DA GIG: Nick Cave & The Bad Seeds in Sportpaleis, Antwerpen op 13/10.
...

Toen Cave op het podium verscheen, voelde je meteen hoezeer hij werd overspoeld door de onvoorwaardelijke liefde van het publiek. En het gevoel was duidelijk wederzijds: de tragedie die de zanger twee jaar geleden overkwam -op 14 juli 2015 stortte zijn vijftienjarige zoon Arthur onder invloed van lsd van een klif in Brighton- had de band met zijn fans blijkbaar nog versterkt. Toch werd het concert in Antwerpen méér dan een dodenwake: Nick Cave wilde vooral verheffen en inspireren en dat deed hij met zoveel messiaanse bevlogenheid dat je achteraf alleen maar kon gewagen van een Belevenis met hoofdletter.Wel vreemd dat de artiest, wiens jongste twee cd's tot de persoonlijkste en meest intimistische uit zijn carrière behoren, dezer dagen uitsluitend onherbergzame arena's aandoet. Het vorig jaar verschenen Skeleton Tree was het indringende verslag van een rouwproces, gedomineerd door abstracte teksten, elektronische loops, ambient-geluiden, dwarse ritmen en losse songstructuren. Een plaat die alles op zijn kop zette; een koortsdroom waaruit het moeizaam ontwaken was. Menigeen vroeg zich dus angstig af hoe Nick Cave dit materiaal naar het podium zou weten te vertalen. Maar de zanger was vastbesloten het leven op de dood te laten zegevieren en zoals alle grote kunstenaars toonde hij zich in staat zijn trauma's in een vorm te gieten die de belofte van een catharsis inhield. De boodschap die Cave zijn publiek meegaf luidde: ook al draag je littekens, je houdt niet op te bestaan. En dus verscheen dit jaar Lovely Creatures, een uitgebreid overzicht van zijn ruim dertig jaar omspannende carrière met The Bad Seeds en is hij inmiddels begonnen aan een nieuwe langspeler die het sluitstuk moet vormen van de trilogie die met Push The Sky Away werd ingezet. Onlangs werd hij zelfs als (anti)held opgevoerd in Mercy On Me, een literaire strip van Reinhard Kleist. Het enige verweer dat we hebben tegen emotionele aardbevingen, zegt Cave, is nu eenmaal de macht van onze verbeelding. Het zwaarmoedige materiaal uit Skeleton Tree kwam tijdens de set uitgebreid aan bod, maar het had wél een transformatie ondergaan: de songstructuren waren duidelijker afgelijnd en er werden op een subtiele manier accenten verlegd. Nick Cave begon de avond zittend op een krukje met een doorvoeld vertolkt Anthrocene en in Jesus Alone neigde de samenzang van The Bad Seeds zelfs naar gospel. Vanaf het minimalistische Magneto zocht Cave, zoals gewoonlijk in maatpak, voortdurend de rand van het podium op, waarbij hij bewust aanstuurde op fysiek contact met de toeschouwers. De zanger ijsbeerde over het podium als een gekooide tijger en stond, behalve op de schaarse momenten dat hij piano speelde, geen seconde stil. Het was alsof hij via zijn hyperkinetische lichaamstaal wilde vermijden door sombere gedachten te worden overmand.Dat Nick Cave nog steeds een gewiekste showman is, bleek tijdens de wurgend intense versie van Higgs Bosom Blues waarin The Bad Seeds zich meesters toonden van de onderhuidse dreiging en het publiek de vraag 'Can you hear my heart beat?' met een steeds luider 'BOOM BOOM BOOM!' beantwoordde. De groep klonk gedisciplineerd en ingehouden waar het moest, maar uitbundig rammelend waar het kon. Dat laatste werd vooral duidelijk in eighties classics zoals het schurende From Her To Eternity, waarin Warren Ellis met zijn viool als een sjamaan over het podium danste en ook drummer Thomas Wydler en vibrafoonspeler Jim Sclavunos de aandacht opeisten, of in het stormachtige Tupelo dat als een vernietigende tsunami de zaal inrolde. Op die barokke, met taal uit het Oude Testament doorspekte hardcore-momenten, toonde Nick Cave dat hij het brullen en schreeuwen nog niet was verleerd. Ook tijdens andere publieksfavorieten, zoals het kolkende Red Right Hand (met een licht gewijzigde tekst waarin nu sprake was van 'tweets' en 'Instagram pages') en het geleidelijk accelererende The Mercy Seat, gaf multi-instrumentalist Ellis overtuigend aan waarom hij dezer dagen als de onbetwiste spilfiguur van The Bad Seeds bekend staat. Hij mocht zowaar zelfs een knuffel van de baas in ontvangst nemen.Caves begeleiders waren zo wendbaar dat ze in een handomdraai konden overschakelen van noisy naar elegant, zoals tijdens Jubilee Street, dat uitmondde in een fraaie climax. Met populaire ballads als The Ship Song en Into My Arms verviel de show helaas even in meligheid. Geloof het of niet, maar de man die zich vroeger als Koning Kraai liet aanspreken, verzocht de aanwezigen zelfs om mee te zingen.Niets tegen Nick-de-crooner, maar wat ons betreft kwam hij toch pakkender uit de hoek in recente songs als Girl in Amber, I Need You en, vooral, Distant Sky, waarin de Deense sopraanzangeres Else Torp haar partij toevoegde vanaf een videoscherm. Met afsluiter Skeleton Tree, dat live van een vollere sound werd voorzien, bewees Nick Cave nog eens dat hij tussen zijn grote helden, Dylan en Cohen, al lang niet meer uit de toon valt.Tijdens The Weeping Song, de eerste bis, begaf de zanger zich onder de toeschouwers, die hij meesterlijk bespeelde en dirigeerde. Als een messias verhief hij zich boven het volk, met volle teugen genietend van alle aandacht die hem te beurt viel. Vervolgens liet hij een veertigtal fans het podium inpalmen, terwijl hij de schuimbekkende bluesklassieker Stagger Lee opdiepte, om de avond uiteindelijk majestueus af te ronden met Push the Sky Away.Nick Cave stond in Antwerpen op het podium als een overlever die zich ook door de onvoorstelbaarste drama's niet klein liet krijgen. Dit was een warme, humane Cave, die zich liet voeden door het gemeenschapsgevoel en dezer dagen liever aantrekt dan afstoot. Of hoe het verlies van de een, paradoxaal genoeg, een verrijking voor de ander kan betekenen.