Woensdag 16/4, 21.40 - Canvas
...

Woensdag 16/4, 21.40 - Canvas In zijn nieuwe programma Vranckx in niemandsland trekt Rudi Vranckx door Afrika, van oost naar west, van Mogadishu naar Timboektoe. Op zoek naar verhalen langs de frontlijn van de toekomst, om mensen die we niet kennen en vaak niet willen kennen een gezicht te geven. RUDI VRANCKX: Er gebeurt in Afrika meer dan voldoende om elke dag de krant mee te vullen, maar dat gebeurt niet. Ik wilde enerzijds werken aan bewustwording, maar ik wilde ook tonen dat het programma eigenlijk Vranckx in (n)iemandsland had moeten heten. De bootvluchtelingen op Lampedusa bijvoorbeeld, dat is twee dagen nieuws bij ons, maar ik wil die mensen een naam, een gezicht en een verhaal geven. Het is belangrijk dat we beseffen dat de fenomenen die we op ons af zien komen heel verklaarbaar worden zodra je die mensen als mensen begint te zien. VRANCKX: Ik denk dat ze in shiften werken. (lacht) Het is een kwestie van tijd en toeval, maar je mag daar niet te veel over nadenken. Je móét nadenken en je móét professioneel zijn, maar je mag je niet laten verlammen. VRANCKX: In zes maanden tijd hebben we al die landen doorkruist en dat was psychisch en fysiek zwaar. Uiteraard waren we goed voorbereid, hadden we onze research vooraf gedaan en wisten we waar we naartoe wilden, maar dan nog blijft het zeer stresserend om in een wereld terecht te komen die je totaal niet kent en die bij momenten ook zeer gevaarlijk is. Tel daarbij de omstandigheden die je niet kunt controleren of voorspellen, de nachtvluchten, de lange dagen, de nachten dat je niet of weinig slaapt: dat maakt dat je fysiek tijdens zo'n tocht op de limiet zit. VRANCKX: En met de jaren probeer ik dat steeds meer omdat dat voor mij de mensen zijn die hun stempel drukken op de geschiedenis en die mij ook een gevoel van hoop geven. Die mensen zijn een tegengif tegen het cynisme. Mensen die in zeer moeilijke omstandigheden voor het juiste kiezen, die maken het verschil in hun eigen land en cultuur, maar ook in mijn hoofd. Die reis heeft mij verrijkt als mens. VRANCKX: En precies daarom wil ik meer laten zien dan een bom die ontploft. Natuurlijk is dat ook belangrijk, maar het is voor mij de laatste jaren belangrijker geworden om grotere verbanden te zien - ik ben uiteindelijk historicus van opleiding - en samenhang te zien. En deze keer was het ook een cultureel verrijkende tocht: je hebt daar muzikanten, kunstenaars en moderne dansers. Ik heb in de Somalische woestijn rotsschilderingen gezien die de vergelijking met Altamira en Lascaux kunnen doorstaan. Je verwacht dat daar niet en net daarom vond ik het belangrijk om ook dat te tonen. VRANCKX: Integendeel, ik zoek dat zelfs meer en meer op. Telkens we een intense tocht van twee weken gemaakt hadden, was ik één à twee weken thuis en in die weken ben ik regelmatig gaan ontbijten in de stad en gaan wandelen. Als tegengewicht. Omdat ik ten volle wil appreciëren wat ik hier heb. VRANCKX: Dat zal dan toch dat van Chappa zijn, een veertienjarig meisje dat ik ontmoet heb in Niger. Ze was de enige overlevende van een vluchtelingendrama waarbij ze haar zussen en haar moeder van dorst had zien sterven. De lijken zijn ergens in de woestijn begraven en de grote droom van Chappa was om het graf van haar moeder te zien. Dus dan hebben we beslist, ongepland, om een konvooi te organiseren en op zoek te gaan naar dat graf. Dat was voor mij het meest pakkende verhaal in jaren. GEERT VERHEYEN