Toegegeven, het is beter dan niets. De organisatoren zorgen er tenminste voor dat de zwaar geteisterde muzikantenpopulatie iets om handen heeft en EuroSonic blijft, ook in zijn digitale vorm, een prima forum om nieuwe muziek te ontdekken. Alleen, terwijl je een avond lang naar je computerscherm zit te turen, mis je vooral de fysieke interactie tussen artiest en publiek, de onnavolgbare sfeer van de clubs en kleine theaters in Groningen, de discussies met gelijkgestemden over welke bands zich dit jaar wisten te onderscheiden en waarom. Maar gelukkig had ook dag twee van het festival genoeg lekkers te bieden om ons op het puntje van onze stoel te houden. Deze tien acts zijn, wat ons betreft, zeker het onthouden waard.
...

Toegegeven, het is beter dan niets. De organisatoren zorgen er tenminste voor dat de zwaar geteisterde muzikantenpopulatie iets om handen heeft en EuroSonic blijft, ook in zijn digitale vorm, een prima forum om nieuwe muziek te ontdekken. Alleen, terwijl je een avond lang naar je computerscherm zit te turen, mis je vooral de fysieke interactie tussen artiest en publiek, de onnavolgbare sfeer van de clubs en kleine theaters in Groningen, de discussies met gelijkgestemden over welke bands zich dit jaar wisten te onderscheiden en waarom. Maar gelukkig had ook dag twee van het festival genoeg lekkers te bieden om ons op het puntje van onze stoel te houden. Deze tien acts zijn, wat ons betreft, zeker het onthouden waard. Onlangs won ze de Rock Rally met muziek die weinig met rock te maken had. Wél schrijft de Vlaams-Ethiopische pure (f)luisterliedjes waarmee ze de snaren van je gemoed moeiteloos aan het trillen krijgt. Meskerem Mees houdt van eenvoud en soberheid: een klassieke gitaar, de cello van Febe Lazou en twee gouden stemmen volstonden om songs als Joe of Don't Ask Me in je geheugen te kerven. In Where I'm From liet de zangeres haar verbeelding helemaal de vrije loop en schetste ze een wereld waar jongens als meisjes gekleed gaan en iedere vijver gevuld is met wijn. Op het podium klinkt Mees nog een beetje timide, maar de stap naar een internationaal publiek is gezet. Dit sextet uit de Poolse universiteitsstad Krakow speelt folk, zij het niet van het belegen type. Zo laat het instrumenten als ukulele, viool of piano olijk botsen met elektronische beats. LOR komt veeleer ingetogen dan zwierig voor de dag, bedenkt fraaie melodieën en de Engelstalige teksten van chanteuse Jagoda Kundlinka, type Bye Bye Sun Francisco, sluiten vooral aan bij het hier en nu. Laten we het dus maar houden op charmante altpop met een folkloristische inslag. Andalusische droompop met een fikse scheut shoegaze, waarin zowel de erfenis van Cocteau Twins als die van My Bloody Valentine doorklinkt: dat is de sterkte van Uniforms, een van de meest spraakmakende jonge bands die momenteel de Spaanse muziekscene onveilig maken. Het gaat om drie vrouwen en één man die met galmende gitaren, ruimtelijke toetsenpartijen, een strakke ritmesectie en hemelse, nevelachtige zangpartijen behoorlijk wat indruk wisten te maken. Hun tweede plaat, Fantasia Moral, is net uit en met verleidelijke nummers als Semana Satán of Serena, slaagden ze erin ons onverbiddelijk bij de lurven te grijpen. Zeker, er zijn slechtere springplanken denkbaar dan Hooverphonic, maar met haar tweede langspeler Lonely Boy's Paradise overtuigde Noémie Wolfs vorig jaar definitief als solo-artieste. Ze werd door Studio Brussel naar EuroSonic afgevaardigd en overtuigde er met haar sensuele stem, organische band (die af en toe ook flarden melodica en viool de zaal inblies) en radiovriendelijke, moderne popliedjes als Notorious, Lovesong of Drive. Weinig spectaculair, wél altijd smaakvol. Londenaar Tom Greenhouse was oorspronkelijk een spoken word-artiest, die op een gegeven moment de behoefte aan een band voelde opborrelen. Die voorziet zijn sarcastische, vaak absurdistische verhaaltjes nu van een even puntige als hypnotische soundtrack. Springerigheid en maniakale gekte stonden centraal in Cardboard Man en London, songs met een monotone, naar Mark E. Smith verwijzende stem en rammelende, repetitieve gitaarriffs als voornaamste ingrediënten. The Cool Greenhouse bewees alleszins dat humoristisch, bevreemdend en maatschappijkritisch perfect samen kunnen gaan. Een ontdekking. Haar stem herinnert enigszins aan die van Stevie Nicks en thuis in Groot-Brittannië gooide ze al hoge ogen met haar langspeeldebuut Return en de door de BBC gekoesterde single Take Back the Radio. Bij ons is de zangeres uit Bristol, die vorig jaar nog toerde met Cass McCombs, nog zo goed als onbekend. Het is dus maar de vraag of haar tussen pop, country en lofi-folk bungelende liedjes en barokke arrangementen ook in de rest van Europa aftrek zullen vinden. Van ons krijgt ze alvast een aanmoedigend schouderklopje. Met hoog opspattende geluidsgolven, dissonante gitaarakkoorden en vrije songstructuren mikt dit potige sextet uit het noorden van Zweden niet meteen op een plekje in de hitlijsten. Blodet laat zich inspireren door bands als Sonic Youth en Swans en ook hun zangeres is, zo te horen, niet het zonnetje in huis. Niettemin sloeg de groep, met bezwerende nummers als She Remains en The River, een sierlijke brug tussen postrock en noise. Deze 21-jarige Londense zangeres van Jamaicaanse oorsprong, die eigenlijk Ava Laurel heet, is een exponent van de soundsystemcultuur. Ze maakt deel uit van het undergroundcollectief NiNE8, maar deze maand verschijnt haar derde solo-ep Butter-fly waarop ze al haar muzikale liefdes - neo-soul, hiphop, jazz, trap, dancehall en r&b - op een natuurlijke manier laat samensmelten. Geholpen door een soepel spelende live-band bindt ze de strijd aan tegen klassenverschillen, corrupte politici en seksisme en houdt ze een pleidooi voor vrouwelijke solidariteit. Met het wiegende Magpie is ze voorlopig geen concurrentie voor, pakweg, Arlo Parks. Maar haar authenticiteit hoeft zeker niet ter discussie te worden gesteld. Lee-James Edjouma omringt zich met veel volk op het podium en verstaat de kunst er telkens weer een feestje te bouwen. Hij is dan ook de zoon van de befaamde Kameroense saxofonist Manu Dibango en net als zijn biologische vader strijdt hij voor de emancipatie en verlichting van het Afrikaanse continent. Als toetsenman, producer en muzikaal regisseur opereert hij vanuit Parijs, onder het pseudoniem James BKS. Op EuroSonic combineerde hij Afro-funk met hiphop en liet hij zich omringen door een uitgebreide band, met gasten als Q-Tip, Idris Elba en Little Simz. Eén van de hoogtepunten van zijn set was pa Dubango's Soul Makossa, dat destijds door Michael Jackson als basis werd gebruikt voor Wanna be Startin' Something. Kun je westerse pop combineren met Anatolische rock en Turkse pyschedelische folk uit de sixties en seventies? Jazeker, het Amsterdamse Altin Gün ('Gouden dag') doet het al drie platen lang én met succes, tot in Amerika toe. Centraal in het geluid van de groep staan een sazspeler en Turkse zangeressen, die het repertoire van overwegend traditionals moeiteloos naar hun hand zetten. Het resultaat is een multicultureel stoofpotje dat niet alleen pruttelt, maar ook aanzet tot swingen.