françois truffaut

FR 1960, MET CHARLES AZNAVOUR, MARIE DUBOIS, NICOLE BERGER. 20.40 - ARTE

Truffauts A bout de souffle: zo laat Tirez sur le pianiste zich nog het best samenvatten. Vreemd genoeg is dit ook zijn meest uitgesproken nouvelle vague-achtige film. Na zijn debuut Les 400 coups had Truffaut volgens eigen zeggen schrik om in de val de van het eerste succes van een eerste film te trappen. Hij wilde zich vrij voelen en was enorm gefascineerd door Godards aanpak bij A bout de souffle. Deze door gewezen Paris Match-fotograaf en Godard-cameraman Raoul Cottard in verbluffend mooi zwart-wit gefilmde hommage aan de Amerikaanse gangsterfilm is een adaptatie van Down There, een boek van de Amerikaanse misdaadauteur David Goodis uit de in Frankrijk immens populaire Série Noir-reeks. Het project kreeg voor Truffaut pas echt vorm toen hij Charles Aznavour wist te strikken voor de rol van een verlegen en fragiele, door gangsters geplaagde gewezen concertpianist die aan de bak komt in een Parijse kroeg waar hij verliefd wordt op dienster Marie Dubois. Truffaut had hem pas opgemerkt in George Franju's La Tête contre les murs en het personage van de fysiek sterk op hem gelijkende Franse Frank Sinatra is dan ook een soort alter ego. Zijn inventieve, komisch-melancholische mix van komedie, melodrama, policier en liefdesfilm sloeg niet aan bij het publiek, maar nooit zou de door de liefde, de magie en het mysterie van vrouwen gefascineerde filmmaker nog zo vrij experimenteren met de filmtechniek, genrecodes, de narratieve verhaallijn en de toon (let op de karaoke-aanpak bij het lied van Bobby La Pointe, wiens carrière Truffaut ook lanceerde).

Species ** Roger Donaldson, VS 1995. De carrière van Roger Donaldson kende een absoluut dieptepunt na zijn vernietigende Peckinpah-remake The Getaway. Met de behoorlijk angstaanjagende sf-genrefilm Species herstelde hij zich van die blamage. Niet dat de plot vrij is van idiote verwikkelingen, maar dit verhaal over buitenaardse wezens die wetenschapper Ben Kingsley weten te overtuigen om hun DNA te mengen met dat van een vrouw heeft zo zijn merites. Peter Medak zou in 1998 een meer gore-geladen sequel draaien met opnieuw vamp Natasha Henstridge als het genetische monster dat de straten van LA afdweilt, op zoek naar hitsige mannelijke partners. (22.50 - Kanaaltwee) Little Men * Nariman Turebayev, FR-Kazachstan 2003. Nog een voorbeeld van de recente Kazachse golf, ook al is deze in slapstick gedrenkte komedie over twee losers in hoofdstad Almaty duidelijk minder geïnspireerd dan de films van zijn landgenoten Omirbaev en Aprymov. (01.30 - Arte)

(L.J.)