Matthew Halsall & The Gondwana Orchestra: soundtrack voor een zomerse familiedag (**)

Het zat de Britten uit Manchester niet mee. Twee groepsleden (saxofonist en vocaliste) zaten vast in een buitenlandse luchthaven waardoor het septet meteen herleid werd tot een kwintet. Het verplichtte de uitgedunde gelederen vliegensvlug hun repertoire anders in te kleden. Gelukkig hadden ze nog de nodige troeven in huis om deze onverwachte hindernis gedeeltelijk te omzeilen.

Je zag voor je ogen beelden van een kamelenkaravaan in een woestijnlandschap heuvels op en af trekken.

Groepsleider en trompettist Halsall bezit een zeer persoonlijke warme klank, sterk gedrenkt in de lyrische traditie waar Enrico Rava en Paolo Fresu faam mee maakten. Bijzonder blijft de grote rol van harpiste Rachael Gladwin in dit kader en ook pianist, drummer en bassist hebben ontegensprekelijk kennis van zaken. Alleen benutten ze dit potentieel nooit echt. Ze begonnen eraan op een 5/4-maat, ontleend aan Paul Desmonds 'Take Five'. Uiteindelijk vormde dit de obsessionele rode draad doorheen het hele concert. Veel spannender en uitbundiger werd het nooit.

De vijf musiceerden rustig verder op een haast identiek wiegend ritme. Je zag voor je ogen beelden van een kamelenkaravaan in een woestijnlandschap heuvels op en af trekken. Ideale muziek om van te genieten in familieverband op een zomerse namiddag als deze. De bevlogen avontuurlijkheid waarmee de groep ons verraste een aantal jaar geleden tijdens het C-mine jazzfestival in Genk, bleef helaas achterwege. Een herkansing met volledige bezetting dringt zich op.

Dave Harrington Group: kosmische fusion en ontwrichtende progjazz (***)

Dankzij Flying Lotus, de man achter het spraakmakende Brainfeeder-label die ook al kon rekenen op de medewerking van Herbie Hancock, krijgen hippe electrobeats meer en meer krediet in het jazzmilieu. Dave Harrington komt uit een gelijkaardige scene, zij het via andere wegen.

Dave Harrington Group, Wouter Van Vaerenbergh
Dave Harrington Group © Wouter Van Vaerenbergh

Voor zijn passage in Gent liet hij de presentator aankondigen dat woorden niet zijn sterkste kant zijn en dat de reis belangrijker is dan de eindbestemming. Communicatie met het publiek was dus nihil, verrassende wendingen waren er des te meer. Dit was het spaceship waar we al drie dagen zaten op te wachten. Het werd een trip waarbij we nu eens uiterst bedacht dan weer roekeloos van het ene parallelle universum naar het andere gebeamed werden. Een bijwijlen huiveringwekkende ervaring met flarden dark wave, steampunk en kosmische progrock die voorbijflitsten. Het aura van Pink Floyd hing daarbij in de stuurcabine en de logboeken stonden boordevol poëzie van het magisch-realistische type. Ze hadden vooraf klaarblijkelijk de vroegere vluchtschema's van Steve Hillage en Ash Ra Tempel bestudeerd.

Extra ster voor de drummer die in een geluidsdecor van intimistische synthesizerloops (een KORG-model voorop) een uitgerekte solo bracht waarvan de tent stil werd. Wat een verademing na al de houthakkerssolo's die we hier al moesten aanhoren. Boek zo snel mogelijk uw ticket voor hun volgende trip.

John Cale: verantwoord recycleren (***)

Hij vertoefde aanvankelijk in de avant-gardistische milieus waar ook La Monte Young, Morton Feldman en John Cage rondhingen. Samen met Lou Reed en The Velvet Underground schreef hij in de jaren zestig popgeschiedenis om nadien een nog succesvollere solocarrière uit te bouwen. Constante in zijn werk: durf, een ongebreidelde honger naar experiment en zijn liefde voor diverse kunstvormen.

Al die laatste eigenschappen zijn er nog steeds, zelfs nu hij zich begeeft op het pad van de recyclage. Recent bracht hij namelijk 'Music For A New Society', zijn klassieker van drieëndertig jaar geleden, opnieuw uit maar dan wel grondig herwerkt. Zijn passage in Gent diende duidelijk ter promotie van die release. De knop van de tijdmachine werd op eind jaren zeventig, begin jaren tachtig gezet toen drumcomputers nieuw klonken en psychedelische beelden de opkomende videoclips een verantwoord kunstkarakter gaven. Een ontspannen John Cale, rechtopstaand achter zijn toetsenbord, had het allemaal bij en kondigde mooi elk nummer aan. Als zanger neigt hij meer en meer naar Bowie.

John Cale, Wouter Van Vaerenbergh
John Cale © Wouter Van Vaerenbergh

De algehele sfeer van het concert deed trouwens sterk denken aan de doemsound van diens Berlijnse periode. Dit was zeker niet Cale zijn 'Black Star' maar zowel nostalgici als de jonge generatie hadden het hier naar hun zin. Waardig oud worden op het podium, noemen ze dat. Met 'I'm Waiting For The Man' als bisnummer kon iedereen uiteindelijk met een tevreden glimlach naar huis, al dan niet via de platenstand.

(Georges Tonla Briquet)

Het zat de Britten uit Manchester niet mee. Twee groepsleden (saxofonist en vocaliste) zaten vast in een buitenlandse luchthaven waardoor het septet meteen herleid werd tot een kwintet. Het verplichtte de uitgedunde gelederen vliegensvlug hun repertoire anders in te kleden. Gelukkig hadden ze nog de nodige troeven in huis om deze onverwachte hindernis gedeeltelijk te omzeilen. Groepsleider en trompettist Halsall bezit een zeer persoonlijke warme klank, sterk gedrenkt in de lyrische traditie waar Enrico Rava en Paolo Fresu faam mee maakten. Bijzonder blijft de grote rol van harpiste Rachael Gladwin in dit kader en ook pianist, drummer en bassist hebben ontegensprekelijk kennis van zaken. Alleen benutten ze dit potentieel nooit echt. Ze begonnen eraan op een 5/4-maat, ontleend aan Paul Desmonds 'Take Five'. Uiteindelijk vormde dit de obsessionele rode draad doorheen het hele concert. Veel spannender en uitbundiger werd het nooit. De vijf musiceerden rustig verder op een haast identiek wiegend ritme. Je zag voor je ogen beelden van een kamelenkaravaan in een woestijnlandschap heuvels op en af trekken. Ideale muziek om van te genieten in familieverband op een zomerse namiddag als deze. De bevlogen avontuurlijkheid waarmee de groep ons verraste een aantal jaar geleden tijdens het C-mine jazzfestival in Genk, bleef helaas achterwege. Een herkansing met volledige bezetting dringt zich op.Dankzij Flying Lotus, de man achter het spraakmakende Brainfeeder-label die ook al kon rekenen op de medewerking van Herbie Hancock, krijgen hippe electrobeats meer en meer krediet in het jazzmilieu. Dave Harrington komt uit een gelijkaardige scene, zij het via andere wegen. Voor zijn passage in Gent liet hij de presentator aankondigen dat woorden niet zijn sterkste kant zijn en dat de reis belangrijker is dan de eindbestemming. Communicatie met het publiek was dus nihil, verrassende wendingen waren er des te meer. Dit was het spaceship waar we al drie dagen zaten op te wachten. Het werd een trip waarbij we nu eens uiterst bedacht dan weer roekeloos van het ene parallelle universum naar het andere gebeamed werden. Een bijwijlen huiveringwekkende ervaring met flarden dark wave, steampunk en kosmische progrock die voorbijflitsten. Het aura van Pink Floyd hing daarbij in de stuurcabine en de logboeken stonden boordevol poëzie van het magisch-realistische type. Ze hadden vooraf klaarblijkelijk de vroegere vluchtschema's van Steve Hillage en Ash Ra Tempel bestudeerd. Extra ster voor de drummer die in een geluidsdecor van intimistische synthesizerloops (een KORG-model voorop) een uitgerekte solo bracht waarvan de tent stil werd. Wat een verademing na al de houthakkerssolo's die we hier al moesten aanhoren. Boek zo snel mogelijk uw ticket voor hun volgende trip. Hij vertoefde aanvankelijk in de avant-gardistische milieus waar ook La Monte Young, Morton Feldman en John Cage rondhingen. Samen met Lou Reed en The Velvet Underground schreef hij in de jaren zestig popgeschiedenis om nadien een nog succesvollere solocarrière uit te bouwen. Constante in zijn werk: durf, een ongebreidelde honger naar experiment en zijn liefde voor diverse kunstvormen. Al die laatste eigenschappen zijn er nog steeds, zelfs nu hij zich begeeft op het pad van de recyclage. Recent bracht hij namelijk 'Music For A New Society', zijn klassieker van drieëndertig jaar geleden, opnieuw uit maar dan wel grondig herwerkt. Zijn passage in Gent diende duidelijk ter promotie van die release. De knop van de tijdmachine werd op eind jaren zeventig, begin jaren tachtig gezet toen drumcomputers nieuw klonken en psychedelische beelden de opkomende videoclips een verantwoord kunstkarakter gaven. Een ontspannen John Cale, rechtopstaand achter zijn toetsenbord, had het allemaal bij en kondigde mooi elk nummer aan. Als zanger neigt hij meer en meer naar Bowie. De algehele sfeer van het concert deed trouwens sterk denken aan de doemsound van diens Berlijnse periode. Dit was zeker niet Cale zijn 'Black Star' maar zowel nostalgici als de jonge generatie hadden het hier naar hun zin. Waardig oud worden op het podium, noemen ze dat. Met 'I'm Waiting For The Man' als bisnummer kon iedereen uiteindelijk met een tevreden glimlach naar huis, al dan niet via de platenstand. (Georges Tonla Briquet)