DAVID LYNCH
...

DAVID LYNCH GB 1980, Met Anthony Hopkins, John Hurt, Anne BANCROFT. Donderdag 27 mei 20.45 - Arte (o.v. met Fr. ond.) Zelden ontstond in de schoot van Hollywood zo'n hartverscheurende, gave en beklemmende film als Lynch' tweede langspeler. In Victoriaans Londen laat kermisexploitant Bytes zijn spottende en walgende publiek een gruwelijk misvormde man zien. De brutaal mishandelde freak trekt als medisch fenomeen de aandacht van hospitaaldokter Frederick Treves. Die bevrijdt het monster uit Bytes' klauwen en laat hem opnemen voor studie.' The man's an idiot', zegt de ambitieuze arts, maar de twijfel is snel: ' I pray to God the man's an idiot.' Als John Merrick allesbehalve debiel blijkt en vanonder het afzichtelijke uiterlijk een verfijnde geest tevoorschijn komt, groeit naast vriendschap meteen Treves' twijfel over zijn redenen om Merrick op te nemen. Dit tedere en wrede verhaal over de zoektocht naar een waardig leven en een even waardige dood wordt door Lynch geniaal overkoepeld met een visuele en auditieve nachtmerrie van een brute, smerige, ongelijke maatschappij. Hoewel de film rechtlijnig wordt verteld, baden tal van scènes in een tegelijk ijle en neerdrukkende bezwering die weinig verschilt van de droomlogica uit Eraserhead. Dit is tout court een van de mooiste films ooit, dankzij hallucinante zwartwitfotografie van Freddie Francis en de sublieme soundtrack van John Morris. De ware schoonheid ligt wellicht in de manier waarop Lynch met Hurt en Hopkins de relatie tussen Merrick en Treves verbeeldt. Ook de bijrollen zijn vlekkeloos. John Gielgud en Anne Bancroft verlenen grandeur; ronduit ijzingwekkend als Bytes is Freddie Jones (Lynch' voorliefde voor medewerkers en vooral fotografen die Fred heten, is befaamd). De grootsheid van de film uitte zich overigens ook nog off screen. Uitvoerend producent Mel Brooks gaf Lynch de kans om met dit meesterwerk voor Brooksfilms zijn naam te vestigen. Hij vocht ook voor het gebruik van weinig commercieel zwart-wit, aangezien dit Merricks figuur de waardigheid zou geven die kleur hem zou ontnemen. Bovendien weigerde hij een credit op de generiek, omdat kijkers een foute associatie zouden leggen met zijn komedies. Even grootmoedig weigerde John Hurt betaald te worden voor zijn krachttoer (die hem telkens make-upsessies van 12 uren kostte). Een mens wordt er sprakeloos van, zeker wanneer Merrick dé paradox van onze soort uitschreeuwt: ' I am not an animal! I am a human being! I am a... a man!' Jo Smets Jo Smets