Er zijn nog niet veel filmregisseurs vergeleken met Adolf Hitler, maar het overkwam zowaar de notoire linkse rakker Ken Loach toen hij vorig jaar The Wind That Shakes the Barley voorstelde in Cannes. Een deel van de Britse pers en politiek (niet toevallig dat deel dat aan de kant van Rupert Murdoch staat) was niet opgezet met Loach' visie op de Ierse onafhankelijkheid en het ontstaan van het IRA. The Times noemde hem 'erger dan Leni Riefenstahl omdat hij wel degelijk goed weet wat hij vertelt'. The Daily Telegraph hekelde Loach omdat hij 'zijn land haat maar wel publieke fondsen gebruikt om zijn walgelijke films te maken. Ik heb ze niet gezien maar ik hoef Mein Kampf niet te lezen om te weten wat voor onmens Hitler was.'
...

Er zijn nog niet veel filmregisseurs vergeleken met Adolf Hitler, maar het overkwam zowaar de notoire linkse rakker Ken Loach toen hij vorig jaar The Wind That Shakes the Barley voorstelde in Cannes. Een deel van de Britse pers en politiek (niet toevallig dat deel dat aan de kant van Rupert Murdoch staat) was niet opgezet met Loach' visie op de Ierse onafhankelijkheid en het ontstaan van het IRA. The Times noemde hem 'erger dan Leni Riefenstahl omdat hij wel degelijk goed weet wat hij vertelt'. The Daily Telegraph hekelde Loach omdat hij 'zijn land haat maar wel publieke fondsen gebruikt om zijn walgelijke films te maken. Ik heb ze niet gezien maar ik hoef Mein Kampf niet te lezen om te weten wat voor onmens Hitler was.' De kans is klein dat die kranten hoog zullen oplopen met Loach' nieuwste, It's a Free World ... : een bijtende aanklacht tegen de manier waarop het Westen de vrije markt tot nieuwe godheid heeft uitgeroepen waar het alle sociale verworvenheden aan offert. Loach is niet onder de indruk van de aanvallen. 'Ik leid eruit af dat we een gevoelige snaar raken. Ik vind het een democratische plicht om kritiek te geven op de overheid. Zeker als je een regering hebt die geleid wordt door zogenaamde sociaaldemocraten die luid applaudisseren als iemand als Sarkozy president van Frankrijk wordt.' It's a Free World ... schetst zijn bittere portret aan de hand van een alleenstaande moeder, Angie, die nadat ze is ontslagen beslist om samen met een vriendin een uitzendbedrijfje op te richten: ze zullen buitenlandse arbeiders rekruteren omdat die voor minder loon willen werken. De problematiek is gefundenes Fressen voor Loach, al kiest hij een (voor zijn doen) ongewone invalshoek. Ken Loach: Omdat dat personage in mijn ogen evengoed een slachtoffer is als een boosdoener. Je kunt Angie zien als een moedige en strijdvaardige vrouw. Ze valt zonder werk en ze besluit zelf iets op te starten. Maar de logica van het zakendoen betekent dat je sneller kunt groeien en meer geld verdienen als je buiten de wettelijke lijntjes kleurt. Je betaalt je belastingen niet of met uitstel, je doet een beroep op illegale werknemers, noem maar op. Als je maar goedkopere offertes kunt voorleggen dan je concurrenten. Het is die zakenlogica die zorgt dat Angie op den duur afschuwelijke dingen gaat doen. Loach: Het heeft een tijdje geduurd voor we die vonden, ja. In eerste instantie wilden we iets doen rond globalisering en migratie, hoe mensen en producten over de hele wereld reizen. Maar dat is inderdaad te vaag en te algemeen om een film over te maken. Het keerpunt kwam er toen we beseften dat interimarbeid een van de cruciale elementen is binnen die nieuwe wereldeconomie. Het viel ons op hoeveel mensen met interimcontracten aan het werk zijn op plaatsen waar je dat niet verwacht, in supermarkten en magazijnen en distributiecentra. Heel die materie heeft natuurlijk veel raakpunten met massamigratie, de gigantische stroom legale en illegale werknemers die de laatste jaren naar West-Europa is gevloeid. Loach: Dat klopt, maar het element migratie maakte een groot verschil. De situatie is ook serieus veranderd sinds Riff-Raff. De verhalen die je nu van buitenlandse arbeiders hoort, zijn krankzinnig en vaak misdadig. We hebben samen gezeten met twintig Poolse arbeiders uit Birmingham en die begonnen op den duur te lachen om elkaars miserie. Dat waren dan nog mensen die legaal in het land zijn en dus beschermd zouden moeten zijn door de wet. Die wetgeving stelt echter steeds minder voor. Het is alsof elke vooruitgang die we de laatste 150 jaar geboekt hebben op het vlak van vakbondsrechten en gezondheidszorg en veiligheid plots is weggesmolten. De grote ironie is dat die ontwikkeling bejubeld wordt als het Angelsaksische mirakel. 'Kijk naar de geweldige flexibiliteit die we aan de dag kunnen leggen', klinkt het dan. Maar het is geen flexibiliteit voor de mensen die hun families hebben moeten achterlaten, die niet of nauwelijks betaald worden of die betrokken raken in een ongeval op het werk. Loach: Die illusie heb ik al lang opgegeven. Begin jaren tachtig nam Margaret Thatcher een reeks maatregelen om de macht van de vakbonden aan banden te leggen. New Labour heeft die nog altijd niet ongedaan gemaakt. Dat zegt veel over het respect dat ze hebben voor de vakbonden. De gevolgen zijn niet te overzien. Op papier hebben de werknemers nog veel rechten, maar in de realiteit stellen die weinig voor. Er wordt bijvoorbeeld systematisch gesnoeid in het aantal veiligheidsinspecteurs. Loach: Het probleem stelt zich in alle rijke landen. Ik las onlangs nog over een Roemeense werknemer in Spanje die verpletterd werd op een bouwwerf. Hij was verantwoordelijk voor een heel team en achteraf bleek dat die allemaal in het gebouw woonden waar ze aan het werk waren. Die andere Roemenen wisten niet eens wie de eigenlijke opdrachtgever was. Behalve die ploegbaas was niemand ergens van op de hoogte. Zulke verhalen hoor je overal. Heel het systeem van onderaanneming heeft tot gevolg dat niemand nog verantwoordelijk kan worden gesteld wanneer iets fout loopt. Loach: Je hebt twee kampen als het over migratie gaat. Er zijn mensen - doorgaans ter linkerzijde - die eenheid proberen te scheppen tussen ingeweken en Britse werknemers. Want uiteindelijk hebben die dezelfde belangen en verlangens. Stabiel werk, eerlijke lonen, voldoende veiligheid, een degelijke sociale structuur. Maar rechtse politici proberen de situatie uit te buiten om vijandigheid op te wekken tegen migranten. Daarom wilden we ook Angies vader in het verhaal: iemand van een oudere generatie die opgegroeid is met begrippen als solidariteit en samenwerking. Hij staat in schril contrast met Angie, die enkel denkt aan haar eigen belang en andere mensen als concurrenten ziet. Dat conflict vind je ook terug in de manier waarop mensen omgaan met migranten. Loach: Het is geen toeval dat je dat elke dag leest in de rechtse pers: hoe de migranten gaan lopen met onze voordelen, onze ziekenhuisbedden en onze schoolbanken. Anders gezegd: we kunnen ze maar beter terug naar huis sturen. De ironie wil dat een ander deel van de rechterzijde - de werkgevers - die migranten net in het land wil houden omdat ze zulke goedkope krachten zijn. De uitdaging is om die hypocrisie bloot te leggen en te tonen dat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten. Loach: Hij vertegenwoordigt de jongere generatie, die de gevolgen van die massale immigratie ondervindt. In Groot-Brittannië vinden 500.000 jongeren tussen 18 en 24 jaar geen werk. Dat is een half miljoen mensen die geen kans krijgen om een toekomst uit te bouwen. Daardoor vormen ze een ideale voedingsbodem voor de rechtse politici en opiniemakers met hun anti-immigrantenretoriek. Er zít ook een kleine kern van waarheid in de stelling dat die migranten die jongeren van een job houden. De hamvraag is wat we daarmee aanvangen. Haat stoken, of nadenken over welk Europa we willen bouwen? Loach: Voorlopig is de Europese Unie in eerste instantie een project dat de belangen van de grote bedrijven op het oog heeft. Daarom wordt ook zoveel nadruk gelegd op privatisering en deregulering. Dat heeft de economieën van de voormalige Oostbloklanden in de grond gedreven, waarop de publieke industrietakken daar in handen zijn gekomen van een handvol steenrijke oligarchen. Met een ander soort Europa zouden we de handen in elkaar kunnen slaan om die arme economieën te helpen en die industrietakken in publiek bezit te houden, zodat de mensen in goeie omstandigheden kunnen werken en alles opbouwen wat opgebouwd moet worden. Dan hoeven ze hun thuis en hun families ook niet te verlaten om hun fortuin elders te zoeken en daar de rechten en verworvenheden van andere werknemers te ondergraven. Loach: We hebben samengezeten met interimkantoren, mensen die Angies job uitoefenen. Het is zeker niet onze bedoeling om die allemaal over dezelfde kam te scheren. Er bestaan kantoren die alles volgens de regels doen en hun werknemers goeie voorwaarden willen geven. Die zijn razend op de Angies van deze wereld, de concurrenten die de klanten scherpere prijzen kunnen aanbieden omdat ze hun werknemers uitbuiten. We hadden graag ook gesproken met Terry Leahy, de grote baas van de internationale supermarktketen Tesco, die een zeer slechte reputatie heeft op het vlak van de rechten van werknemers. Maar die kans hebben we niet gekregen (lachje). Loach: Mijn probleem is dat ik mijn films maak met vrienden (lacht). Het camerateam, de set designers, de geluidsmensen, het zijn allemaal goede vrienden. Ik zou het niet over mijn hart krijgen om ze te bedriegen. Tot nu toe hebben we altijd een budget bij elkaar kunnen schrapen dat volstond om iedereen fatsoenlijk te vergoeden. Maar ik weet ook dat het niet iedereen gegeven is om zo nauwlettend de regels te volgen. Cinema is tenslotte een business als alle andere. Door Ruben Nollet