In de herfst van 2017 vraagt The Guardian de Italiaanse bestsellerauteur Elena Ferrante om wekelijks een column te schrijven. Enige voorwaarde: de redactie kiest het onderwerp, wat bij Ferrante al meteen tot enige zenuwachtigheid leidt. Als teruggetrokken romancier die liefst de controle over haar fictief universum behoudt, moet ze bang afwachten welk...

In de herfst van 2017 vraagt The Guardian de Italiaanse bestsellerauteur Elena Ferrante om wekelijks een column te schrijven. Enige voorwaarde: de redactie kiest het onderwerp, wat bij Ferrante al meteen tot enige zenuwachtigheid leidt. Als teruggetrokken romancier die liefst de controle over haar fictief universum behoudt, moet ze bang afwachten welk thema haar pen zal moeten beroeren. Toch kwijt ze zich schitterend van haar taak. In deze bundeling met de perfect gekozen titel Toevallige bedenksels laat ze haar gedachten de vrije loop, wat vaak tot associatieve pareltjes leidt. Haar haat voor het uitroepteken, haar dochters die haar betuttelen, haar rookverslaving en slapeloosheid: het biedt telkens een mooie kapstok voor een mijmerstukje. Ondertussen is er al jaren discussie over de ware identiteit van Ferrante. Een stilistische analyse wees enkele jaren geleden op de verwantschap met de taal van de achtenzeventigjarige schrijver Domenico Starnone, maar de bewuste studie achtte het ook mogelijk dat Starnone de boeken samen met zijn vrouw, vertaalster Anita Raja had geschreven. Dat maakt de columns extra boeiend. Wanneer Ferrante over barensweeën schrijft, of de mannelijke blik op seks analyseert, verdubbelt de leeservaring vanwege die maskerade. En maakt het überhaupt uit wie Ferrante in werkelijkheid is? Gezien de tijdsdruk en de opgedrongen thematiek knalt niet elke column trefzeker van het blad maar dat maken de heldere illustraties van Andrea Ucini ruimschoots goed. Hun eenvoud is bedrieglijk en vergt vaak een tweede blik: een arm rond een schouder blijkt een slang te zijn, een leeslint een weerhaakje.