Zangeres Coomans en violist/pianist Van De Leest maakten aan het einde van de seventies deel uit van Rum, de groep die de Vlaamse folk op de Europese kaart zette. Maar na een poosje raakten ze uitgekeken op de volksliederen uit middeleeuwse liedboeken en begonnen ze met Madou, een groep waarmee ze het Nederlandstalige chanson wilden koppelen aan folkrock en een eigentijdse vorm van popmuziek. Hoewel die demarche radiohits opleverde als Witte nachten en Niets is voor altijd, gooide de groep na twee jaar, één elpee (uit 1982) en drie singles, al noodgedwongen de handdoek in de ring, bij gebrek aan commercieel succes.
...

Zangeres Coomans en violist/pianist Van De Leest maakten aan het einde van de seventies deel uit van Rum, de groep die de Vlaamse folk op de Europese kaart zette. Maar na een poosje raakten ze uitgekeken op de volksliederen uit middeleeuwse liedboeken en begonnen ze met Madou, een groep waarmee ze het Nederlandstalige chanson wilden koppelen aan folkrock en een eigentijdse vorm van popmuziek. Hoewel die demarche radiohits opleverde als Witte nachten en Niets is voor altijd, gooide de groep na twee jaar, één elpee (uit 1982) en drie singles, al noodgedwongen de handdoek in de ring, bij gebrek aan commercieel succes. Dat laatste had voor een deel te maken met de donkere, tot onbehagen stemmende teksten van Vera Coomans' echtgenoot, theatermaker Jan Devos. Die handelden namelijk over huiselijk geweld, moord, doodslag en verkrachting. Voer voor criminologen dus, maar blijkbaar net iets te heftig voor het Vlaanderen van toen. Murder ballads als Down By the Water, Diane of Where the Wild Roses Grow konden in onze streken dan wel moeiteloos tot kaskrakers uitgroeien, voor soortgelijke nummers in de eigen taal was men in onze streken blijkbaar nog niet rijp. Misschien was dat wel de reden waarom Coomans op haar latere soloplaten (Something Within, het uitstekende Silent House) in het Engels ging zingen en zich opwierp als vertolkster van het werk van Bob Dylan, Tom Waits, Will Oldham, Afghan Whigs of Black Heart Procession. Van De Leest schoolde zich om tot boswachter en woont tegenwoordig in Normandië. Het bloed kruipt echter waar het niet gaan kan. Thomas Devos, zoon van Vera en Jan en spilfiguur van geweldige maar onderschatte Brusselse rockbands als Rumplestitchkin en Tommigun, schreef af en toe ook eens een song in het Nederlands en slaagde er zo in zijn moeder weer uit haar tent te lokken. Toen ook Wiet Van De Leest kwam meespelen, klonk het plots als het oude Madou, dat intussen een cultstatus had verworven, en leek een comeback onafwendbaar. De nieuwe plaat, met acht nieuwe en vier oude nummers, klinkt zo vertrouwd dat de vier 'stille' decennia plots irrelevant lijken. De liedjes zijn nog altijd even donker en mysterieus. Naar goede gewoonte wordt er veel ongezegd gelaten, wat de luisteraar ertoe aanzet zijn verbeelding aan het werk te zetten om de gaatjes te vullen. Het materiaal uit Is er iets? vormde in de Botanique de ruggengraat van de set, maar ten behoeve van de fans-van-het-eerste-uur werd af en toe ook een oude bekende losgelaten. Vera Coomans, 72 intussen, beschikt nog steeds over een unieke, van weemoed doordrenkte stem, maar ze klinkt wél fragieler en gehavender dan vroeger. De muziek, gearrangeerd door Wiet Van De Leest, staat echter als een huis, ook door toedoen van zijn zoon Louis (op wurlitzer en andere klavieren) en drummer Mattijs Vanderleen. De thema's van de liedjes blijven in deze metoo#- en Coronatijden razend actueel, want keer op keer worden wanhopige vrouwen opgevoerd. Ze voelen zich bedreigd door mannen die liefde verwarren met geweld en zoeken dus noodgedwongen hun toevlucht tot messen of pistolen. Met het bloed dat vloeit in de gemiddelde Madou-song zou het Rode Kruis wellicht nog talloze levens kunnen redden. Intussen is er wél een nieuw onderwerp het universum van de groep binnengeslopen: de ouderdom, met bijhorende kwalen zoals dementie, verwarring en het onvermogen tot communicatie. Dat was in Brussel het geval in nummers als Nachthuis, Is er iets? en Niets dringt door, aangestuurd door een knappe gitaarriff van Thomas Devos, en gelardeerd met elektronische percussie van Vanderleen. Vera Coomans verstaat de kunst huiveringwekkende verhalen te brengen op een manier die bijna luchtig aandoet, waardoor de klap net nog harder aankomt. 'Ik heb het overal gedaan / Maar nooit in een gracht / En nooit in de regen', zingt ze haast achteloos in Het doet geen pijn, over een seksueel mishandelde vrouw. Idem dito voor 'Van sterven ga je dood' in het al evenzeer van een happy-end verstoken blijvende Huis in de duinen. En naar welk soort onweer verwijst de zangeres in het op walsbenen geplante Nu niet meer? In Onderweg, aangekondigd als 'eentje voor de eeuwigheid', boog ze zich over ondoorgrondelijke raadsels, zoals de zin van het leven. Het intussen al immens populaire Ronquières steunde op de aanstekelijke basgroove van Devos, de stuwende wurlitzerklanken van Louis van De Leest en het fraaie vioolspel van vader Wiet. Al even meeslepend: het swingende Witte nachten, het even kolkende als - letterlijk -adembenemende Niets is voor altijd en iets minder bekende songs van vier decennia geleden, type Straks niet meer warm (over een dramatisch eindigend prostitueebezoek), het door een boogiewoogiepiano aangezwengelde Naast het bad (over door alcohol veroorzaakte amnesie) of Vannacht, een bloederige tragedie, maar dan zonder de bevrijdende humor van een Tarantino-film. Het laatst genoemde nummer dateert nog uit de Rum-periode en stond aan het begin van deze eeuw ook op het repertoire van Madouce, een combinatie van Vera Coomans met de groep Jaune Toujours. De zangeres genoot duidelijk van de hernieuwde aandacht en zette het soms op een dansen, terwijl Thomas Devos regelmatig voor een hoge en woordeloze tweede stem zorgde, met echo's van Robert Wyatt. Tijdens de eerste bis stonden enkel moeder en zoon op het podium, met het oog op het sobere en breekbare Gele schoenen, dat onder de titel Bijna gelukkig ooit de b-kant van de single Witte nachten sierde. Sleutelzin: 'Liefde is een geheim', zij het dan één waar pijn en brute kracht bij komt kijken. Het geestdriftige publiek, dankbaar voor de terugkeer van Madou, kreeg nog een reprise van Ronquières en daarmee zat de overtuigende come-back erop. Goed nieuws is dat er intussen al op een volgende plaat wordt gebroed. Wordt hopelijk dus vervolgd.