Er zijn van die jaren waarin je amper aan tien titels komt wanneer de kalender zich weer eens sloom richting Kerstmis sleept, de dagen nog grauwer zijn dan anders, niet alleen de gevoelstemperatuur onder het vriespunt duikt en om de postmoderne à la carte-lezer te behagen zo nodig een eindejaarslijstje moet worden ingevuld. Maar niet deze keer. Van de 34 zeer goede films kregen er zelfs drie het maximum van vijf sterren: Gouden Palmwinnaar La vie d'Adèle, een bruisende ode aan (lesbische) liefde, lust en hartzeer; de genocidedocumentaire...

Er zijn van die jaren waarin je amper aan tien titels komt wanneer de kalender zich weer eens sloom richting Kerstmis sleept, de dagen nog grauwer zijn dan anders, niet alleen de gevoelstemperatuur onder het vriespunt duikt en om de postmoderne à la carte-lezer te behagen zo nodig een eindejaarslijstje moet worden ingevuld. Maar niet deze keer. Van de 34 zeer goede films kregen er zelfs drie het maximum van vijf sterren: Gouden Palmwinnaar La vie d'Adèle, een bruisende ode aan (lesbische) liefde, lust en hartzeer; de genocidedocumentaire The Act of Killing, die door Werner Herzog niet voor niets de 'meest surreële en angstaanjagende film van het voorbije decennium' werd gedoopt; en op kop Paul Thomas Andersons The Master, een bezwerend, ongrijpbaar, mysterieus en hyperintens duel tussen rede en instinct, tussen pupil Joaquin Phoenix en mentor Philip Seymour Hoffman. In majestueuze 70-millimeterbeelden nog wel. Kwalitatief was 2013 - met ook nog L'inconnu du lac, No, Mud, Frances Ha, Spring Breakers, Venus in Fur, A Touch of Sin, Only God Forgives, The Gatekeepers en The Immigrant - dus een filmjaar grand cru, wat ironisch is aangezien het doemberichten regende over de nakende implosie van Hollywood, tv en gaming nog meer terrein wonnen en de kloof tussen de arthouses en de multiplexen stilaan Grand Canyonproporties heeft bereikt. Helemaal vrolijk kan een rechtgeaard cinefiel - iemand die cinema niet alleen beschouwt als een klank- en lichtspektakel om popcorn bij weg te happen - daarom niet worden. En er waren nog redenen om de Prozac te laten aanrukken. Steven Soderbergh zwaaide met Behind the Candelabra de zevende kunst adieu, Tsai Ming-liang hield het voor bekeken, filmpersoonlijkheden Syd Field, Roger Ebert en Patrice Chéreau gingen heen, gevestigde auteurs als Pedro Almodóvar (Los amantes pasajeros), Wong Kar-wai (The Grandmaster), Quentin Tarantino (Django Unchained) en Terrence Malick (To the Wonder) stelden teleur, en festivalfavorieten als Post tenebras lux van Carlos Reygadas, Upstream Color van Shane Carruth of Pietà van Kim Ki-duk kregen in België geeneens een release. Wat Vlaanderen betreft, was er het uitstekende Kid van Fien Troch, terwijl ook Caroline Strubbes I'm the Same, I'm an Other en La cinquième saison van Brosens & Woodworth beslist (meer) aandacht verdienden. Verder gooiden Felix Van Groeningens The Broken Circle Breakdown en kortfilmers Tom Van Avermaet, Sahim Omar Kalifa, Bülent Oztürk en nog enkele anderen hoge ogen in het buitenland, al waren sommige Vlaamse titels ook om bij te grienen en te gruwen - en niet noodzakelijk om de juiste redenen. Vrij naar Albert Camus: eindejaarslijstjes bestaan niet, er bestaan alleen grenzen. DAVE MESTDACH