Ben Sluijs Quartet: melodie en meditatie

Saxofonist Ben Sluijs bracht onlangs zijn solodebuut uit, een antwoord op de sterk veranderende tijden van muziek maken. Zijn geliefkoosde biotoop blijft echter het podium, waarop hij zich laat omringen door bevriende muzikanten als Dré Pallemaerts. Deze keer nodigde Sluijs ook twee jongere collega's uit: pianist Bram De Looze en contrabassist Lennart Heyndels.
...

Saxofonist Ben Sluijs bracht onlangs zijn solodebuut uit, een antwoord op de sterk veranderende tijden van muziek maken. Zijn geliefkoosde biotoop blijft echter het podium, waarop hij zich laat omringen door bevriende muzikanten als Dré Pallemaerts. Deze keer nodigde Sluijs ook twee jongere collega's uit: pianist Bram De Looze en contrabassist Lennart Heyndels. De avant-première van dit kwartet kregen we al in 2016, toen de saxofonist in Middelheim carte blanche kreeg in de clubtent. Maar nu is er ook een opname, 'Particles'. Sluijs was maar al te fier dat hij die hier mocht komen voorstellen. Bij het Ben Sluijs Quartet stonden de twee grote m-woorden centraal: melodie en meditatie. Het kwartet ontplooide van meet af aan een oosters spiritueel sfeertje, met Sluijs op dwarsfluit. Een kolfje naar de hand van Pallemaerts, die zich al jaren verdiept in oosterse filosofieën.De Looze voegde er gepaste hedendaags klassieke ornamenten aan toe, terwijl Heyndels erover waakte dat de hartslag nooit té hoog opliep. Meer dan een uur lang hing er een aura van bezinning en contemplatie boven het podium, waarbij uiterst omzichtig naar de essentie gegraven werd. Laag na laag werd het basisideeëngoed verrijkt met nieuwe mogelijkheden. En telkens als je dacht dat de vier in een flessenhals terecht zouden komen, zorgden ze voor de juiste ontsnappingsroute.Met 'Miles Behind' brachten ze een ode aan het jazzicoon, helemaal in akoestische modus. Het toonde de veerkracht en inventiviteit van dit kwartet, met een Sluijs die ondanks de lang uitgesponnen arpeggio's nooit in ademnood raakte, en zijn drie begeleiders die los uit de pols swingden. Verdoken soulbop was het, maar dan geheel volgens hun eigen recept.Robin Verheyen, artist in residence van Jazz Middelheim, zit er niet om verlegen de grootste namen uit de jazzscene te benaderen. Voor zijn nieuwste worp 'When The Birds Leave' wist hij pianist Marc Copland, bassist Drew Gress en drummer Billy Hart te strikken. En in tegenstelling tot eerder dit jaar tijdens hun Europese tournee, tekenden ze deze keer álle vier present. Hun entrée was vurig en gebald, alsof ze zich wilden verontschuldigen voor de onvolledige bezetting van een aantal maanden geleden. Eenmaal de puntjes op de i gezet, was het tijd voor 'When The Birds Leave'. De sterk introspectieve kant van die plaat kwam volledig tot uiting in 'Melody For Paul', opgedragen aan Paul Motian. In het verlengde lag 'Vesper', een Drew Gress-compositie, opgevoerd zonder Verheyen. Die laatste, die moeiteloos overschakelde van sopraansaxofoon naar tenor, haalde zijn trio wat later weer uit hun cocon van kamerjazz, en dreef het tempo danig op. Een buitenkans voor Billy Hart om nog eens te illustreren hoe inventief hij is met cimbalen. Ook Verheyens 'Jabali's Way' werd op klinkende wijze ingeleid door de drummer. Het Robin Verheyen Quartet verviel zaterdag nooit in sterotypen, en zorgde voor het voordeligste ticket van Antwerpen naar New York, dé jazzhub bij uitstek.Sinds hij uit een coma ontwaakte, heeft Fred Hersch meer energie dan ooit, en volgen zowel de releases als de tournees elkaar razendsnel op. Hersch kwam naar Middelheim met zijn vertrouwde trio (met bassist John Hébert en drummer Eric McPherson) en presenteerde er met overtuiging zijn recentste, in de Bruggelse Flagey opgenomen album 'Live In Europe', wederom een sterk staaltje van zijn kunnen.De pianist outte zich als een romanticus die zowel Chopin als Bill Evans in de vingers heeft.Al tijdens de eerste tien minuten gleed een hele pianowereld voorbij. Hersch is zelf een getalenteerd componist, en toch nam hij de gelegenheid te baat om verschillende collega's in de verf te zetten. 'Sad Poet' werd opgedragen aan Antonio Carlos Jobim, 'For No One' was ontleend aan The Beatles' 'Revolver'. Het waren momenten waarop Hersch de tristesse van de eenzame poëet verklankte. Zijn twee kompanen volgden haast geruisloos in zijn zog, maar toverden na elk stilleven wel weer een tableau vivant tevoorschijn. Dit trio veranderde continu van richting en snelheid, zonder dat hun navigatiesysteem tilt sloeg, en sloot af met een verrassend eresaluut aan Monk. Fred Hersch blijft maar verbazen.Van Steve Miller tot Randy Newman en van Louis Armstrong tot Miles Davis: ze hebben allemaal een link met de befaamde Disney-deuntjes. Het nieuwste project in het rijtje is 'Jazz Loves Disney', opgenomen met de Franse The Amazing Keystone Big Band en een resem internationale vedetten. In Middelheim was evenwel geen Gregory Porter, Stacey Kent of Melody Gardot te bekennen, wel Ben l'Oncle Soul, Hugh Coltman, China Moses, Selah Sue en Myles Sanko. Er werd afgevaren met 'Turkey In The Straw' uit 'Steamboat Willie', de eerste Disney-tekenfilm. De stemming zat er meteen in, want we waanden ons in een oude bioscoopzaal. Maar dan liep het volledig fout. Was Coltman nu een complete miscast, of had hij er gewoon geen zin in? China Moses deed een verleidingspoging in de rol van Jessica Rabbit, maar is duidelijk geen Eartha Kitt. Myles Stanko's Disney-pakje zat dan weer veel te strak - wat een verschil met zijn stomende eigen optredens! Ben l'Oncle Soul probeerde nog in de voetsporen te treden van Cab Calloway, maar bleef steken in goede bedoelingen. Selah Sue kwam tot slot plichtmatig haar nummertje zingen, maar deed dat zonder veel bezieling. 'Everyone Wants To Be A Cat', klonk het zaterdagavond op Jazz Middelheim, maar jazzcats huilden als een Tex Avery-wolf. Een roemloze ondergang voor de sprookjeswereld van prinsessen en kabouters, en vooral: een schertsvertoning van jazz en van variété in het algemeen.