HET CONCERT: The National in Vorst Nationaal op 9/11.
...

De heren van The National hebben er jaren over gedaan om erkenning te krijgen, maar de underdogs van weleer doen tegenwoordig alleen nog arena's en grote festivalpodia aan. Dat blijft verbazen, want hun muziek is allesbehalve bigger than life. In tegenstelling tot de meeste andere bands die in hetzelfde segment opereren, mijden ze bovendien routine als de pest. Het vijftal uit Brooklyn speelt geen enkele avond dezelfde set en weet door zijn onvoorspelbare songkeuzes telkens weer te verrassen.Onlangs bracht The National met Sleep Well Beast zijn zevende langspeler uit. Op het eerste gehoor klonk die veeleer consistent dan verrassend, maar wie doorluisterde kreeg gauw in de gaten dat de muzikanten wel degelijk buiten de lijntjes kleurden. De evolutie zat hem in subtiele details: de geprogrammeerde drumloops, de experimenten met elektronica en witte ruis, waartoe de groep hulp kreeg van het Duitse Mouse on Mars, de rauwere gitaren, de soms naar dissonantie neigende strijkersarrangementen. The National deed er vier jaar over om een opvolger voor Trouble Will Find Me klaar te stomen, en de nevenprojecten waar de leden zich intussen mee onledig hielden hebben duidelijk voor een verfrissende bries gezorgd. Zanger Matt Berninger was in de weer met EL VY, drummer Bryan en bassist Scott Devendorf doken onder bij LNZDRF, gitarist Bryce Dessner werkte samen Jonny Greenwood (van Radiohead) en Sufjan Stevens en is inmiddels een gerenommeerde hedendaags klassieke componist, terwijl zijn broer Aaron zich als producer ontfermde over de jongste platen van Frightened Rabbit en Lisa Hannigan. En dan hebben we het nog niet eens gehad over Day of the Dead, een reeks van vijf cd's waarop talloze artiesten eer bewezen aan The Grateful Dead, met The National als curator.Sleep Well Beast zoomt in op een emotioneel slagveld. De songs handelen over paranoia, het ennui dat vaak wordt geassocieerd met de middelbare leeftijd en de weerslag ervan op relaties. Links en rechts werd al geconcludeerd dat Matt Berningers huwelijk blijkbaar barsten vertoonde, maar dat was enigszins voorbarig. Om te beginnen staat de zanger al jaren bekend als een onbetrouwbare verteller en zijn de dingen in zijn teksten zelden wat ze lijken. Bovendien schreef Berninger ze samen met zijn vrouw Carin Besser, die ooit werkzaam was op het departement fictie van The New Yorker. Die wetenschap geeft al aan dat je in de complexe songs van The National best niet te veel autobiografie zou lezen. Een recensent omschreef de sound van de groep onlangs nog als een kruising tussen Wilco en Joy Division en dat klinkt lang niet zo gek. Zoals gezegd speelde The National zijn cd Boxer integraal, in dezelfde volgorde van de plaat. Er werd dus afgetrapt met Fake Empire, een nummer dat sinds het aantreden van Donald Trump een nog diepere betekenis heeft gekregen. De twee blazers, die de groep tijdens de huidige tournee op sleeptouw neemt, zorgden voor een barok tintje en zouden ook andere songs van een afwisselend elegische en majestueuze sfeer voorzien. Matt Berninger, een crooner met gevoel voor drama die zich zo onhandig over het podium beweegt dat de begrippen 'hond' en 'kegelspel' vanzelf bij je opkomen, is een onwaarschijnlijke rockster, maar in Vorst bleek hij zijn bariton prima onder controle te hebben en gedroeg hij zich veel minder neurotisch dan tijdens vorige passages. BliksemschichtenZijn eerste oerschreeuw weerklonk tijdens het potige Squalor Victoria, maar de overheersende teneur was er één van smeulende melancholie en elegante contemplatie. Een Vrolijke Frans zal Berninger, getuige liedjes als Green Gloves, Start A War, Racing Mike A Pro, Ada en het naar Leonard Cohen neigende Gospel, wel nooit worden. Niet dat de zanger gespeend is van humor, alleen lokt die vaker een grijns dan een glimlach uit. Opvallend: The National putte met 29 Years ook een stukje uit zijn titelloze debuut en sneed Sleep Well Beast pas aan tijdens de tweede helft van de avond. Dat gebeurde met het caleidoscopische The System Only Dreams in Total Darkness: gitaren als bliksemschichten en een ritmesectie die vervaarlijk met haar spierballen rolde. Walk It Back, meer gereciteerd dan gezongen, kende een valse start maar groeide uiteindelijk uit tot een spannende bokswedstrijd tussen snaren en synths. Guilty Party was even triest als pakkend en de lovesong Carin at the Liquor Store, die Berninger aan zijn vrouw opdroeg, steunde op behoedzame piano-akkoorden.Ook wie de hits wilde horen, werd op zijn wenken bediend: Don't Swallow the Cap kreeg een uitbundige technicolor-uitvoering, Bloodbuzz Ohio stuwde als vanouds, I Need My Girl stond bol van verlangen en Day I Die voerde het publiek in sneltreinvaart naar het hiernamaals. Toch was het concert niet geheel vrij van voorspelbare elementen: tijdens het Pixies-achtige Mr November maakte Matt Berninger zijn traditionele wandeling door de zaal en ook van afsluiter Vanderlyle Crybaby Geeks stond je niet echt meer te kijken. Alleen liet de frontman het zingen dit keer volledig aan de toeschouwers over en stapte hij voor de gelegenheid in de rol van dirigent en ceremoniemeester.Niet gekniesd echter. The National wist, zelfs in Vorst, een gevoel van intimiteit te creëren en toonde met haar genuanceerde aanpak andermaal aan waarom ze één van de belangrijkste groepen van dit tijdsgewricht is. Alleen de bandnaam lijkt inmiddels een beetje voorbijgestreefd. The International zou dezer dagen veel dichter bij de waarheid staan.