Ragini Trio: techniek en intuïtie

Wat aanvankelijk begon als een jazzversie in trio van de Indische format tabla-tampura-sitar, groeide uit tot een kwintet met ruimere blik. Op de debuut-cd bleven saxofonist Nathan Daems, drummer Lander Gyselinck en bassist Marco Bardoscia nog sterk verankerd in hun vertrouwde omgeving. Met het vervolg, Peace The New Jazz, in gezelschap van pianist Bojan Z en vocaliste Sawani Mudgal, profileerden ze zich meer vastberaden en verbeten.
...

Wat aanvankelijk begon als een jazzversie in trio van de Indische format tabla-tampura-sitar, groeide uit tot een kwintet met ruimere blik. Op de debuut-cd bleven saxofonist Nathan Daems, drummer Lander Gyselinck en bassist Marco Bardoscia nog sterk verankerd in hun vertrouwde omgeving. Met het vervolg, Peace The New Jazz, in gezelschap van pianist Bojan Z en vocaliste Sawani Mudgal, profileerden ze zich meer vastberaden en verbeten. Er verstreek dan ook zes jaar tussen beide opnames, en sinds de laatste release zijn we nog eens anderhalf jaar verder. Op het podium van Jazz Middelheim werd duidelijk dat het basistrio de richting blijft aangeven, maar dat de inbreng van Bojan Z en vooral die van Mudgal voor meer diepgang en patina zorgen. De jazzelementen werden versterkt, en tegelijkertijd ontstond er een nauwere band met de typische ragini (de vrouwelijke toonladder uit de Indische klassieke muziek). De pianist, gehuld in knalrood Spiderman T-shirt, bewoog zich voortdurend van akoestische piano naar Fender Rhodes, wat telkens leidde tot bruggetjes tussen beide werelden. Op de tonen van Saadho, met tekst van de Indische mysticus Kabir en muziek van Madhup Mudgal, illustreerde het kwintet hoe het een bezwerende ondertoon kan laten voortdrijven op jazzstructuren. Het koninginnenstuk was, net als op de cd, het uitgesponnen Bhavani Shankare Vande. Was dit een verkettering van de tradities? Lang niet. Ragini Trio plus twee had niet de pretentie codes te doorbreken, het voerde een gesprek. De mooie kanten van de globalisering, zeg maar. (Georges Tonla Briquet)Naar goede gewoonte ging de artist in residence van Jazz Middelheim een weeklang aan de slag met studenten van het Antwerpse conservatorium. Dat kan al eens tegenvallen, maar soms levert het aardige ontdekkingen op. Bassist Soet Kempeneer stelde een band met uitstekende chops samen, met Roeland Celis op gitaar, Lennert Baerts op tenorsax, Jarno Verheyen aan de piano en Klaas De Somer op drums. In overleg met Ambrose stelden ze een set samen met ouder werk van Akinmusire en eigen composities van de bandleden. Je kon er niet omheen dat de spanningsbogen in de stukken van de mentor (Dreams of the Manbhasnians, Far but Few Between) stukken natuurlijker gedrapeerd werden, en dat je de zenuwen al eens door de microfoons hoorde gieren. Maar wij zagen ook enkele muzikanten met potentieel. Hou bijvoorbeeld pianist Jarno Verheyen de komende tijd maar in de gaten. Oh, en toen tikte een man met een hoedje ons op de schouder. 'Who's the guy on tenor?' vroeg Joe Lovano ons. Lennert Baerts. 'Kun je dat even voor me opschrijven? Die moet ik onthouden. That guy is great.' (Bart Cornand)Lovano bracht net zijn eerste opname voor ECM onder eigen naam uit in gezelschap van pianist Marilyn Crispell en drummer Carmen Castaldi. De krachtige tenorsaxofonist laat zich daar van zijn meer ingetogen kant horen. Verrassend - en toch weer niet helemaal, voor wie de kleine lettertjes van zijn discografie kent. Tekenend is dat op het album onder alle composities de naam van de drie muzikanten staat, als erkenning van doorgedreven samenwerking. Live draaide dat toch anders uit. Lovano heerste als middelpunt van de band, ook al werden zijn solo's vakkundig ondersteund door beide partners. De lyrische kant van de plaat maakte plaats voor cerebrale saxofoonlijnen, met hier en daar een kubistische uithaal. Het leverde een reeks vervormde snapshots op die er wel de spanning inhielden. Tot... de Gong Episode, toen Lovano zowel saxofoon speelde en tegelijkertijd zijn miniverzameling gongs beroerde - allemaal zen op zondagmiddag. De Piano/Drum Episode leek het moment dat het echt spannend ging worden toen Crispell en Castaldi elkaar van antwoord dienden. Een passage met een enorm potentieel, maar die gekortwiekt werd door Lovano. Jammer Als een magneet trok de saxofonist telkens alle energie naar zich toe. Met het tegendraadse The Smiling Dog leek alles alsnog goed te komen, maar dan waren we al een dik uur ver en had een deel van het publiek al afgehaakt. Tijdens de fraaie afsluiter Sparkle Lights deed de lichtshow de lucht even trillen. Carole King zong het al op Tapestry: 'A wondrous woven magic in bits of blue and gold.'(Georges Tonla Briquet)En toen was het dus tijd voor het concert waar reikhalzend naar werd uitgekeken: de ode aan Toots Thielemans, de peter van Jazz Middelheim, die ons op 22 augustus 2016 verliet. Het programma werd opgebouwd rond een duo - een format die Toots na aan het hart lag. Aan de piano: de impressionistische Kenny Werner, Thielemans' vaste strijdmakker in de laatste vijftien jaar van zijn leven. Op mondharmonica: de Fransman Grégoire Maret, een zeldzame stilist op het aartsmoeilijke instrument, die door Toots als zijn muzikale erfgenaam werd beschouwd.Van bij de eerste ademstoot in Days of Wine and Roses voelde je dat de vibe goed zat voor de rest van de avond. Werner haalde zijn krullerige, meanderende stijl boven waar Toots zo van hield. Maret, die al zijn hele leven de vergelijkingen met Thielemans moet trotseren, deed wat alleen doorgewinterde muzikanten kunnen: spreken met een eigen stem. In zijn geval: wat directer in de aanzet op zijn harmonica - maar in de bendings benaderde hij akelig dicht de toon van Toots. Autumn Leaves, The Dolphin, The Shadow of Your Smile: alle krakers van Thielemans latere repertoire kwamen voorbij. Net als een schare Belgische gasten. Meestergitarist Philip Catherine, bassist Nicolas Thys en drummer Dré Pallemaerts gleden moeiteloos door Catherines Dance for Victor. Het slotsalvo liet niemand onberoerd. Ne me quitte pas en What a Wonderful World werden ingehouden, bijna fluisterend gespeeld, altijd aan de juiste kans van de emogrens. En dan uitademen met Bluesette. Volwassen mannen in tranen op het podium van Middelheim. (Bart Cornand)