Lees onze recensie van I,I: 'Meer groepsgevoel, minder Auto-Tune'
...

Zevenenveertig. Zoveel muzikanten staan er vermeld in de liner notes van I,I, het nieuwe album van Bon Iver dat vorige week nummer per nummer en drie weken vroeger dan aangekondigd werd gelost. Al gaat het eigenlijk over nog meer volk: het koor Brooklyn Youth Chorus staat als geheel vermeld, net als het twaalfkoppige saxofoonensemble Sad Sax of Shit. Er speelt dus minstens zeventig man mee, met andere woorden. Om te weten wie al die mensen op de betaalrol van frontman Justin Vernon zijn, volstaat het om naar zijn Instagramaccount te gaan, waar alle muzikanten worden voorgesteld onder het kopje Community, met een vervormd en volgetekend portret. Aaron en Bryce Dessner van The National, al jaren vriend aan huis, konden uiteraard niet ontbreken, net als vaste klanten als Moses Sumney, James Blake en Bruce Hornsby. Wie het daarmee nog niet begrepen heeft, krijgt er nog een citaat van Vernon bij uit Pitchfork: 'Ik doe dit niet om jou iets over mij te laten zien. Ik doe dit om jou iets over jou te laten zien, of ons iets over ons.' Met andere woorden: Justin Vernon is meer dan ooit een groepsmens geworden. Dat is niets dat we van gisteren op vandaag hebben vastgesteld, maar het staat wel haaks op hoe Vernon in z'n eentje doorbrak. Het verhaal is inmiddels bekend: de songwriter zag in het najaar van 2006 zijn relatie stranden, sloot zich op in de jachthut van zijn vader met een microfoon, een gitaar en wat primitieve opnameapparatuur en kwam drie maanden later buiten met For Emma, Forever Ago, een instantklassieker die een nieuwe standaard zette voor indiefolk. Wat minder mensen weten, is dat niet alleen Vernons relatie in die periode sneuvelde, maar ook zijn band. Hij had te veel compromissen moeten maken in de jaren ervoor, zou hij later beseffen en zeggen in een interview met PopMatters, zowel muzikaal als persoonlijk, en voelde zich verzanden in middelmatigheid. Ook de ep die volgde, Blood Bank, nam Vernon bijna helemaal alleen op, ook al botste hij toen al op zijn mogelijkheden als bijna-solo-artiest. Op Woods verkende hij nieuwe horizonten door zijn eigen stem in een eindeloze loop te zetten en op zijn eentje laag na laag na laag in te zingen, met veel Auto-Tune erover. 'Songs schrijven op akoestische gitaar deed me geen bal meer', zou hij daar later over zeggen in Knack Focus. Dat Vernon rond die periode telefoon kreeg van Kanye West, mag geen wonder heten. De rapper werkte dat moment aan My Beautiful Dark Twisted Fantasy, voor een deel zijn terugkeer in de publieke gratie na het incident op de MTV Video Music Awards van 2010, toen hij Taylor Swift de mantel uitveegde omdat ze een prijs kwam ophalen die volgens Yeezy Beyoncé toekwam. Ook Vernon worstelde op dat moment met zijn ego en de druk die na For Emma op zijn schouders rustte.Bovendien delen Vernon en hij de liefde voor Auto-Tune en een passie voor de menselijke stem tout court. Leg Woods, dat op Dark Fantasy een tweede leven krijgt als Lost In The World, maar eens naast de tweede helft van Runaway op diezelfde plaat, een minutenlang parlando van West, maar dan met zijn stem zo overstuurd dat het bijna een gitaarsolo wordt en je hem niet zou herkennen mocht hij het refrein niet parafraseren. Twee keer twijfel, vormgegeven in een bewerkte stem.Dark Fantasy is bovendien een sterrenplaat, met logische hiphopnamen als Raekwon en Nicki Minaj, maar ook opvallende gastbijdrages van bijvoorbeeld Elton John. Vernon leert er dat álles kan. Op zijn tweede album Bon Iver (2011) nodigt hij een hoop muzikale voorbeelden van hem uit, onder wie saxofonist Colin Stetson, die al facturen mocht sturen naar onder anderen Tom Waits en Laurie Anderson. 'Om mijn stem te veranderen', verklaart Vernon de zoete inval in Rolling Stone. 'Niet mijn zangstem, maar mijn rol als de auteur van deze band.'In de jaren die volgden, worstelde Vernon met een depressie en een nieuwe relatiebreuk. Deze keer ging de bard niet in afzondering, maar hij begon wel stevig te drinken en ging hij in therapie. Het is allemaal hoorbaar in 22, A Million (2016), een weerbarstige plaat vol elektronische soundscapes en gekke saxofoonsolo's en met songtitels vol hashtags, haakjes en underscores. Op de dag dat het album uitkwam, zat Vernon zelf trouwens in Berlijn, waar hij 85 bevriende muzikanten een week had uitgenodigd om te jammen in het Funkhaus om daarna een tweedaagse impromptu festival vol te spelen, met korte sets, onverwachte samenwerkingen en veel improvisatie. Hij zette die filosofie door in Eaux Claires, het festival dat hij in zijn geboortestad oprichtte met Aaron Dessner van The National, en in P.E.O.P.L.E., het collectief dat hij drie jaar later in het leven riep met diens broer Bryce. Naast hen en tientallen anderen maken ook Sufjan Stevens, Damien Rice en de zusjes Staveley-Taylor deel uit van het collectief. 'People turning things upside down', zo omschrijven ze zichzelf op hun website, een groep muzikanten die spontaan wil creëren zonder afleiding of obstakels. Voor wie dat nog te vraag klinkt: check de website van P.E.O.P.L.E. en grasduin in de vele muziek die u er vindt, gemaakt door de leden van het collectief in alle mogelijke samenstelling. Het bekendste voorbeeld van al die samenwerkingen is Big Red Machine, de naam waaronder Justin Vernon en Aaron Dessner vorig jaar een gelijknamige plaat uitbrachten. Maar ongebreideld musiceren kan niet anders dan botsen op de mallemolen van de muziekwereld, waar Bon Iver vandaag, als folktronicaband op maat van festivalweides en arena's, middenin staat. De groep botst op zijn limieten, vindt The Guardian, die I,I een miskleun noemt. Niet dat Knack Focus het daarmee eens is, maar de vraag blijft wel hoe je met steeds meer muzikanten op de payroll nog coherente platen blijft maken. Ook Vernon zelf lijkt de bui te zien hangen en noemde I,I eerder al de herfst binnen een cyclus van vier albums, waarvan For Emma de winter was, Bon Iver de lente en 22, A Million de zomer. Nu vallen de bladeren in het universum van Bon Iver, dat staat vast, maar niemand die weet of iemand ze straks nog bij elkaar zal willen harken.