DA GIG: J. Bernardt en Pomrad in de AB Club, 24/3.
...

Niet iedereen was voorbereid op voorprogramma Pomrad. Zoals gewoonlijk leek het alsof de jaren tachtig al zijn kitsch over het Antwerpse trio heen hadden gekotst. Frontman Adriaan Van de Velde bespeelde een blitse keytar, droeg een spuuglelijk hemd en felgele sokken, has got the moves like Jackson en de funk van Prince. Het leverde enkele verwonderde blikken op. Des te beter, want dat verrassingseffect is een van Pomrads troeven. Van de Velde deed het publiek zelfs lachen tijdens het nummer Euh Ja Euh Nee, dat hij had aangekondigd als een Nederlandstalig lied maar dat eerder klonk als Donald Duck die zich aan hiphop waagt. Knights, het titelnummer van Pomrads debuut uit 2016, was dan weer een knettergekke elektronische track met gehakkelde stemmetjes en over elkaars voeten struikelende beats. Doordacht onvoorspelbaar: Pomrad in een notendop.Alleen, het was moeilijk om het publiek, pas een uur na het avondeten, mee te krijgen in deze explosie van funk en fun. Pomrad is als tequila: doeltreffend, maar je haalt het pas laat in de avond boven. Drie singles en een verleden en toekomst als cofrontman en gitarist bij Balthazar: meer is er voorlopig niet geweten over J. Bernardt. In de AB leerden we dan ook het een en ander bij. Dat Jinte Deprez zijn vertrouwde gitaar nauwelijks aanraakt, bijvoorbeeld. Dat twee derde van Pomrad - Van de Velde op keyboards en Klaas De Somer op drums - hem ruggensteunt. Of dat J. Bernardt dichter bij Chet Faker of James Blake dan bij Balthazar aanleunt. En vooral: dat Deprez ook solo perfect zijn mannetje kan staan.Deprez stond op het podium met een fantastisch lange bruine jas aan - één die bij de verkeerde persoon al snel aan een potloodventer zou doen denken. Hij was in zijn nopjes. Hij kronkelde op het podium en mepte op drumpads en cymbalen. Gitaar- en zangpartijen nam hij ter plekke op, om ze daarna als een loop terug te laten keren. Daardoor kwamen en gingen de riffs en de oehs, ohs en ahs. Sommige liedjes eindigden in een helse chaos, andere met een aanstekelijk refrein. Uiteindelijk wist je nooit waar zijn songs precies zouden uitkomen, en dat maakte zijn set extra spannend.'Mijn debuutplaat is bijna af en volgend nummer staat er normaal gezien ook op: Running Days', kondigde Deprez terloops aan. Het bleek een van de beste nummers van de avond te zijn. Een spookachtige triphopbeat, bezwerende samenzang en jankende gitaar leidden tot een verschroeiende finale. Zet die song maar sowieso op de plaat, Jinte.Andere hoogtepunten? Groovy single Wicked Street, pas uitgebracht en al luid meegezongen door het publiek. En single Other Man, waarmee J. Bernardt zijn reguliere set triomfantelijk - die blazers! - afsloot. Natuurlijk kon het nóg beter. Het optreden nam een valse start. Sommige nummers voelden nog onaf aan. Zo was er een schetsmatig lied met gesamplede zangpartijen van Elke De Mey, zangeres van Love Like Birds en lief van Deprez, dat eerder als een intermezzo aanvoelde. En het nummer in de bisronde - niet veel meer dan een constant herhaalde, somber klinkende akkoordenreeks - mocht meer beklijven. Maar hé, de rematch staat al gepland: J. Bernardt mag op 6 oktober opnieuw de AB aandoen, ditmaal de grote zaal. Tegen dan zullen die schoonheidsfoutjes wel verdwenen zijn.Ondertussen wordt het stilaan duidelijk waarom nu al drie Balthazar-leden een soloproject hebben opgestart: ze brengen er namelijk iets dat ze niet bij Balthazar kwijt kunnen. Bassist Simon Casier is plots frontman én gitarist als Zimmerman, Maarten Devoldere doet van Serge Gainsbourg met vriendin Sylvie Kreusch als Warhaus, en Jinte Deprez maakt dansbare r&b. De debuutplaten van Casier en Devoldere waren uitstekend, die van Deprez belooft dat ook te worden. Een jaar zonder Balthazar is zo erg nog niet.