HET CONCERT: Admiral Freebee en Philemon in OLT Rivierenhof, Antwerpen op 28/8.
...

Dat concerten in Coronatijden nauwelijks rendabel zijn, ligt voor de hand: de kosten liggen doorgaans hoger dan de inkomsten en dat noopt organisatoren tot kleinschaligheid. Admiral Freebee had zijn band dus thuisgelaten en liet zich voor de gelegenheid seconderen door Senne Guns, terwijl Anton De Boes, de frontman van de melodieuze lofi-popband Philemon, het voorprogramma noodgedwongen in zijn eentje afwerkte. Niet dat we daar iets op tegen hadden: het uit Sint-Niklaas afkomstige Philemon spiegelt zich aan goed volk als Grandaddy, Elliott Smith, Andy Shauf en The Fab Four, allemaal lieden die zeer goed weten hoe en met welke ingrediënten je een memorabele song in elkaar zet. Het gezelschap bracht tot dusver, naast enkele fijne singles, de voortreffelijke, door Pascal Deweze (zie Metal Molly en Sukilove) geproducte ep Hourglass uit, maar liedjes als Time en Familiar Stranger bleven ook in hun solo-akoestische gedaante moeiteloos overeind. De Boes toonde zich getalenteerd genoeg om haast achteloos de aandacht van de toeschouwers naar zich toe te trekken en verraste aan het eind ook nog met een zeer geloofwaardige versie van John Lennons Isolation. Wie Philemon vooraf nog niet kende, keerde gewis naar huis terug als nieuwbakken fan. Volstrekt onbegrijpelijk dat deze jongen het in 2018 niet tot de finale van de Rock Rally schopte. Twintig jaar geleden ging Tom Van Laere, alias Admiral Freebee, tijdens datzelfde concours met het zilver aan de haal en sindsdien groeide hij in Vlaanderen uit tot een vaste waarde. Niet al zijn platen zijn even onmisbaar, maar de man mocht toch maar mooi aan de slag met befaamde Amerikaanse producers als John Hanlon, Malcolm Burn en John Agnello en slaagde er zelfs in countrychanteuse Emmylou Harris, gitaarwonder J. Mascis van Dinosaur Jr en drummer Steve Shelley van Sonic Youth voor zijn kar te spannen. Als rootsrocker is de Admiraal vooral beïnvloed door grootheden als Neil Young, Bob Dylan en The Rolling Stones, maar een armblessure dwong hem vorig jaar zijn gitaar een poosje onaangeroerd te laten. Omdat stilzitten nu eenmaal niet in zijn aard ligt, begon Van Laere thuis te experimenteren met allerlei keyboards en elektronische snufjes, en dat resulteerde in een nieuwe sound en een ander type songs. In welke mate die evolutie bepalend wordt voor Don't Follow me, I'm Lost, zijn negende langspeler die dit najaar uitkomt, zal nog moeten blijken. Maar de vier nummers die tot dusver zijn losgelaten, klinken ons zowel verrassend als vertrouwd in de oren. In Antwerpen presenteerde Admiral Freebee zich tongue-in-cheek als het duo The Fluid Boys. Samen met Senne Guns boog hij zich over een stel elektronische klavieren en bracht hij, naast een handvol verse songs, ook bekende nummers die een stemmig nieuw jasje kregen aangemeten. Zo hoorde je bijvoorbeeld verwijzingen naar de sound van Fad Gadget, OMD en Devo, en dat was wel even wennen. Toch klonk het resultaat nooit geforceerd. In tegendeel zelfs: oude hits als Einstein Brain of Nothing Else to Do, die bij bovengetekende steevast allergische reacties plachten uit te lokken, wisten dit keer wél aangenaam te prikkelen en overklasten zowaar de originele uitvoeringen. Dat de baardige bard er zijn gevoel voor humor nog niet bij was ingeschoten, bleek al meteen uit de enigszins geactualiseerde tekst van opener Hope Alone. 'People of 2020, a virus is a human being too', zong hij met een metalig robotstemmetje. En telkens wanneer hij tijdens zijn optreden 'guitar!' riep, volgde er steevast een... toetsensolo Van Senne Guns. 'Hoe luisteren jullie dezer dagen eigenlijk naar muziek?', wilde de Admiraal weten. 'Via Spotify?' 'Neen, in het Rivierenhof! 'riep iemand, en dat was een antwoord dat de zanger duidelijk beviel. 'Om jullie te belonen houden we straks houden een tombola met allerlei virusjes', beloofde hij. 'Iedereen mag er dan gratis eentje uitkiezen'. Opvallend genoeg lag in Antwerpen het accent meer op (elektro)pop dan op rock. Dat kon de pret echter niet drukken, want Recipe For Disaster (met een stuwende synthbaslijn), de pianoballad Buddy en het kaalgeplukte Bad Year for Rock'n'Roll, waarin Admiral Freebee's falsetstemetje duidelijk naar het vermaledijde jaar 2020 verwees, wisten ook in hun nieuwe outfit te bekoren. Het laatstgenoemde nummer had, zo te horen, zelfs in dezelfde couveuse als het oeuvre van Suicide gelegen. Uiteraard prijkten alle singles die Tom Van Laere de voorbije maanden uitbracht in het openluchttheater op de setlist: het trage, bespiegelende No Ordinary Moments, het door vreemdsoortige rammelpercussie voortgejaagde This Dream of You, het ietwat nerveuze On A Day Like This One. Naar het einde van het concert toe, greep Admiral Freebee toch nog enkele keren naar zijn gitaar. Dat deed hij in 'I Did It For Love' ('Dit is zo nieuw dat het nog niet eens af is'), een wiebelende song met een sixties-vibe en vage verwijzingen naar doo-wop. Ook knap: de elektrische fingerpicking in The Wonder of Life. Freebee-de-klassieke-troubadour kwam pas in de slotminuten nog eens uit de kast, met het niet kapot te krijgen Rags 'N' Run (inclusief harmonica) en de enige bis, het solo gespeelde Man in the Long Black Coat, een Dylancover die we al kenden uit 's mans jongste (en misschien wel beste) lp A Duet For One. En zo trok Admiral Freebee een sierlijke streep onder een onderhoudend concert dat oud en nieuw perfect in evenwicht bracht en aantoonde dat de man niet te bedonderd is om uit zijn comfortzone te treden. De toeschouwers waren achteraf verbazend eensgezind: het had best wat langer mogen duren. Dirk Steenhaut