Mensen denken vaak dat je naam een pseudoniem is.
...

Mensen denken vaak dat je naam een pseudoniem is.Dua Lipa: Ik had liever een heel gewone Engelse naam gehad. Het was behoorlijk vervelend om met die naam in Londen op school te zitten. Ik had werkelijk alles goed gevonden: Sarah, Hannah, Ella, om het even welke naam zoals mijn vriendinnen er een hadden. Als kind wil je er vooral bij horen. Die naam was een straf voor mij, iedereen sprak hem verkeerd uit: 'Hoe heet je? Due? Dua? Echt?' Pas toen ik ouder werd, heb ik me ermee verzoend. En met wat ik nu doe, is hij eigenlijk heel geschikt, ook al krijg ik telkens de vraag of Dua Lipa een pseudoniem is. Herinner je je nog het moment waarop je besefte dat het een best wel geschikte naam voor een zangeres is? Lipa: Dat heeft echt heel lang geduurd. Onze familie is afkomstig van Pristina. Toen we naar Kosovo verhuisden (Lipa is geboren in Londen, maar in 2006, toen haar vader er werk aangeboden kreeg, verhuisde het gezin naar Kosovo, nvdr.), dacht ik: fantastisch, nu hoef ik mijn naam aan niemand meer te verklaren, eindelijk kom ik ergens waar iedereen die foutloos kon uitspreken. Maar ik heb moeten vaststellen dat dat ook in Kosovo niet het geval was. Dua is daar geen courante naam? Lipa: Helemaal niet. Mijn grootmoeder langs vaderskant vond het een prachtige naam en had mijn vader ervan overtuigd dat hij ideaal is mocht hij ooit een dochter krijgen. In het Albanees betekent Dua liefde. Is dat de grootmoeder die getrouwd was met een bekende historicus? Lipa: Inderdaad. Allebei mijn ouders hadden trouwens een historicus als vader. Mijn andere grootvader heeft lang gedoceerd aan de universiteit van Pristina, een indrukwekkende man, die ook Arabisch en Turks spreekt. Grootvader Lipa was dan weer directeur van het Historisch Instituut van Pristina. Toen in de jaren negentig de oorlog begon, wilden de Serviërs de geschiedenis van Kosovo herschrijven. Mijn grootvader weigerde de historische gebeurtenissen op een andere manier voor te stellen. Hij raakte daardoor zijn baan kwijt. Door die weigering heeft hij zijn sterkte bewezen. Mijn ouders hebben dezelfde wilskracht. Onze familie is daar tot vandaag van doordrongen. Beseffen waar je vandaan komt, staan achter de dingen waarin je gelooft, dat is belangrijk bij ons. Dat is ook de reden waarom ik net als mijn broers en zussen perfect Albanees spreek, hoewel we het grootste deel van ons leven in het Verenigd Koninkrijk hebben doorgebracht. Spreken jullie in familiekring nog steeds Albanees? Lipa: Ja, normaal gezien wel. We sms'en zelfs in het Albanees. We maken alleen een uitzondering als we Britse vrienden op bezoek hebben. Dan spreken we allemaal Engels. Verschilt de Britse humor van de Albanese? Lipa: Totaal. In het Albanees ben ik veel grappiger! Ik vind het zalig om in twee werelden te leven en te denken, hoewel ik in het Engels soms dingen zeg die alleen in het Albanees betekenis hebben. Zoals dit spreekwoord: (zegt iets in het Albanees). Dat betekent letterlijk: je zult ooit te maken krijgen met de dingen waar je mee spot. Pardon? Lipa: In het Engels zegt men 'Never say never'. Denk nooit dat het jou niet ook ooit kan overkomen. In welke taal droom je? Lipa: In het Engels en het Albanees. Heb je ooit nummers opgenomen in het Albanees? Lipa: Nee. Maar het eerste liedje dat ik ooit geschreven heb, was wel in het Albanees. Ik was toen vijf jaar. Ik had het in mijn kinderkamer verzonnen voor mijn moeder. We zingen het nog altijd op familiefeesten. Het gaat over mijn moeder: 'Ik zou ooit zo mooi willen zijn als jij, als ik groot ben, zal ik je schoenen en jurken lenen.' Daar lacht mijn familie me nu nog altijd mee uit. Je ouders zijn in de jaren negentig Kosovo ontvlucht. In Kosovo zou je het vast moeilijker hebben gehad dan in Londen, waar iedereen bezeten is van popmuziek. Lipa: Absoluut, en ik ben mijn ouders oneindig dankbaar voor de kansen die ze me daardoor hebben geboden. En ik ben des te meer gechoqueerd door het vluchtelingendebat zoals dat nu overal gevoerd wordt. Ik maak me zorgen om al die kinderen die ook een droom hebben, net als ik vroeger, maar die hem niet waar kunnen maken zoals ik dat kon. Omdat ze geboren zijn op plekken waar dat voor hen niet mogelijk is. Ik weet dat ik zeer veel geluk heb gehad in mijn leven. Op je arm staat 'Sunny Hill' getatoeëerd. Zo heet ook het muziekfestival dat je al enkele jaren in Pristina organiseert. Lipa: 'Sunny Hill', Bregu i Diellit, is de buurt in Pristina waar mijn ouders opgegroeid zijn. Het was ook mijn eerste tatoeage, ik heb ze laten zetten toen ik zeventien was. Ik word nog altijd ontroerd als ik daaraan terugdenk. Als ik mijn ogen sluit en aan Pristina denk, zie ik echt Sunny Hill voor me en het uitzicht dat je daar, vanaf de top van de berg, hebt. Je kunt er een groot deel van Pristina zien liggen, ook de school waar mijn broers en zussen gezeten hebben. Kom je er vaak? Lipa: Elk jaar voor het Sunny Hill Festival. Ik blijf er altijd enkele dagen, en als ik het kan regelen ook langer. Waar voel je je het meest thuis? Lipa: Ik voel me op twee plekken thuis: in Londen en in Pristina. De vier jaar die ik als kind in Kosovo heb doorgebracht, hebben me sterk beïnvloed. Hoewel mijn ouders het in Londen belangrijk vonden dat er bij ons thuis Albanees werd gepraat, heb ik pas in Kosovo die taal echt goed leren lezen en schrijven. Klopt het dat je uitgerekend in Kosovo hiphop hebt leren kennen? Lipa: Heel Pristina luisterde in die jaren naar hiphop! Op mijn veertiende ging ik er voor het eerst naar een concert: de rappers Method Man en Redman. Mijn tweede optreden was 50 Cent, daarna kwam Snoop Dogg. Ik kon al hun teksten uit het hoofd meerappen. Ik had toen wel wat meer vrouwelijke popsterren willen zien, Pink bijvoorbeeld. Ook daarom ben ik zeer blij dat ik tegenwoordig zangeressen als Miley Cyrus naar Sunny Hill kan halen. Het geld dat we met het festival verdienen, gaat naar een organisatie die zich inzet voor jongeren in Pristina. Kosovo is nog steeds geen lid van de EU. Het is zó belangrijk dat daar verandering in komt, alleen al voor de jongeren daar. Met een Albanese pas kom je immers niet ver. Je hebt een Schengen-visum nodig om Europa binnen te raken, en dat is moeilijk en duurt vreselijk lang. Overal ter wereld denken mensen meteen aan oorlog als de naam Kosovo valt. Het is natuurlijk ook lang een oorlogsgebied geweest, maar het is allang weer zoveel meer dan dat. Ik erger me dan ook altijd als mensen nog steeds denken dat Kosovo bij Servië hoort. Op Instagram reageer je ook vaak op dat soort opmerkingen. Lipa: Ja. Ik ben opgegroeid met sociale netwerken, ik post en deel heel graag dingen. En zodra ik een kans zie om een statement te maken, gebruik ik die. Herinner je je nog de eerste keer dat je een clip hebt gedownload op YouTube? Lipa: Dat moet een versie van Joss Stones Supa Dupa Love geweest zijn. Allicht is dat filmpje nog ergens op het net te vinden. Je was toen veertien. Waar droomde je van? Lipa: Dat ik Justin Bieber zou worden. Hij was destijds bekend aan het worden met zijn YouTube-filmpjes, we kenden allemaal zijn verhaal. Het mijne is een beetje anders verlopen. Ik heb eindeloos veel covers van bekende nummers op het internet gezet, tot ik genoeg aandacht kreeg en uitgenodigd werd voor een studiosessie. Zo heb ik mijn manager leren kennen. Ik raad jonge muzikanten altijd aan om alle mogelijkheden te gebruiken die dit digitale tijdperk je bieden. Er valt constant zoveel nieuws te ontdekken. Al die mogelijkheden zorgen ook voor een enorm overaanbod. Is het daardoor niet moelijker geworden voor mensen met talent om de aandacht te trekken? Lipa: Dat denk ik niet. Wat je op het internet aangeboden wordt, is dankzij de algoritmen voor negentig procent aangepast aan wat je leuk vindt. Zo kun je voortdurend muziek ontdekken die je nog niet kent, maar die je wel mooi vindt. Ik vind de mogelijkheden van het internet nog steeds fantastisch. We mogen trouwens niet vergeten dat we ook dáár aardig tegen elkaar moeten zijn. Wat is volgens jou de oorzaak van de agressie die dagelijks op sociale media verschijnt? Lipa: Je kunt je gemakkelijk verbergen achter het computerscherm. Op straat, face to face, zouden de meesten allicht hun beledigingen voor zich houden. Na enkele jaren in Kosovo ben je als vijftienjarige naar Londen teruggekeerd om een muzikale carrière te beginnen. Je ouders kwamen pas later terug. Hoe heb je het aan boord gelegd dat ze dat toestonden? Lipa: Ik weet het ook niet goed. Het werd mijn vader ooit gevraagd in een interview, en hij zei toen dat het gewoon behoorlijk moeilijk was om mij iets te verbieden. Het zou wel kunnen dat ik geen nee accepteerde. Als ik me iets in het hoofd haal, laat ik me daar meestal niet van afbrengen. Op school werd je nochtans ooit niet toegelaten bij het koor. Lipa: Ik had een te lage stem. Ik werd door de muziekleraar naar voren geroepen en moest voor alle andere leerlingen zingen. Mijn stem was compleet niet getraind, ik haalde de hoge noten niet. Hij zei alleen: 'Dat was het dan.' En ik kon niet bij het koor. Ik was toen zeven of acht. Ik was niet kwaad, ik schaamde me vooral dat ik het niet gehaald had. Wat heb je dan gedaan? Lipa: Ik ben gewoon blijven zingen voor mezelf. Ik deed dat veel te graag om ermee op te houden. En elke zaterdag ging ik naar de Sylvia Young Theatre School, waar ik zangles kreeg. Na een tijdje had ik genoeg zelfvertrouwen om ook weer voor andere mensen te zingen. Is er in je carrière eigenlijk een specifiek moment geweest waarop je merkte: dat gaat hier lukken? Lipa: Toen ik op het festival van Glastonbury het podium opkwam, had ik het gevoel dat er stilaan iets begon te bewegen. Ik had altijd al gedroomd van daar op te treden. Ik moest op zaterdagmiddag spelen. Ik was bang dat er niemand zou opdagen omdat iedereen nog lag te slapen na een lange nacht - op de feestjes daar gaat het er nogal wild aan toe. En dan regende het ook nog. Alles leek tegen te zitten, maar toen ik het podium op liep, zat de tent afgeladen vol. Heel wat mensen waren zelfs niet meer binnen geraakt. Ik kon mijn ogen niet geloven. Mijn ouders waren er, totaal van streek. Het was voor ons allemaal een heel uitzonderlijk moment. Je vader heeft vroeger in een rockband gespeeld. Lijk je op hem? Lipa: Op heel wat vlakken wel. We lijken om te beginnen fysiek sterk op elkaar. En ook het muzikale heb ik van hem. Mijn ingesteldheid tegenover werk heb ik van allebei mijn ouders. Ik heb gezien hoe ze de uitdagingen van hun tijd aanpakten, hoe hard ze gewerkt hebben en welke offers ze hebben moeten brengen. Ze lieten zich nooit van hun weg afbrengen, wat er ook gebeurde. Mijn hele leven lang heb ik naar hen gekeken en geleerd dat je hard moet werken om te worden wat je wilt zijn. Je ouders waren academici, die na hun vlucht in Engeland opnieuw moesten beginnen. Lipa: Toen de oorlog uitbrak, studeerde mijn vader tandheelkunde en mijn moeder rechten. Door de oorlog hebben ze allebei hun studies moeten afbreken. In Londen moesten ze non-stop werken om financieel het hoofd boven water te kunnen houden. Maar ze zijn ondertussen verder blijven studeren. Is er ooit een alternatief voor muziek in je leven geweest? Lipa: Nee. Als ik een plan B had gehad, had ik niet zoveel kracht gehad om plan A te realiseren. Ik heb een zekere wanhoop nodig om iets te kunnen bereiken. En je ouders stonden daarachter? Lipa: Natuurlijk wilden ze heel graag dat ik behalve muziek nog iets anders zou studeren. Maar dat wilde ik niet. Muziek was het enige dat voor mij telde. Klopt het dat je eerst de teksten schrijft, en dan pas de muziek? Lipa: Ja, altijd! Natuurlijk is de melodie enorm belangrijk als je popsongs maakt, maar bij mij moet de melodie zich altijd aanpassen aan de tekst. Normaal gaat het bij popmuziek net andersom: de teksten zijn ondergeschikt aan de melodie. Lipa: Je moet gewoon kiezen wat je belangrijk vindt. Het verhaal, datgene waar de tekst over gaat, komt bij mij altijd op de eerste plaats. Ik benader de teksten van mijn nummers bijna als draaiboeken voor een film. Ik heb er een hekel aan als een bepaalde boodschap telkens met andere woorden herhaald wordt. Als ik in een nummer echt helemaal mijn ding gezegd krijg, dan word ik enthousiast. Dan weet ik dat het voor anderen ook zo zal zijn als ze het lied horen. Je hebt je eigen stijl ooit bestempeld als 'dance weep', muziek om bij te huilen en te dansen. Wat bedoel je daar precies mee? Lipa: Nummers waarop je wilt dansen en plezier maken, maar die eigenlijk droevig zijn als je goed naar de tekst luistert. Ik hou van tegenstellingen in mijn nummers. Het idee is dat je danst om je verdriet te verwerken. Als je danst laat je alle droevige gedachten achter je. Je woont in Londen. Zal de brexit de stad veranderen? Lipa: In Londen zijn we altijd erg verwend geweest. We leefden in een bubbel waarin veel verschillende culturen en mensen vreedzaam samenleefden. Als ik de verhalen hoor over Trump in Amerika of de brexit bij ons, dan schokt me dat heel diep. Maar ik ben er stilaan aan gewoon om geschokt te worden. Ik slaag er helemaal niet meer in om alles wat er in de wereld gebeurt behoorlijk te verwerken. Al mijn kennissen hebben trouwens tegen de brexit gestemd, ze geloven allemaal in veelzijdigheid en gelijke rechten voor iedereen. Maar om op je vraag terug te komen: ik denk niet dat Londen erg zal veranderen. Het multiculturele is daar al generaties lang ingeburgerd. Iedereen is er op zijn eigen manier mee verbonden en voelt zich uiteindelijk Brits, zoals ik, ook al komt mijn familie uit Kosovo. En nee, ze kunnen mij daar niet buiten zetten, ik heb een Brits paspoort! Je bent dus niet bang voor de brexit? Lipa: Wat me werkelijk bang maakt, is hoe openlijk veel mensen intussen hun afkeer uiten van mensen met een andere achtergrond. Dat is de donkere zijde van de vrije meningsuiting. Steeds meer mensen spuien zomaar hun haat over anderen, omdat ze weten dat ze daar zonder veel problemen mee wegkomen. Dat maakt mij bang. Maar ik heb ook veel hoop, als ik naar de jongere generatie kijk... Bedoel je dan bijvoorbeeld Greta Thunberg? Lipa: Ze is fantastisch. Als een zeventienjarige aan iedereen uitlegt wat de klimaatverandering betekent, is dat zoveel krachtiger dan als diezelfde boodschap uit de mond van oudere mensen komt. Het maakt duidelijk dat we onze toekomst in de hand hebben en dat kinderen eronder zullen lijden als hun ouders hun gedrag nu niet veranderen. Ik kan alleen maar gissen naar hoe groot de druk op haar moet zijn, als spreekbuis van al die mensen. Maar ik zie de veranderingen ook in mijn eigen familie. Wat mijn dertienjarige broertje allemaal niet weet, daar kon ik op die leeftijd niet aan tippen: politiek, feminisme... Bijvoorbeeld? Lipa: Onlangs heeft de universiteit van Cambridge me uitgenodigd voor een lezing. Ik stuurde mijn tekst van tevoren naar mijn familie. Mjin broer las hem ook en zei: 'Heel goed, hoe je het feminisme beschrijft. Het leest vlot, maar op het einde zou ik nog een citaat toevoegen om je boodschap te versterken. Een citaat van Juliette Gordon Low zou goed passen.' Dat is de vrouw die in Amerika de Girl Scouts heeft opgericht. Lipa: En zijn voorstel paste echt perfect: 'The world of today is the history of tomorrow, and we are its makers.' Op het einde van mijn lezing heb ik verteld over mijn broertje, en over de manier waarop zijn houding mij inspireert. Dat bedoel ik met de hoop die zijn generatie mij geeft. ©Die Zeit / Vertaling: Els Snick