar imago van provocerende, schijnheilige stoeipoes in zijn vorm giet.

Moraalridders schreeuwen moord en brand, geschokt door de seksueel vrijgevochten en uitdagende songteksten en Madonna's - door modefotograaf Steven Meisel vastgelegde - ambigue beeltenis op de hoes: poserend op bed in een trouwjurk met een riem waar in grote letters 'boy toy' op prijkt. Half maagd, half hoer. Half lustobject, half lustig subject. Voor Madonna is het een onafhankelijkheidsverklaring, voor haar snel groeiende schare vrouwelijke fans betekent het inspiratie, voor de media is het een godsgeschenk en voor neoconservatieven een reden om haar op de zwarte lijst met al te aangebrande artiesten te zetten, naast Venom, Prince, Mötley Crüe, Judas Priest en Cyndi Lauper.

Terwijl voor- en tegenstanders bekvechtend over straat rollen, breken het album en de singles records, en tijdens de Like a Virgin-tournee zijn de sportstadions tot de nok gevuld. In het voorprogramma staat een jong, blank, vuilbekkend raptrio: de Beastie Boys, oude bekenden van de werkvloer in Danceteria.

De styling van de podiumoutfits is in handen van Maripol, een andere oudgediende uit de postpunkscene van New York. Zij bedenkt de oorbellen met crucifix, de kanten handschoenen met afgesneden vingertopjes en de zwarte plastic armbanden, accessoires die als zoete broodjes over de toonbank gaan. Het pad van Madonna als slimste teamplayer van de klas is geëffend: acht songschrijvers, een geoliede hitmachine als begeleidingsband, de juiste producer, de juiste fotograaf, de juiste stylist. Vertrouwelingen die met de kunde van een schaakmeester als pionnen uitgespeeld worden, op de juiste plaats, op het juiste moment. De rebelse aard van een geboren controlefreak maakt het plaatje compleet. Na Like a Virgin is Madonna de navel van de popmuziek.

Het lijkt nu alsof Madonna zichzelf per nieuw album een steeds jonger imago tracht aan te meten, en in plaats van de trends uit te zetten, holt ze die achterna.

Maar waarom werd Madonna Madonna, en niet Cyndi Lauper? Lauper is een generatiegenoot, is even prikkelend, scoort vlot verteerbare hits én is een betere zangeres - het beperkte stembereik van Madonna zal voor altijd haar achilleshiel blijken. Cyndi Lauper is eigenlijk té stout, altijd punk gebleven. Zoals Time in 1985 schrijft, in het opiniestuk 'Madonna Rocks the Land': 'Wie als Cyndi Lauper wil zijn, moet haar haar oranje en fuchsia kleuren, en dan flippen je ouders.'

Om te dwepen met Madonna volstaan een kanten beha uit de tweedehandswinkel, een paar ingekorte leggings en een T-shirt waarop 'virgin' staat uitgespeld. Ze liggen in de etalage van winkelketen Macy's. De girls next door van Amerika, en vooral zij die gebukt gaan onder het strenge katholieke juk, identificeren zich met het nieuwe schoonheidsideaal van Ciccone. Haar dubbelzinnige uitstraling bewerkt bovendien beide geslachten: meisjes willen haar zijn, jongens willen bíj haar zijn. Een beetje zoals George Clooney ooit, maar dan omgekeerd. Tussen haar eerste en tweede plaat ontwikkelde Madonna zich als een tot in de details geperfectioneerd totaalpakket.

Met de albums True Blue (1986) en Like a Prayer (1989) wordt het merk Madonna - ietsje volwassener maar evenveel tegen heilige huisjes schoppend - nog versterkt. Vooral met de titelsong van - en videoclip bij - Like a Prayer bewijst ze nog eens haar talent voor berekende controverse. Het Vaticaan spreekt publiekelijk schande van de vele scènes met brandende crucifixen, stigmata en een zwarte Christus - figuur. Frisdrankfabrikant Pepsi, die de single in een commercial gebruikt, verbreekt onder druk van een boycot zijn contract met Madonna.

Relletjes die haar geen windeieren leggen: de Blonde Ambition-tour, die in 1990 volgt op Like a Prayer, staat nog steeds te boek als een van de succesvolste en lucratiefste ooit Rolling Stone roept de tournee later zelfs uit tot de beste van het hele decennium. 1990 is ook het jaar van Vogue, de monsterhit uit de soundtrack van de film Dick Tracy, en het jaar wordt in schoonheid afgesloten met The Immaculate Collection, Madonna's eerste greatest hits. Een piekmomentje, heet dat dan.

Op de hoes van American Life (2003) poseert ze als een vrouwelijke Che Guevara, maar de krakkemikkige mix van electronica en rock is bezwaarlijk revolutionair te noemen.

Seks verkoopt, vooral in combinatie met onschuld. Madonna was niet de eerste om dat te beseffen en uit te spelen. Vele vrouwelijke sterren gingen haar voor: van Mae West en Marlene Dietrich, over Marilyn Monroe, Nancy Sinatra tot Debbie Harry, allen voorbeelden voor Madonna. Maar ze was wel degene die het op zo'n onverschrokken en ondubbelzinnige manier deed, op wereldschaal bovendien. Een glossy fotoboek met naaktfoto's van jezelf publiceren, onder de titel Sex, ter promotie van een plaat die Erotica (1992) heet? Begin jaren negentig laat Madonna bitter weinig aan de verbeelding over. Van stoeipoes naar sm, van trouwjurk naar lederen bondage. Weg met de dubbelzinnigheid, lijkt La Ciccone te denken, en ze knijpt de tube glijmiddel tot het laatste kwakje leeg.

Ook muzikaal maakt ze schoon schip. Ze ruilt haar jarenlange producer en muzikaal coördinator Patrick Leonard in voor de hedendaagse dancebeats van Shepp Pettibone. Voor Justify My Love hokt ze in de studio samen met Lenny Kravitz. Alle blote ledematen, natte tongzoenen, het geflirt met homoseksualiteit, het veelvuldig gekreun en gehijg ten spijt kan de plaat niet verhullen dat Madonna met een probleem zit: zichzelf. Het zo zorgvuldig opgebouwde imago van het meisje dat zonde en loutering als Chinese massagekogels plagend over haar vingers laat glijden, heeft zijn plafond bereikt. Ook op controverse komt sleet. Seks verkoopt, maar op een dag wordt een mens zelfs de pikantste standjes moe.

Madonna tracht het tij te keren met Bedtime Stories (1994) en Something to Remember (1995), nauwelijks verholen geheugensteuntjes voor het grote publiek dat ze meer is - of was? - dan een rampetampende bimbo. Het rijtje producers groeit aan met onder meer Nellee Hooper, Babyface en Dave 'Jam' Hall, er wordt gestoeid met contemporary r&b, samengewerkt met Massive Attack (voor een cover van Marvin Gayes I Want You) en zelfs David Foster, producer en songschrijver voor Barbra Streisand en Céline Dion, wordt van stal gehaald om Madonna een rijper imago aan te meten.

Ze slaagt pas in haar opzet in 1998, met het album Ray of Light. Als kersverse moeder in de ban van kabbala slaagt ze er samen met producer William Orbit in zich een nieuwe identiteit aan te meten: spiritueel, puur, gesofisticeerd. Volwassen dus. Wijsheid komt met de jaren, en critici en publiek drukken Madonna - 40 op dat moment - opnieuw aan de collectieve boezem. Het had een permanente ommekeer kunnen zijn, een tweede fase met nieuwe, eindeloze mogelijkheden en mogelijke doelen.

Misschien is de relevantie van royalty in de popmuziek anno 2018, nu de grens tussen underground en pop steeds vager wordt, net als die van royalty in de echte wereld van kernafval en diarree nihil geworden.

Het had gekund, maar het mocht niet zijn. Want vanaf Music (2000) komt de krolse Madonna weer tevoorschijn, uitgedost in een kitscherig cowboytenue. Op de hoes van American Life (2003) poseert ze als een vrouwelijke Che Guevara, maar de krakkemikkige mix van electronica en rock is bezwaarlijk revolutionair te noemen. Haar nieuwe producer, de Fransman Mirwais, is geen Nile Rodgers. Voor Confessions on a Dance Floor (2005) is hij alweer aan vervanging toe. De nieuwe chouchou van Madge heet Stuart Price, aka Jacques Lu Cont van Les Rhythmes Digitales. Een dj, zoals Jellybean zoveel jaren eerder, en eentje die de formule kent van een deugdelijke dansdeun: 'A little songwriting naivety mixed with focus on the simple hook', aldus Price in Mojo. Madonna schrijft een brief naar Abba en mag hun Gimme, Gimme, Gimme samplen in Hung Up. De les aerobics voor rijpere gevorderden krijgt u er in de videoclip gratis bij.

Het lijkt nu alsof Madonna zichzelf per nieuw album een steeds jonger imago tracht aan te meten, en in plaats van de trends uit te zetten, holt ze die achterna. Met Hard Candy (2008) springt ze op de r&b-trein en heten haar handlangers Timbaland, The Neptunes en Justin Timberlake. De zwarte lederen knielaarzen waarmee ze op de hoes poseert, worden gerecycleerd uit de Erotica-periode.

En daar blijft het niet bij. Want op MDNA (2012) waait de belegen geur van opgewarmde kost je nog sterker tegemoet. De opgedraaide beats komen uit de koker van hedendaagse danceproducers als Martin Solveig en Benny Benassi, maar in de teksten holt Madonna zichzelf achterna: Girl Gone Wild opent, net als Like a Prayer, met een gebed. In Some Girls is sprake van 'a virgin' en 'put your loving to the test' - zie Like a Virgin en Express Yourself. Tijdens Superstar worden de namen van Hollywoodiconen als James Dean en Marlon Brando afgedreund, net zoals Marlene Dietrich en Marilyn Monroe destijds de revue passeerden in Vogue.

In Danceteria danst Madonna schouder aan schouder met Keith Haring, Grace Jones, Jean-Michel Basquiat, The B-52's, Fab 5 Freddy en Debbie Harry.

Zou Madonna - een popster die groot werd dankzij haar singles, maar tegen wil en dank van elke albumrelease een event wist te maken - tegenwoordig meer waarde hechten aan de setlist van haar liveshows dan aan de tracklist van haar langspelers? Het zou verklaren waarom haar singles - en haar imago - steeds meer lukraak samengestelde, inwisselbare doorslagjes lijken, in plaats van de compacte feestartikelen van weleer. Kwestie van die medleys en kostuumwissels tijdens een tournee op voorhand niet te ingewikkeld te maken. 'Triomf noch ramp', schreef The Guardian over MDNA, 'just another Madonna album.'

'Gewoon een zoveelste Madonnaplaat' is het laatste wat je wenst van Madonna. Nochtans lijkt het erop dat ook Rebel Heart slechts het bewijs zal leveren dat Madonna tegenwoordig achterophinkt, zoals de Los Angeles Times over MDNA beweerde - 'She is no longer setting the conversation'. Als er al gepraat wordt over Madonna's dertiende worp, dan vanwege het - al dan niet georkestreerde - lekken van de plaat en over de vele spraakmakende cameo's van onder meer Mike 'lend me your ear' Tyson, EDM-bonzen Avicii en Diplo, Grimesmedewerker Blood Diamonds, het toen nog opkomende talent Chance the Rapper en een uitgebreid peloton Zweedse hitfabrikanten, onder wie Rami Yacoub, coauteur van... Baby One More Time. Ook Kanye West is van de partij, hij die tegenwoordig overal de show steelt door gewoon Kanye te zijn.

Ooit was opdraven voor Madonna ook voldoende. Zoals die keer dat ze Michael Jackson vergezelde naar de Oscars. Enfin, we dwalen af, maar net als Kanye heeft Madonna dus twee voetbalploegen personeel nodig om een plaat te maken. Om Devil Pray, een van de gelekte tracks van Rebel Heart tot een goed einde te brengen, waren er zomaar eventjes vier songschrijvers en vijf producers nodig. Voor een popliedje van vier minuten. Britney Spears, Christina Aguilera, Kylie Minogue, Gwen Stefani, Lady Gaga... de Queen of Pop wist ze tot nu toe af te houden of voor te blijven. Herinner u de judaskus die ze uitwisselde - of moeten we zeggen: afdwong? - met Britney tijdens de MTV Video Music Awards in 2003. Hoe zielig is het dan om nu met een songtitel als Bitch I'm Madonna uit te pakken, acht jaar na 'it's Britney, bitch!'

Is Madonna dat hele gedoe met kruisbeelden en kruistasten trouwens zelf niet ellendig moe? Of hebben wij gewone stervelingen het niet begrepen en neemt de meesterstrateeg Madonna ons allemaal bij de neus? We hebben tenslotte te maken met iemand die bij haar debuut meteen voor eendagsvlieg werd versleten en dertig jaar later nog steeds kopij opeist.

Misschien is de relevantie van royalty in de popmuziek anno 2018, nu de grens tussen underground en pop steeds vager wordt, net als die van royalty in de echte wereld van kernafval en diarree nihil geworden. Madonna's ongelukkige buiteling van een trap, tijdens haar performance op de Brit Awards in 2015, leek op een trieste manier tekenend. Met informatie over een mogelijke opvolging is Madge altijd karig geweest. 'Beyoncé zie ik als een echte artieste', liet ze zich drie jaar geleden ontvallen. En er is ook Rihanna, nog steeds maar 30. Een queen met een kleurtje, het wordt eens tijd. Troonsafstand, het schijnt een trend te zijn.

De originele versie van dit stuk verscheen op 4 maart 2015 in Knack Focus.