Machtig, hoe het jonge jazzkorps tegenwoordig duchtig voorwaarts marcheert maar evengoed zijwaarts, weg van de platgetreden paden. Maar ook mooi, hoe de oude rotten, de veteranen van de avant-garde, zich niet van de wijs laten brengen. Blue Note dat de terugkeer van toetsenist Dr. Lonnie Liston Smith (80) viert, bijvoorbeeld. Of tenorsaxofonist Archie Shepp (83), die onlangs een album lang in generatieoverschrijdende dialoog ging met pianist Jason Moran. En hier ...

Machtig, hoe het jonge jazzkorps tegenwoordig duchtig voorwaarts marcheert maar evengoed zijwaarts, weg van de platgetreden paden. Maar ook mooi, hoe de oude rotten, de veteranen van de avant-garde, zich niet van de wijs laten brengen. Blue Note dat de terugkeer van toetsenist Dr. Lonnie Liston Smith (80) viert, bijvoorbeeld. Of tenorsaxofonist Archie Shepp (83), die onlangs een album lang in generatieoverschrijdende dialoog ging met pianist Jason Moran. En hier Pharoah Sanders (80), ook zo'n saxgigant, die voor het eerst in vijftien jaar nog eens een plaat maakt. En het is een pronkstuk. Sanders is de grote hoornheld van hippe vogels als Kamasi Washington en Shabaka Hutchings. Hij speelde aan de zijde van (en inspireerde) John Coltrane, en hield na diens overlijden de fakkel van de spirituele jazz brandende met zijn soloalbums op Impulse! en als handlanger van weduwe Alice Coltrane. Hij werd nog eens over de streep getrokken door Sam Shepherd, alias Floating Points, de Britse knoppenbolleboos uit dezelfde entourage als Four Tet en James Holden die op albums als Elaenia (2015) en Crush (2019) electronica laat knetteren met uit analoge instrumenten geklaarde improvisatie. Vijf jaar hebben de heren geschaafd aan een symfonie voor koper, strijkstok en elektronische circuits. Een onafgebroken kosmische suite in negen delen, geduldig en gebalanceerd opgebouwd, met een uiterst geraffineerd gevoel voor leegte en textuur. De oude wijze, die door zijn instrument ademt als door een megafoon voor de ziel, en de jonge metgezel die het pad effent op een batterij synths en toetsen, richting een soundtrack voor het nirwana. Het is een werk van immense diepte, intense ruimte en tegelijk grote intimiteit. De bries die Sanders uit zijn longen perst haast voelbaar, het Londense symfonieorkest - opgenomen in de studio van 'vijfde Beatle' George Martin volgens de u bekende afstandsregels - en Shepherd die de luisteraar behoedzaam bij de oren trekt, als zat je ín zijn klavecimbel of Fender Rhodes. Georkestreerde jazz, dan denken wij aan Charlie Parker with Strings, aan Focus van Stan Getz, aan Miles Davis' Sketches of Spain. Dit tijdloze, majestueus uitgevoerde meesterwerk mag mee in het rijtje.