'We are one', bromt de voice-over die het concert van Better Oblivion Community Center inleidt, en nog iets over dry eyes meditation dat we niet helemaal begrepen. Het komt erop neer dat Conor Oberst, bekend als Bright Eyes, en Phoebe Bridgers, bekend als zichzelf en als een derde van het fijne Boygenius, ons willen uitnodigen om allemaal samen te ontsnappen aan de sores van alledag in een vreemdsoortig resort , waar je je koude hart afgeeft aan de ingang. Melancholische deuntjes maken er de dienst uit, af en toe afgewisseld met een brok emogrunge. Meer dan één luisterplaat van de titelloze debuutplaat hadden wij alvast ...

'We are one', bromt de voice-over die het concert van Better Oblivion Community Center inleidt, en nog iets over dry eyes meditation dat we niet helemaal begrepen. Het komt erop neer dat Conor Oberst, bekend als Bright Eyes, en Phoebe Bridgers, bekend als zichzelf en als een derde van het fijne Boygenius, ons willen uitnodigen om allemaal samen te ontsnappen aan de sores van alledag in een vreemdsoortig resort , waar je je koude hart afgeeft aan de ingang. Melancholische deuntjes maken er de dienst uit, af en toe afgewisseld met een brok emogrunge. Meer dan één luisterplaat van de titelloze debuutplaat hadden wij alvast niet nodig om onze tienbeurtenkaart te bestellen.Live moeten de keizer en de koningsdochter van de indiefolk harder werken om zieltjes te winnen, moesten we vaststellen in de Antwerpse Roma. Openers My City en Big Black Heart klonken, zelfs met drie gitaren in de aanslag, mak en onevenwichtig. Oberst en Bridgers reden het gat grotendeels dicht met hun sterke samenzang, maar dan nog slaagden ze er niet in om de puzzelstukken op hun plaats te laten vallen.Pas na drie nummers zwaaiden de deuren van de beautyfarm der vergetelheid wijd open met Dylan Thomas, een nummer dat zelfs drie maanden na de release met elke luisterbeurt nog beter wordt en ook live even helder als Ardens bronwater in je oren stroomt. Meteen kwam er meer schwung in de set. Would You Rather, een duet uit de debuutplaat van Phoebe Bridgers, en het lekker wegwalsende Forest Lawn, aangekondigd als een nummer over karaoke op een kerkhof, leidden Better Oblivion Community Center verder op het pad van de verlichting.Het is die humor - ergens tussen ironie en cynisme in - die van Better Oblivion Community Center meer maken dan een indiesupergroep. De groep neemt haar muziek bijzonder serieus, maar laat in alles wat erbij komt kijken de teugels met zichtbaar genoegen vieren. Voor het zwaar op de hand liggende Exception To The Rule lieten Oberst en Bridgers zowaar strandstoelen en -ballen aanrukken, Devil Town van Daniel Johnston baadde dan weer in regenboogkleurtjes. Noteerden we nog met een plusje ervoor: Can't Hardly Wait, een cover van The Replacements met een snuifje The War On Drugs, het gevoelige Didn't Know What I Was In For en de punky update van Phoebe Bridgers' Funeral. Sowieso was het Bridgers die zich opwierp als het stralende middelpunt van de avond, meestal door haar lichtjes hese godinnenstrot regelrecht to infinity and beyond te katapulteren, maar ook door haar puike gitaarspel en zelfverzekere presence, ook en vooral als ze bovenop het drumstel kroop te midden van een zee van noisegitaren. Ryan Adams, haar voormalige beschermengel-met-vuile-manieren, leek verder weg dan ooit.Mocht het nog niet duidelijk zijn: Better Oblivion Community Center is theatraler, geestiger en muzikaal gedurfder dan de gemiddelde indieband. In hun universum geraken kost je wat tijd, maar je krijgt er wat voor terug. Een massage voor de oren en een warme jacuzzi voor het hart, om te beginnen.