Dat hij mogelijk nog een beetje brak is, verontschuldigt Umi Defoort zich terwijl we halverwege de eerste hittegolf van de zomer het koelste plekje in zijn ouderlijk huis in Vorst uitzoeken. Dat blijkt uiteindelijk de goed geïsoleerde studio van zijn vader, jazzlegende Kris Defoort. We spreken hem daags na de show van Zwangere Guy op Couleur Café. 'Een thuismatch dus. En Gorik ( van Oudheusden, nvdr.) had er duidelijk nog zin in achteraf, hoewel ik al lang klaar was om naar bed te gaan. Ik drink ook niet: door de Japanse genen van mijn moeder kan ik geen alcohol verdragen. Dan word ik knalrood en ben ik de volgende dag nog zat.' Defoort lacht vanonder zijn modieuze knevel. Nu ja, grinnikt. Echt lachen doet Defoort eigenlijk nooit, zullen we achteraf pas beseffen.
...

Dat hij mogelijk nog een beetje brak is, verontschuldigt Umi Defoort zich terwijl we halverwege de eerste hittegolf van de zomer het koelste plekje in zijn ouderlijk huis in Vorst uitzoeken. Dat blijkt uiteindelijk de goed geïsoleerde studio van zijn vader, jazzlegende Kris Defoort. We spreken hem daags na de show van Zwangere Guy op Couleur Café. 'Een thuismatch dus. En Gorik ( van Oudheusden, nvdr.) had er duidelijk nog zin in achteraf, hoewel ik al lang klaar was om naar bed te gaan. Ik drink ook niet: door de Japanse genen van mijn moeder kan ik geen alcohol verdragen. Dan word ik knalrood en ben ik de volgende dag nog zat.' Defoort lacht vanonder zijn modieuze knevel. Nu ja, grinnikt. Echt lachen doet Defoort eigenlijk nooit, zullen we achteraf pas beseffen. Een dag eerder mochten ze openen op Rock Werchter, waar Zwangere Guy op de tonen van R.À.F. de mensenzee in de Barn wall of death-gewijs spleet, als een moderne Mozes. 'Epische shit. En behoorlijk emotioneel ook. Een dikke twee jaar geleden speelden we nog voor twintig man in een klein zaaltje in Brussel, vandaag voor twintigduizend in de Barn. Niet slecht. Zeker niet slecht.' Defoort zag Stikstof, het hiphopcollectief rond Omar G. (Van Oudheusden), Jazz, Rosko, Astro en Vega, vier jaar geleden voor het eerst aan het werk. Een jaar later mocht hij zelf openen voor hen, en kwam hij op voorspraak van Jazz bij Van Oudheusden terecht toen die een dj zocht voor zijn soloproject. Zijn eigen debuut, onder de noemer UM!, ligt ondertussen ook klaar. Met Enelix loste hij vorige zomer alvast een zeer aardig trap-anthem als binnenkomertje. 'Eigenlijk moest die plaat ook in 2018 verschijnen, maar door het succes van Wie is Guy? leek het ons slim om een beetje te wachten. Niets mis met je tijd nemen.' Defoort mikt nu op het najaar. 'Ik ben opgevoed op een dieet van Ornette Coleman, Bach, Prince, Björk en Miles Davis. Mijn hoofd schiet dus alle kanten uit, en dat zul je ook horen. Old school. New school. Rap. Pianomuziek. Geen Bach, nee.' Je bent eigenlijk klassiek geschoold. Umi Defoort: Ik speelde klassieke viool tot mijn twaalfde en klassieke piano tot mijn achttiende. Op mijn zestiende ben ik ook jazz en klassiek gaan combineren en ging ik drummen. Maar plots had ik echt geen plezier meer in repertoire spelen: te veel regeltjes en veel te weinig ruimte om er je eigen spin aan te geven. Voor jazz moet je eerst tien jaar studeren voor het echt plezant wordt. Nu heeft mijn vader zijn eigen projecten en kan hij uitwaaieren naar hedendaags klassiek en opera, maar daarvoor heeft hij ook eerst die studiefase moeten uitzweten. Dan is producen een betere kunstvorm voor mij: je hebt meteen resultaat en het wordt nooit routineus. Wat dacht jouw vader van die bocht? Defoort: Geen idee, maar ik denk dat ik hem meer kopzorgen gaf toen ik nog effectief voor muzikant studeerde. (grinnikt) Ik was echt niet de beste student. Hij heeft me altijd gesteund. Toen hij zag hoe ongelukkig ik was na drie jaar muziekproductie aan Codarts in Rotterdam, was hij ook diegene die zei: 'Stop er dan maar mee.' Ik ben hem daar nog altijd enorm dankbaar voor, want ik was doodsbenauwd om daar zelf over te beginnen. Die opleiding duurt vier jaar. Wat doet iemand stoppen met de meet in zicht? Defoort: Muziekproductie was een vrij nieuwe richting, waardoor ik vooral les kreeg van vijftigplussers. Zo beland je plots in verhitte discussies met leerkrachten die blijven volhouden dat radio nog altijd hét medium is om muziek te ontdekken. (sarcastisch) Uiteraard. Spotify, YouTube, SoundCloud, dat waait allemaal wel weer over. We moesten er vooral nummers van beginnende bandjes opnemen en mixen, maar dat is een wel heel verouderde visie op de taak van een producer. Wij zijn geen geluidstechnici meer die met bobijntjes tape zitten te klooien, hè. Vandaag spelen rappers en bands wat jij maakt, niet omgekeerd. 'Niets mis met je tijd nemen', zei je daarnet. Als er nochtans één lijn zit in de jongste reeksen van Generatie Nu, dan is het wel dat iedereen er heel snel wil staan. De gemiddelde 23-jarige krijgt blijkbaar paniekaanvallen als hij nog niet helemaal is doorgebroken op die leeftijd. Jij lijkt daaraan te ontsnappen. Defoort: Waarom zou je de volgende Lil Nas X willen worden? Vijf minuten aandacht krijgen is vandaag echt niet moeilijk. Maar dat is ook alles wat je krijgt. Ik ben pas geslaagd als mensen mijn shit over twintig jaar nog altijd pompen. Spreekt hier nu de classicus? Defoort: Ik ben inderdaad opgegroeid met standards. (grinnikt) Er is een reden waarom iedereen die maar blijft spelen. Ik geloof in de theorie dat je tienduizend uren nodig hebt om ergens écht goed in te worden. Dus waarom zou ik na drieduizend uren al met materiaal komen waarvan ik weet dat ik het over een jaar zelf vreselijk kut zal vinden? Ik wil classics maken. Ik herken hetgeen je omschrijft inderdaad in mijn generatie: velen willen alles tegelijk en wel meteen, maar zo limiteer je jezelf. Denk gewoon aan wat je morgen wilt doen én aan wat je over vijfentwintig jaar wilt doen. Kun je ook niet té lang kauwen op nummers? Defoort: Misschien ben ik het allemaal wat te lang aan het uitstellen? Misschien ben ik toch nog net iets te lui? Zou kunnen. Als ik, zoals dit weekend, twee shows met Gorik moet doen, heb ik ook niet meteen zin om daarna meteen zelf aan het werk te gaan. Maar ik heb het natuurlijk niet allemaal zelf in de hand. Je bent als producer ook afhankelijk van je rappers. Ik kan dan wel punctueel mijn beats leveren, maar zelfs bij de meest professionele rappers kan het wel een paar weken duren alvorens ze hun deel gedaan hebben. Vorig jaar trok je naar met Gorik naar Japan. Daar kwam een nieuwe track uit voort, Collage met Zwangere Guy en de Japanse rappers Kikumaru en KGE, en Zwanger in Japan, een docu van Kurt De Leijer. Daaruit leren we onder meer dat je nogal koppig bent, zelfs al sla je de bal enigszins verkeerd. Defoort: Als ik iets in mijn hoofd heb, krijg je er dat nog maar moeilijk uit. Het is mooi dat je me in die docu een fout ziet maken, want zo vaak gebeurt dat nu ook niet. (snel) Een drupje arrogantie heb ik ook wel, toch als het mijn muziek betreft. Bij de opnames van Enelix dacht ik ook dat het een goed idee was om als broekje autoritair de studio binnen te stappen en meteen Jazz, Le 77 en Gorik te commanderen. Ze keken me alle drie met dezelfde blik aan. 'Gast? What the fok?' (grinnikt) Goede les in nederigheid. Ik weet heel goed wat ik wil, ik moet het gewoon nog iets subtieler leren aanpakken. Net zoals ik dringend werk moet maken van mijn nonchalance. Ik hoop nog altijd dat Goriks werklust en toewijding besmettelijk blijken. Echt straf hoe professioneel hij alles aanpakt. Er zijn maar weinig rappers die, zoals Gorik, binnen de tien minuten op je mail antwoorden. Meestal moet je tien dagen wachten. Eigenlijk leer ik elke dag bij van hem. Trek ik het te hard op flessen als ik zeg dat een van jullie heeft moeten zwoegen vanaf zijn veertiende terwijl de ander relatief geprivilegieerd is opgegroeid? Defoort: Dat is precies wat het is. Op muzikaal vlak heb ik het weliswaar zelf moeten doen: mijn vader snapt geen snars van hiphop, laat staan dat hij me daarbij kon helpen. Nee, voor het gemak was ik beter jazzmuzikant geworden. (grinnikt) Maar Gorik heeft moeten vechten: als hij niet voor zichzelf zorgde, had hij gewoon niets. Dat soort leven is mij helemaal vreemd. Het is heel makkelijk om nonchalant te zijn als je vangnetten hebt en niets ooit echt móét. Mijn leven was geen struggle, en het dichtste dat ik daar ooit bij in de buurt ben gekomen, is toen ik op kot ging en bleek dat ik geen idee had hoe ik voor mezelf moest zorgen. Ik zal daar ook niet onnozel over doen: hiphop draait om real zijn, eerlijk zijn over waar je vandaan komt en wat je hebt meegemaakt. Je trok dit jaar voor de tweede keer met Gorik naar Japan, tijdens het Belgian Beer Weekend. Hoe liep dat? Ik zeg dit met heel veel liefde, maar is dat niet een beetje als een dronken beer in een porseleinwinkel? Een porseleinwinkel bovendien, waar onuitgesproken regeltjes en etiquette gelden? Defoort: Ik zal die analogie niet ontkennen. (lachje) Al had Gorik niets dan eerbied voor de cultuur en misschien zelfs iets te veel etiquette. Na zijn concert in Kagoshima werd hij in een dronken vlaag bijvoorbeeld helemaal verliefd op de uitbater. Hij wou hem zijn ketting geven uit dankbaarheid, maar halverwege die uitwisseling zijn ze vastgelopen in een eindeloze arigato-loop. Als iemand arigato(Japans voor 'dank u', nvdr.) zegt, beantwoord je dat en daar stopt het normaal ook. Alleen bleef Gorik dat maar herhalen, waardoor de uitbater geen andere keuze had. We zijn daar allemaal een uur van ons leven verloren. (grinnikt) *** De middagzon heeft de studio intussen dan toch in een oven veranderd, dus we zetten het gesprek al wandelend verder, richting de verkoeling van het Park van Vorst. We hoppen onderweg van schaduw naar schaduw, niet het minst omdat een van ons volledig in het zwart gekleed gaat. Sandalen van Y-3, het Adidas-sublabel van Yamamoto, en een overhemd van Wacko Maria Guilty Parties met schreeuwerig borduursel op de rug. 'En die broek?' 'Gewoon van Cos. Het hoeft niet allemaal peperduur te zijn. Ik geef nogal wat geld uit aan designerstukken, maar zelfs tweedehands kosten die nog een fortuin. En ik wil over twintig jaar liever niet meer bij mijn vader wonen, boven op een berg designerspullen.' Defoort heeft een aardig oog voor fashion. Net als zijn jongere broer Kaito, model bij Rebel Management en in 2017 door The New York Times zelfs nog getipt als een van de acht mannelijke modellen om in de gaten te houden. 'Al bouwt hij dat werk stilaan ook een beetje af, en daar ben ik eigenlijk blij om. Volgend jaar gaat hij productie studeren aan PXL. Hij surft op een heel andere vibe dan ik, maar hij maakt wel coole elektronische shit.' Waarom ben je er blij om dat hij het kalmer aan doet met modellenwerk? Defoort: Je verdient mooi geld voor wat in wezen een eindje wandelen is met fijne kleren aan, maar dat is geen duurzame carrière. Dat snapt hij ook. Bovendien is modellenwerk een ondankbare job, zeker voor mannen. Je wordt minder betaald dan vrouwelijke collega's, en als ze een nieuw snoepje van de week hebben, gooien ze je weg als een stuk vuil. De zelfmoordcijfers bij mannelijke modellen liggen helaas absurd hoog: je bent een bepaalde levensstijl gewoon, plots valt die weg, en sommigen kunnen daar echt niet mee dealen. Ik heb er al spijt van dat ik een simpele jeans aangetrokken heb. Defoort: Zolang je niet op een podium staat, maakt me dat helemaal niet uit, maar een rapper heeft de plicht om zich een beetje treffelijk te kleden. De eerste die bij mij in de studio met een basic Superdry-trui binnenwandelt, mag meteen weer vertrekken. Dan heb je het duidelijk niet begrepen. Dan heb je geen idee waarmee je bezig bent. Hoeveel rappers heb je zo al aan de deur gezet? Defoort:(droog) Dat is nog nooit nodig geweest. Maar je moet als artiest toch een beetje samenvallen met de hiphopcultuur? Daarom hoef je nog geen thug shit aan te trekken, maar hoe denk je precies door te breken als je echt nul persoonlijkheid uitstraalt? Dan begin je er vandaag beter niet aan, want er zijn nog honderd anderen die ongeveer hetzelfde kunnen als jij. John Coltrane zei ooit: 'Zelfs al ben ik morgen helemaal berooid, dan nog zal ik in een pak gaan werken.' Perceptie is echt geen detail. Waar komt die strakke esthetische blik vandaan? Defoort: Waarschijnlijk van mijn moeder. Zij heeft me de zeer Japanse voorliefde voor simpele maar heel goed uitvoerde kledij meegegeven. Al kleed ik me naar Japanse normen eigenlijk nog heel normaal: daar ben je tot je 28e vrij om zo gek te doen als je wilt, alvorens je te schikken naar een corporate keurslijf. Al zag ik vorig jaar hoe de extreemste vormen van zelfexpressie er stilaan ook verdwijnen. Een van de grootste streetfashionbladen is er onlangs gewoon mee opgehouden omdat ze naar eigen zeggen niets interessants meer zagen op straat. Je ziet er nog wel French maids, vrouwen in neonoutfits en haarvlechten in twintig verschillende kleuren, maar ze schuiven steeds meer op richting mainstream. Sinds de ramp in Fukushima is Japan zwaar gaan inzetten op toerisme, waardoor alles er steeds vaker door een westerse bril bekeken wordt. Hoe sterk voel jij je nog verbonden met jouw Japanse achtergrond? Defoort: Heb je mijn buiginkjes dan nog niet opgemerkt?' Ze zijn subtiel, maar ik doe het echt constant. Ik denk dat mensen mij een beetje een rare vinden. Hoe ouder ik word, hoe duidelijker je merkt dat het echt in alles zit wat ik doe. Zo zal ik ook nooit met luide stem praten. Ik val liever niet op. Of beter, je mag mij opmerken, maar het mag niet storen. En uiteraard hecht ik veel belang aan etiquette. Waaraan denk je dan? Defoort: Ik haat het bijvoorbeeld wanneer mensen praten op de tram. Waarom moet je anderen op zo'n moment dwingen jouw leven te ondergaan? Of mensen die op hun eentje een vierzit claimen op de trein: dat is toch respectloos? Ik erger mij daar blauw aan. ( denkt na) Mijn gevoel voor humor is blijkbaar ook zeer Japans en grafisch. In Japan heerst een soort individualistisch collectivisme: op de metro zit iedereen stil en op zijn eentje naar zijn smartphone te staren, maar op de roltrap staan ze wel allemaal netjes rechts zodat gehaaste mensen voorbij kunnen. Het is een goed geoliede maar zeer individualistische machine. Met extreme kunst en humor breken ze uit dat keurslijf. Ik neem aan dat je al eens een Japanse gameshow bekeken hebt? Met immer groeiende verbazing, ja. Defoort: Een van mijn favorieten is het oudejaarsprogramma Do Not Laugh. Daarin droppen ze de vier grootste komieken van Japan elk jaar 24 uur in een bepaalde setting - een politiekantoor of een krantenredactie bijvoorbeeld - en moeten ze daar gewoon proberen mee te draaien. Alleen staat er ook een heel productieteam klaar dat er alles aan doet om hen te doen lachen. Telkens als ze dat doen, krijgen ze een harde mep op hun poep. De winnaar van vorig jaar had 'maar' 380 klappen gekregen. Ik zou ook kijken mocht Vier James Cooke in een brandweerkazerne droppen en de klappen vervangen door tasers. Maar terugkerend op wat je daarnet zei: jij bent dus de enige Belg die zijn tas niet op het zitje naast zich plaatst, als een schild tegen onbekenden? Defoort: O nee, dat doe ik wel. Vooral omdat ik mij geneer om naast iemand anders te zitten. Ik bekijk soms heel rare Japanse shit op mijn laptop, en dan voel ik die persoon naast mij gewoon wegschuiven op zijn stoel, richting het gangpad. (grinnikt)Wat voor rare Japanse shit? Defoort:(droog) Hentai-porno, uiteraard. Wat anders? ... Defoort: Kijk, dat soort humor vinden mensen dus raar. (grinnikt) Ik bekijk wel veel anime op de trein, en in anime voor volwassenen zit ook al eens seks. Je merkt toch dat mensen het vreemd vinden als je naar getekende seks op de trein zit te kijken. Wat is je kijktip voor mensen die ruimte willen op de trein? Defoort: Ik ben net klaar met Kaiji: Ultimate Survivor. Over een gokverslaafde kerel, die door een woekeraar gedwongen wordt om op een boot tot de dood te strijden met vijftig anderen met schulden. Sterke reeks, over hebzucht en de kracht van geld op een mensenleven. In Japan is de werkcultuur ook helemaal doorgeslagen. Werk is alles wat telt. Hoe Japans ben je op dat vlak? Defoort: Ik heb ook veel sociale opofferingen gedaan - ik zie mijn vrienden veel te weinig en ik heb vorig jaar meer tijd met Gorik doorgebracht dan met mijn eigen moeder - maar als je je helemaal afzondert van vrienden en liefde, hoe kun je je dan wél openstellen voor de muziek? Kanye, en velen met hem, zegt dat de grootste kunst uit pijn voortkomt: ik ben het daar niet per se mee eens, maar op je eentje in je studio kom je alvast maar weinig pijn tegen. Je móét buitenkomen. Japan is zienderogen aan het vergrijzen door die mentaliteit. Mensen hebben er amper nog seks, omdat ze er gewoon de tijd niet voor hebben. Alles draait zo hard om respect, dat je wel net zo lang als de baas móét overwerken, wil je niet ontslagen worden. En als hij daarna nog iets wil gaan drinken, dan móét je ook mee en blijven drinken tot hij stopt. Heel blij dat dat laatste hier geen regel is, want ik kan het tempo van El Jefe echt niet aan.