Het is snel gegaan voor de Australische Courtney Barnett (net geen 31). Vijf jaar geleden dweilde ze nog de bars en vrije podia van Melbourne af (terwijl ze zelf voor de kost pinten tapte of schoenen verkocht), tot ze van de ene op de andere week aan een internationale veroveringstocht begon dankzij single Avant Gardener, een perfect visitekaartje: het bood meteen inzicht in haar humor, taalgevoeligheid, nuchterheid én - vreemd genoeg - chronische gebrek aan zelfvertrouwen. In combinatie met een rafelend, naar de jaren negentig teruggrijpend gitaargeluid verkreeg ze een aura van echtheid dat geen stijlbureau beter had kunnen uittekenen. Ook op de langspelers Sometimes I Sit and Think, and Sometimes I Just Sit (2015) en het eerder dit jaar verschenen Tell Me How You Really Feel bleef het beeld van een sympathieke, meevoelende, aanspreekbare girl next door overeind. Moge Courtney Barnett diep vanbinnen altijd een pintentapster en schoenenverkoopster blijven. Speciaal voor ons neemt ze de telefoon op in Pittsburgh, Pennsylvania, waar ze na onze vragenronde nog snel het Andy Warhol Museum hoopt in te duiken.
...

Het is snel gegaan voor de Australische Courtney Barnett (net geen 31). Vijf jaar geleden dweilde ze nog de bars en vrije podia van Melbourne af (terwijl ze zelf voor de kost pinten tapte of schoenen verkocht), tot ze van de ene op de andere week aan een internationale veroveringstocht begon dankzij single Avant Gardener, een perfect visitekaartje: het bood meteen inzicht in haar humor, taalgevoeligheid, nuchterheid én - vreemd genoeg - chronische gebrek aan zelfvertrouwen. In combinatie met een rafelend, naar de jaren negentig teruggrijpend gitaargeluid verkreeg ze een aura van echtheid dat geen stijlbureau beter had kunnen uittekenen. Ook op de langspelers Sometimes I Sit and Think, and Sometimes I Just Sit (2015) en het eerder dit jaar verschenen Tell Me How You Really Feel bleef het beeld van een sympathieke, meevoelende, aanspreekbare girl next door overeind. Moge Courtney Barnett diep vanbinnen altijd een pintentapster en schoenenverkoopster blijven. Speciaal voor ons neemt ze de telefoon op in Pittsburgh, Pennsylvania, waar ze na onze vragenronde nog snel het Andy Warhol Museum hoopt in te duiken. Een driedaags muziekfestival cureren: hoe kwam dat verzoek bij jou aan? Courtney Barnett: Als een droom die bewaarheid werd. (lacht) Als je al zo vaak op festivals hebt gespeeld als ik, en je dan plots zelf de touwtjes in handen krijgt... Dat het voornamelijk vrouwelijke en genderneutrale artiesten zijn geworden, is veeleer een gelukkig toeval. Ik heb gewoon mensen uitgezocht die ik goed vind: Drinks, Eleanor Friedberger, Snail Mail... Of Hachiku, een Duits meisje dat op mijn Milk!-label zit. Veel indiebands dus, maar ik wilde ook elektronica en zo. Er zijn je vast ook opties gesuggereerd. Welke naam op de longlist vond je de grootste ontdekking? Barnett: Beverly Glenn-Copeland! Had ik nog nooit van gehoord, maar nu ben ik een grote fan. Ik kreeg van hem een plaat toegestopt - een heruitgave van een titelloze elpee uit 1970, als ik me niet vergis - en daar staan prachtige, tijdloze songs op als Color of Anyhow en Ghost House. Ook Lonnie Holley was voor mij volkomen nieuw. Ik weet niet of ik dat jazzpoëzie mag noemen, maar het is in elk geval heel sterk wat hij doet. Daar komt het dus op neer: een fijne mix van lui die ik kende of net niet, wier muziek ik heb beluisterd en goed bevonden, en die ik nu stuk voor stuk eens aan het werk wil zien. Nou ja, in theorie: helaas zal ik er geen drie volle dagen kunnen blijven. Hoewel bijvoorbeeld ook folkjazzgitarist Ryley Walker langskomt, luidt de slagzin van deze Sonic City-editie: 'The future is female.' Barnett: Echt? Dat heb ík alleszins niet bedacht. Nu ja, ik denk wel dat er een zekere kracht uitgaat van al die namen. Niet als provocatie of bewust statement, want dat was zoals ik zei nooit de opzet. Het is gewoon wild en grappig en cool. Maar eigenlijk zou het helemaal geen issue mogen zijn, zo veel vrouwelijke artiesten samen op een muziekfestival. Tell Me How You Really Feel, je jongste plaat, is intussen vijf maanden uit. Kijk je er nu anders tegenaan? Barnett: Een beetje wel. Je ziet de songs doorheen de ogen van andere mensen, merkt hoe ze op verschillende manieren geïnterpreteerd worden. Alsof de nummers een ander leven hebben gekregen. Ook voor mezelf. Een voorbeeld? Je weet dat ik een quote van schrijfster Margaret Atwood in Nameless, Faceless heb verwerkt: 'Men are scared that women will laugh at them, women are scared that men will kill them.' Als ik die song vandaag zing, moet ik meteen aan de zaak-Kavanaugh denken (Brett Kavanaugh, die onlangs tot rechter in het Amerikaanse Hooggerechtshof werd benoemd, ondanks beschuldigingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag, nvdr.).Je had in eerste instantie een politieke plaat voor ogen en dat is het in zekere zin ook geworden, al ben je toch weer op een persoonlijk perspectief geland. Je kernboodschap, zowel bedoeld voor jezelf als degenen die je lief zijn, luidt: hou vol. Barnett: Dat is goed samengevat. Ik praat tegen mezelf maar ook tegen vrienden of vreemden, dat loopt allemaal in elkaar over. Songs schrijven is voor mij een manier om de dingen beter te begrijpen. Een bevrijding van gedachten die anders toch maar aan me zouden blijven knagen. Dat wil nog niet zeggen dat liedjes schrijven makkelijk is. Voor mij is het een hele klus, eerlijk gezegd. Maar het loont de moeite. Ik haal er voldoening uit. Wat de boel wel een beetje vertraagt, is het besef dat er al zo veel geweldige muziek in de wereld bestaat. Als je daar nog iets aan wilt toevoegen, zorg je er maar beter voor dat het deugdelijk is. Daarom weeg ik elke noot, elk woord afzonderlijk op een weegschaaltje, als het ware. Ik ben een trage werker, ja. (lachje) Maar als ik wil dat wat ik doe iets betekent, dan moet dat maar. Was werken aan deze tweede plaat moeilijker, wetende dat er zo veel meer ogen op je zijn gericht? Barnett: Niet echt. Een beetje. Het komt erop neer dat je wegwijs moet raken in je gevoelens. We leven in een wereld waarin het soms moeilijk is om eerlijk te zijn tegenover jezelf en anderen, om te begrijpen wat er gebeurt, wat echt belangrijk is. Dat zet je allemaal niet zomaar even op een blaadje. Maar ik vind dat de plaat in grote lijnen zegt wat ik wilde zeggen. De songs zijn eerlijk en helder, qua inhoud. Ik kom dichter bij mijn ware ik. Als die trend zich verderzet en alles mij over enkele platen volkomen duidelijk wordt, kan ik in vrede heengaan. (lacht)Ben je ooit in therapie geweest? Barnett: Haha. Jazeker. Maar songs schrijven is goedkoper. Eerbaarder ook. Elke dag werken, bereid zijn een inspanning te leveren in je eigen tijd: nobeler kan een mens niet zijn, toch? Je minimaliseert om de haverklap je rol als betekenisvolle artiest. In je doorbraaksong Avant Gardener zat al die observatie: 'The paramedic thinks I'm clever 'cause I play guitar / I think she's clever 'cause she stops people dying.' Geloof je niet in muziek als medicijn? Barnett: O jawel. Alleen is het niet omdat ik muzikant en songschrijver ben dat ik niet vatbaar ben voor onzekerheid. Ik stel mezelf voortdurend in vraag, net zoals zo veel mensen dat doen. Alleen doe ik dat nu eenmaal terwijl ik op een podium sta of een song schrijf. Dan flitst het door mijn hoofd: wie help ik hiermee? Is de maatschappij erbij gebaat? Vind ik dit wel waardevol? Maak ik mijn familie niet te schande? (lachje) Als je ook nog licht sarcastisch bent aangelegd, dan krijg je van die rare hersenkronkels. Ben je gelukkig? Barnett: Ik zou denken van wel. Ik probeer in het moment te leven en de dingen te nemen zoals ze komen. Ik ben een realist, zou je kunnen zeggen. Waarom staat je gezicht voor het eerst zo nadrukkelijk op de plaathoes? Barnett: Omdat ik vind dat de songs dicht op mijn huid zitten en veel over mezelf prijsgeven. Zeker in combinatie met de titel leek het gepast. Tot slot nog even terug naar Sonic City. Het kan geen toeval zijn dat je vaste vriendin Jen Cloher ook de affiche heeft gehaald. Barnett: Wel, neen. Ik vind haar namelijk goed. Maar jullie zien elkaar te weinig, mogen we afleiden uit sommige songs op jullie jongste platen. Barnett: (zucht) Het maakt het er alleszins niet makkelijker op dat we allebei door onze job een groot deel van het jaar niet thuis zijn. Als het dan al eens gebeurt dat we ons tijdens onze tournees toevallig tezelfdertijd op dezelfde plek bevinden - wat echt zeldzaam is - dan zijn we als schepen die elkaar in de nacht passeren: het contact is kort, maar intens. (lachje) Maar we doen allebei graag wat we doen, maak je geen zorgen.