Een verfomfaaide nachtbraker wordt in het ochtendgloren uit de stadsspeeltuin verjaagd door moeders die de hoogte van haar hakken onbetamelijk vinden. Een jongedame verschijnt ingepilst op het eindejaarsfeestje, de Gucci-handtas vol pillen. Een vrouw gruwt bij de gedachte aan kinderen: waarom zou ze zich verkleden en er níét voor betaald worden?
...

Een verfomfaaide nachtbraker wordt in het ochtendgloren uit de stadsspeeltuin verjaagd door moeders die de hoogte van haar hakken onbetamelijk vinden. Een jongedame verschijnt ingepilst op het eindejaarsfeestje, de Gucci-handtas vol pillen. Een vrouw gruwt bij de gedachte aan kinderen: waarom zou ze zich verkleden en er níét voor betaald worden? Inderdaad, de human condition vormt voor Annie Clark een onuitputtelijke bron van vertier en ideeën. Op Masseduction (2017) mat ze zich de rol van dominatrix aan, om via industrial rock en steigerende synthpop de verhouding tussen macht en liefde/seks scherp te stellen. Daddy's Home is net zo conceptueel, maar dat valt door de nostalgische flou artistique minder op. De titel slaat op de recente vrijlating van Clarks vader, een witteboordcrimineel die tien jaar in de bajes doorbracht. Voor Clark het sein om de favoriete platen van haar verwekker - die ook háár jeugd hebben gekleurd - op te duikelen: rock met een groove, gepimpt met Wurlitzers, blazers, vrouwenkoren en een verdwaalde sitar, strak leer boven en wijde pijpen onder de gordel. Werden in de promocampagne al genoemd: Steely Dan, Sly & the Family Stone, Lou Reed. De kittige, klauwende funk van Betty Davis dan weer niet. Terwijl ons vel die wel degelijk gewaar werd, zoals Clark in Pay Your Way in Pain en het titelnummer vocaal uithaalt. Meer losse ritmische flow is verspreid over At the Holiday Party en Down - een wraakfantasie geïnspireerd door Stevie Wonders Songs in the Key of Life, daarvoor moet men bij St. Vincent zijn. Live in the Dream zweeft zes minuten lang in een baan om Pink Floyd, klievende gitaarinterventie inclusief. Waarop Clark - altijd graag een beetje meta - in The Melting of the Sun de woorden ' the dark side of the moon' in de lyrics strikt. De rest van die song wendt ze aan om een rist vrouwelijke idolen te roemen: Marilyn Monroe, Tori Amos of - toe maar - 'St. Joni'. Het zijn niet de enige minuten waarin Annie Clark, die soms nodeloze abstractie wordt verweten, onthult wie ze achter de St. Vincent-façade werkelijk is. Alle naar troost en leniging scharrelende types hierboven? Is ze zelf ooit geweest, beweert ze. Ook Warhol-muze Candy Darling en - buiten het gekozen tijdsvak - eightiesdivaatje Sheena Easton delen in Clarks bewondering. Dit alles verleent een onbetaalbare, touchante dimensie aan een gewiekste maar met plezier geslepen popplaat. Geef St. Vincent een dag op de almanak.