Film: * *Extra's: * (Lumière)
...

Film: * *Extra's: * (Lumière) Zoals veel Zweedse regisseurs van zijn generatie liet Bo Widerberg voor 't eerst van zich horen door zich af te zetten tegen Ingmar Bergman. In 1962 trok hij in een pamflet van leer tegen Bergmans 'verticale' en metafysische kijk op menselijke kwesties, waarin alles is toegespitst op de relatie tussen het individu en God. Anders dan zijn beroemde voorganger zou Widerberg (1930-1997) in zijn films de sociaal-economische realiteit en de politieke problemen van zijn land aanpakken. Dit gebeurt vanzelfsprekend in Adalen 31 (1969) , een historische kroniek over een beruchte fabrieksstaking, maar ook in een politiefilm als The Man on the Roof. Wat de kenners van Zweedse krimi natuurlijk niet zal verbazen: de prent is de verfilming van De Verschrikkelijke Man uit Säffle (1971), een van de tien romans waarin het schrijversechtpaar Maj Sjöwall en Per Wahlöö het genre gebruikte om bitsige kritiek op de Zweedse welvaartsstaat te ventileren. Widerberg heeft de grote kwaliteit van hun boeken weten te bewaren: ook hij werkt niet met moraliserende uitroeptekens maar ontleedt messcherp de routine bij een moordonderzoek, en vat zodoende terloops de desillusies en frustraties bij de kankerende politiespeurders, het occasioneel falen van het Zweedse rechtssysteem en de mankementen van de sociaal-democratie. En de ironie van de ontknoping (dat ondanks de mobilisering van het hele politiekorps een gewone arbeider de sluipschutter onschadelijk maakt) ligt er niet duimendik op; ze is alleen mooi meegenomen. Ofschoon we mijlen verwijderd zijn van de manipulerende tactieken van de Hollywoodthriller, opent Widerberg zijn film toch maar met een schokkende moord met bajonet in een ziekenhuis, een scène die inzake economie van vertellen niet moet onderdoen voor de kordate efficiëntie van een Don Siegel. En het laatste halfuur, waarin een ex-politieman op het dak van een flatgebouw in het centrum van Stockholm het vuur opent op iedereen met een blauw uniform is een forse brok actiecinema, gedraaid in reportagestijl met diverse handcamera's en opgebouwd met beelden die in het hoofd blijven hangen, zoals de stuurloze rondtollende helikopter die crasht op een metro-uitgang. Maar het zijn de lange procedurele scènes tussendoor (waarin de vermoeide rechercheur Martin Beck en zijn jongere collega's bij de afdeling moordzaken van de Stockholmse politie tot de ontdekking komen dat hun afgeslachte collega ongemeen brutaal te werk ging), die in je kleren kruipen. Patrick Duynslaegher