Lizzo was op Rock Werchter good as hell, bitch! (****)
...

Lizzo was op Rock Werchter good as hell, bitch! (****)'Zijn jullie Belgen altijd zo nice and quiet?' wilde Lizzo weten. 'Dan moeten jullie dringend wat meer worden zoals wij, ratchet bitches from Houston. In plaats van thee te drinken, wil ik dat jullie voor elk nummer zeggen: "Okay, bitch, let's go!"' Ja, de 31-jarige Amerikaanse, bij de ambtenaren van haar gemeente bekend als Melissa Viviane Jefferson, haalde u op Rock Werchter stevig uit uw comfortzone. Daar had ze enkel een dj - publieksopwarmer Sophia Eris - en een stel rolschaatsende en vendelzwaaiende danseressen voor nodig. En een dozijn Lizzobangers, natuurlijk. Die funkten door het gebrek aan een liveband iets minder hard dan op plaat, maar maakten zo wél vrije baan voor de acrobatische soulstem van Lizzo zelf. Dat ze een streepje kan zingen bewees ze in Cuz I Love You, de titeltrack van haar vorig jaar verschenen chef-d'oeuvre, en in publiekslieveling Good As Hell. Dat ze kan rappen werd duidelijk in Soulmate en Truth Hurts. En dat ze ook de dwarsfluit beheerst - haar exemplaar heeft zelfs een naam én een eigen Instagramaccount, @sashabefluting - etaleerde ze in Juice, van alle Lizzobangers de meest in Prince-achtige retrofunk gedrenkte, én de beste. Verder was haar openingsconcert op Herman Schueremans' slotfeest vooral een langgerekt testament voor zelfliefde, 'want om de wereld te kunnen redden moet je eerst jezélf redden', vond de zelfverklaarde en trots twerkende big grrrl.Een ratchet bitch die voor (body) positivity predikt? Good as hell!Mahalia kwam voorlezen uit haar tienerdagboek (***)Ze schreef haar eerste song toen ze acht was, opende voor Ed Sheeran toen ze twaalf was en versierde een platencontract bij een major label toen ze dertien was. Daarna volgde Het Grote Niets, tot ze in 2017 plots viraal ging met een liveversie van Sober. Intussen is Mahalia twintig en is haar eerste full album, na enkele ep's en een mixtape, éindelijk nakende. Rock Werchter kreeg al een preview. Die bestond uit zwoele, harmonieuze soul&b-songs die zowel op Lauryn Hill als op Amy Winehouse gemodelleerd waren en teksten bevatte die ze recht uit haar tienerdagboek leek te hebben geplukt. One Night Only was een beleefde middenvinger naar de jongens die haar na één nacht dachten te kunnen dumpen, Sober ging over de tijd waarin ze 'the most amazing drunk texter' was en I Wish I Missed My Ex over de gast die ze op school niet kon krijgen en die ze jaren later een koekje van eigen deeg bakte - 'karma is a bitch'. Een concert als een diary of a teenage girl, dus: innemend in al zijn eerlijkheid, maar ook een tikje te onschuldig en ongevaarlijk om als meer dan een genietbaar tussendoortje tussen Lizzo en Rosalía beschouwd te kunnen worden. Yungblud ging er fucking hard tegenaan (***)De Noord-Engelse spring-in-'t-veld Dominic Harrison, beter bekend als Yungblud, klinkt alsof hij in de platencollectie van zijn ouders onverhoeds op een exemplaar van Licenced to Ill is gestoten. Net als The Beastie Boys destijds brouwt hij een cocktail van glampunk en hiphop. Alleen voegt hij er nu en dan ingrediënten uit ska, r&b en dancehall aan toe.Yungblud heeft een theateropleiding achter de rug en die blijkt hem ook als performer goed van pas te komen. In Werchter verscheen hij op het podium, gekleed in een zwart mini-jurkje en roze sokken. Had hij last van ADHD? Van linke verslavingen ('My favorite flavored sweets are raspberry amphetamines', zong hij ergens)? In ieder geval leek het alsof iemand springveren onder zijn schoenen had gemonteerd. De man, die enkel begeleid werd door een gitarist en een drummer, stond geen moment stil en nam iedere seconde op het podium te baat om zijn toeschouwers op te jutten. Voorts gedroeg hij zich als een kleuter die net een nieuw woord had geleerd en het daarom zo vaak mogelijk wilde gebruiken. In zijn geval was dat fucking, zoals in 'make some fucking noise', 'I want to see you fucking jump' of 'I want to see your fucking hands'.Rebellie zit Yungblud in het euh... bloed en dus bestond een groot deel van zijn set uit protestsongs. Tegen Donald 'fucking' Trump, tegen mensen die er niet voor terugdeinzen andermans gevoelens te exploiteren (I Love You, Will You Marry Me?), tegen meelopers of tegen moraalridders die zweren bij de gangbare seksuele stereotypen. Pittig detail: zijn grootvader speelde tijdens de seventies bij T. Rex, een belangrijke invloed op de jonge, androgyne David Bowie.Yungblud overhandigde zijn visitekaartje met 21st Century Liability. Zijn ouders, die er niet mee konden leven dat hij gay is, kregen een veeg uit de pan, zowel in Parents als in Medication ('Yep, ik kreeg tijdens mijn jeugd medicijnen voorgeschreven die mijn 'fucking' persoonlijkheid moesten veranderen'). Dat Harrison ook een song had die Anarchist heette, was ironisch, want zelf ging hij zich regelmatig te buiten aan de betere volksmennerij. Maar de energie die zijn muziek uitstraalde was zonder meer aanstekelijk. 'You're fucking mental', liet Yungblud optekenen, toen hij de wilde taferelen aanschouwde die zich in de moshpit afspeelden. Tegelijk toonde hij zich dankbaar, omdat het Belgische publiek het eerste was dat in hem geloofde. Eén ding was alvast duidelijk: het jonge volkje heeft er een nieuwe held bij.Zeal & Ardor sloot een pact met de duivel (**)Stel dat de Afro-Amerikaanse slaven zich niet tot God maar tot Satan hadden bekeerd. Wat voor invloed zou dat dan hebben gehad op het verloop van de muziekgeschiedenis? Die vraag vormde voor de Zwitserse zanger-gitarist Manuel Gagneux het motief om in 2014 Zeal & Ardor ('ijver en overgave') op te richten. De zeskoppige band combineert black metal met eeuwenoude spirituals of flarden delta blues en gospel zoals we die kennen uit de veldopnamen van de Amerikaanse musicologen John en Alan Lomax.Op zich een boeiend idee, dat, zo bleek tijdens de show van Zeal & Ardor op het podium van The Slope, bij momenten uitstekend werkte. In Servants, Come On Down, Don't You Dare en, vooral, Devil is Fine hoorde je het gerammel van roestige kettingen en de vraag- en-antwoordkoortjes van de chain gangs die tot anderhalve eeuw geleden in Amerikaanse gevangenissen dwangarbeid moesten verrichten. Alleen was het geen procedé waar een hele carrière op te bouwen viel. Na pakweg twintig minuten, begon het allemaal een beetje geforceerd over te klinken. De logge gitaarriffs verloren dan hun meerwaarde en begonnen zelfs lichtjes op onze zenuwen te werken.Goed, dat was buiten de diehards onder de fans gerekend, die in een cirkel vóór het podium een soort reidans voor metallo's opvoerden. Een merkwaardig ritueel dat kennelijk als doel had elkaar zoveel mogelijk blauwe plekken te bezorgen. Ieder diertje zijn pleziertje and all that. Maar wij keken intussen alweer met IJver en Overgave uit naar iets anders.Balthazar blijft Balthazar, ook in de hertimmerde versie (****)Gedurfd van Balthazar, op het hoofdpodium van Rock Werchter je enige show van de hele Belgische festivalzomer geven en die dan voor zeventig procent vullen met nieuwe nummers. Na het vertrek van violiste van het eerste uur Patricia Vanneste (vervangen door Tijs Delbeke van Sir Yes Sir) en de solo-uitstapjes Warhaus en J. Bernardt heeft de band rond Maarten Devoldere en Jinte Deprez zichzelf begin dit jaar dan ook proberen heruit te vinden met Fever, een plaat die niet met het hoofd maar met de heupen denkt. En daar hoorde dus ook een stevig hertimmerde (festival)set bij. Aftrappen deden ze weliswaar met het gebruikelijke hef-het-glasmomentje Blood like wine, maar was dat tot voor kort de vaste afsluiter van een Balthazarconcert, dan was het nu, samen met de enige track uit hun debuutalbum The Boatman, toch vooral een opmaatje naar de rest. Afrikaanse polyritmes (Fever), atonale trombone-intermezzo's (Grapefruit), junglebassen, koebellen, zelfs voorzichtige housebeats (Changes): we kregen het zondag allemaal voor de voeten geworpen. Maar zoals Devoldere in die laatste zong: 'All these changes won't change us.' Dat bleek op Rock Werchter te kloppen. Balthazar klonk er, ondanks al die verse input, nog steeds als Balthazar, een strakke live-unit met een kenmerkende bas- en drumsound die weet hoe een groove werkt. Nieuw lichaam, zelfde geest, sterke show. Greta Van Fleet viel te klasseren onder 'te negeren' (*)Alles wat ze zeggen over Greta Van Fleet is wáár. Ze klinken als een schaamteloze Led Zeppelin-kopie die heel goed naar de liveshows van Wolfmother en Jack White heeft gekeken op YouTube. Het is iets wat de broers Josh, Jake en Sam Kiszka en hun jeugdvriend Danny Wagner dan ook niet door iedereen in dank wordt afgenomen - getuige de vele memes en Reddit-pagina's waarin ze te kakken worden gezet, en de 1,6/10-quotering die Pitchfork hun nochtans met de Grammy voor beste rockalbum bekroonde langspeeldebuut Anthem of the Peaceful Army gaf. De stairway to hell lijkt al lang klaar te staan voor het uit Michigan afkomstige Greta Van Fleet. Maar zoals een slimme mens ooit zei: what doesn't kill you makes you stronger. En dus is de hype rond Greta Van Fleet zo groot dat hun business toch vooral very much a-boomin' is. Ze hebben een aanhang waar de gemiddelde hedendaagse gitaarband alleen maar van kan dromen, en mochten zondagavond, bij hun allereerste voet op Belgisch festivalgras, bijgevolg al meteen op het hoofdpodium van Rock Werchter aantreden, vlak vóór afsluiter Muse. Je zal maar de Muse-fan zijn geweest die het moest uitzitten. Spelen kunnen ze - zo bleek in onder meer Highway Tune, Black Smoke Rising en When The Curtain Falls heel even -, tot in den treure soleren helaas ook. En dat er, zeker op festivals, zoiets als een spanningsboog bestaat, is nog nooit tot hen doorgedrongen. Het leek vooral alsof de flegmatieke zanger Josh Kiszka heel graag wilde laten zien hoe groot zijn longinhoud is, snarendrijver Jake Kiszka hoe je een gitaar in je nek legt en bassist Sam Kiszka en drummer Danny Wagner hoe jeugdig hun blote basten wel ogen. Greta Van Fleet is erin geslaagd de opwindende muziek waar het zo duidelijk op gemodelleerd is tergend saai te doen klinken, en viel op Rock Werchter dus te klasseren onder 'te negeren'.Mac DeMarco viel op door niet op te vallen (***)Soms is het een verademing in Werchter een artiest aan het werk te zien die het hele circus niet al te ernstig neemt. De Canadees Mac DeMarco was er zo één. Hij verscheen in korte broek en had een vriend meegebracht die op het podium een boekje las, een duik in het publiek nam, één korte gitaarsolo speelde en helemaal op het einde een even geschifte als overbodige Oasis-cover zong (Champagne Supernova).DeMarco zelf demonstreerde een handenstand, stak een sigaret op, trok zijn T-shirt uit en amuseerde zowel zichzelf als de toeschouwers. Alleen deed hij dat niet noodzakelijk via zijn muziek. De zanger en de leden van zijn band, die tussen de bedrijven door allerlei gekke tekenfilmstemmetjes imiteerden, gedroegen zich zo goofy als de gelijknamige hond. Maar misschien had één en ander iets met hun alcoholconsumptie te maken: de heren dronken hun wijn rechtsreeks uit de fles.In wezen waren Mac DeMarco's songs als zeepbellen die onopvallend voorbijdreven op een lentebries. We hoorden wiegende lounge-jazz, ontspannen funk, zelfs een flard zwoele tropicália. Het stoorde niet, maar het bleef ook niet hangen. Viceroy was al voorbij voor het goed en wel was begonnen, maar Choo Choo (over een trein), My Old Man (over daddy issues) en Another One (over veel dorst) werden niettemin door een flink deel van de toeschouwers meegezongen. Dat er af en toe een van de pot gerukt stukje heavy metal voorbijkwam, geen mens die erom maalde. Het maakte allemaal deel uit van DeMarco's surrealistische gevoel voor humor. Iemand zou hem er een prijs voor moeten geven.New Order deed je dansen met een krop in de keel (*****)Kan een groep die al bijna veertig jaar bestaat de massa nog in beweging krijgen? Als het om New Order gaat: you bet! Bernard Sumner en zijn gevolg zijn dan ook pioniers pur sang. In de vroege eighties waren ze één van de eersten om een brug te bouwen tussen gitaarrock en elektronische dansmuziek en hun catchy popmelodieën te versmelten met de productietechnieken van Kraftwerk, Georgio Moroder en Arthur Baker. Vele decennia later is hun house nog steeds niet ingestort en blijven hun plaatjes méér dan welkom in de hippere discotheken. Ook in Werchter werden de dame en heren van New Order opgewacht door een goed gevulde Barn. Wie anno 2019 vragen had bij de relevantie van deze veteranen, hoefde niet lang op het antwoord te wachten. De band klonk opvallend strak, vitaal, dynamisch en energiek. Bovendien werden de toeschouwers getrakteerd op een zinnenprikkelend klank- en lichtspel, met flitsende visuals. En neen, de drie nummers uit hun jongste plaat Music Complete, vielen geenszins uit de toon tussen New Orders grootste hits. Sumner droeg een T-shirt met het artwork van Unknown Pleasures, het klassieke debuut van Joy Division dat precies vier decennia geleden uitkwam. En aangezien de helft van dat gezelschap ook nú nog op het podium stond, kregen Shadowplay en Transmission, tot grote vreugde van het publiek, in Werchter een plek op de setlist. Sumner zong niet alleen beter dan ooit, ook zijn gitaarspel had niets van zijn oorspronkelijke glans verloren.Zij die een beentje wilden uitslaan, werden op hun wenken bediend met trefzeker afgevuurde knallers als Subculture, Bizarre Love Triangle en True Faith(de manier waarop in het laatst genoemde de house-piano plots inviel, was niets minder dan geniaal). Zodra de eerste noten van Blue Monday weerklonken, ging het dak van de tent. Naar het einde toe speelde Barney op het klavier zelfs nog een quatre-mains met de onverstoorbare Gillian Gilbert. En ook Temptation was een dance-bom die recht in je gezicht ontplofte. Neen, dit was geen jeugdsentiment. New Order had het vertrek van bassist Peter Hook zonder kleerscheuren overleefd en wist, met de hulp van twee relatief jonge krachten, zijn sound probleemloos naar 2019 te vertalen. Het enthousiasme van het publiek kwam recht uit het hart en een toegift kon dus niet uitblijven. Terwijl het onsterfelijke Love Will Tear Us Apart werd ingezet, verscheen een close-up van wijlen Ian Curtis op het scherm: een impliciete ode aan een gevallen maar niet vergeten strijdmakker. Kun je dansen met een krop in de keel? Kunnen euforie en ontroering samengaan? In het universum van New Order is duidelijk àlles mogelijk.