'Ik heb hier al een paar keer voor iemand geopend en dat is niet altijd even dankbaar geweest', dixit Bram Vanparys, nu al dik tien jaar de nachtegaal achter The Bony King of Nowhere (****). 'Ik ben blij verrast dat jullie vanavond zo vriendelijk en stil zijn, merci.' De knik in zijn stem verraadt zenuwachtigheid. Vanparys - die niet toevallig in het voorprogramma van Jeff Tweedy is beland; de twee maakten ooit nog plannen voor een gezamenlijke plaat - heeft dan ook een vol jaar geen podiumhout meer onder zijn voeten gevoeld, en zelfs nauwelijks iets anders gezien dan de caravan waarin hij zijn weldra te verschijnen nieuwe plaat Silent Days bij elkaar schreef.
...

'Ik heb hier al een paar keer voor iemand geopend en dat is niet altijd even dankbaar geweest', dixit Bram Vanparys, nu al dik tien jaar de nachtegaal achter The Bony King of Nowhere (****). 'Ik ben blij verrast dat jullie vanavond zo vriendelijk en stil zijn, merci.' De knik in zijn stem verraadt zenuwachtigheid. Vanparys - die niet toevallig in het voorprogramma van Jeff Tweedy is beland; de twee maakten ooit nog plannen voor een gezamenlijke plaat - heeft dan ook een vol jaar geen podiumhout meer onder zijn voeten gevoeld, en zelfs nauwelijks iets anders gezien dan de caravan waarin hij zijn weldra te verschijnen nieuwe plaat Silent Days bij elkaar schreef.Een beetje eenzaamheid is The Bony King dus niet vreemd. Geen wonder dat hij zich in het Rivierenhof zo makkelijk uit de slag wist te trekken, ook al stond hij er moederziel alleen, met enkel een gitaar en een batterijtje soundscapes voor het grijpen. Dat laatste rukte hij vooral aan in Going Out, schijnbaar gemodelleerd op de schemerdonkere moodswingrock van The War On Drugs. 'I wish I could just disappear', zong Vanparys, en u verdween samen met hem in Het Moment. Met uitzondering van de Neil Youngeske fingerpicker Travelling Man, uit de titelloze derde Bony King-plaat van zes jaar geleden, pakte Bram Vanparys in het Rivierenhof met niks dan nagelnieuw werk uit. Whenever We Meet Again, Like Lovers Do, het aan Kurt Vile schatplichtige Silent Days: het waren stuk voor stuk tranentrekkers, gebrandmerkt door het litteken van een relatie die na lange tijd op de klippen is gelopen.'This silence in here gets darker every day, it is breaking us apart', kreunde The Bony King of Nowhere als een volleerde Thom Yorke. U kon niet anders dan collectief mee te rouwen, vriendelijk en in stilte.Niet alleen The Bony King, maar ook Jeff Tweedy (*****) kwam helemaal solo de bühne op geslenterd. 'Ik ga songs spelen van alle platen waar ik ooit deel van uitgemaakt heb', zei hij. 'Of nee, wacht: dat zijn er té veel. Ik ga songs spelen van de mééste platen waar ik ooit deel van uitgemaakt heb.' En ja hoor, een ruime selectie uit het oeuvre van Wilco, maar evengoed dat van diens uiteengespatte voorloper Uncle Tupelo en de gelegenheidsgroepen Golden Smog en Loose Fur, was uw deel. 'I dreamed about killing you again last night, and it felt all right to me', stak Tweedy - zichtbaar wat aangekomen, en met grijzende lange lokken die zich schuilhielden achter een pet - van wal in Via Chicago, ook zónder de perfecte gitaarstorm van Wilco-collega Nels Cline een dijk van een song. Americana met een angel. Bombs Above verklapte daarna al meteen dat er nieuw solowerk van Tweedy op komst is, en dat dat misschien wel van het persoonlijkste zal zijn wat hij ooit neerpende. 'Suffering is the same for everyone', klonk het mistroostig. Wat later doorstonden ook die andere nieuwkomers, New Wave Theater en Noah's Flood, de livevuurdoop. Meer nog: die laatste zorgde voor hét meezingmoment van de set, ook al had u van het nummer in kwestie dus nog nooit gehoord. 'Let's go rain again': wie erbij was, krijgt het nog altijd niet uit z'n kop.'Ik heb geen hitsongs', meende Tweedy nog. 'Ik bedoel: iedereen wil altijd een ander nummer van mij horen. Wat ik voorstel: als je de song die je goed vindt gehoord hebt, please leave. Dan weet ik ten minste wanneer ik moet stoppen.' Niemand die er ook maar aan dacht om te vertrekken.Waarom zou je ook, met alles wat nog moest volgen: de frivole meefluiter Hummingbird, het haast groovy Radio King, het slidegitaarmomentje Laminated Cat, de golden oldie Passenger Side, het op een ongebruikt stuk tekst van Woody Guthrie gebaseerde California Stars en het onsterfelijke Jesus, Etc., toch wel de beste song ooit over 9/11 die niet over 9/11 gaat.'Is het aan het regenen?' vroeg Jeff Tweedy. 'Nee? Het is alleszins fijn om buiten te spelen wanneer de zon niet schijnt en de mensen niet té blij zijn. My songs don't go too well with beach balls, you know. Dit zijn mijn meest feestelijke nummers. Let's hear it for depression!'Vrolijk werden we van Please Tell My Brother inderdaad niet, te meer omdat de regel 'please tell my father I love him still' in het licht van papa Tweedy's recente dood een nog diepere betekenis kreeg. Impossible Germany - zeg maar het Instant Street van Wilco - bleef ook poedelnaakt en ontdaan van zijn monumentale gitaaroutro moeiteloos overeind. In Misunderstood probeerde Tweedy de distortion uit het origineel dan weer op zijn akoestische gitaar te imiteren. Geestig.'I'd like to thank you all. For nothing', zong hij in die laatste. Jij bedankt, meneer Tweedy. Voor álles.