BERNARDO BERTOLUCCI MET MICHAEL PITT, EVA GREEN, LOUIS GARREL
...

BERNARDO BERTOLUCCI MET MICHAEL PITT, EVA GREEN, LOUIS GARREL Bernardo Bertolucci heeft iets met riante Parijse appartementen. In zijn beroemdste film, Last Tango in Paris (1972) gaven Marlon Brando en Maria Schneider zich in een gigantisch leeg appartement over aan een stevig potje anonieme en taboedoorbrekende seks waar heel wat verse boter aan te pas kwam. Voor nuchtere zielen was deze prent trouwens minder een wanhopige afdaling in een erotisch inferno dan een document over de miserie om in Parijs een fatsoenlijk optrekje te vinden. De ster van Bertolucci's nieuwste film The Dreamers (waarvan de bijnaam First Tango in Paris niet eens smalend is bedoeld), is opnieuw een kroonjuweel uit de Parijse vastgoedsector. Een jeugdig triootje leeft zich uit in de ruime vertrekken van een bourgeois appartement, dat door Bertolucci's camera wordt verkend als een sensueel labyrint, met achter elke deur een ondeugende propositie, in elk hoekje een exotische verrassing en in de royale badkamer een zee aan reinigende experimenten. Matthew (Michael Pitt als een ongerepte versie van Leonardo DiCaprio) is de jonge Amerikaanse student die door het contact met twee speels provocerende leeftijdgenoten - broer (Louis Garrel) en zus (Eva Green), rijkeluistweelingen, die tergend met het incestueuze flirten - zijn onschuld en inhibities verliest. Terwijl op straat op de barricades wordt gevochten, exploreert het drietal de grenzen van genot en verbod, waarbij de lichaamssappen en het menstruatiebloed rijkelijk vloeien. De inmiddels pensioengerechtigde Bertolucci esthetiseert op voyeuristische wijze de bevallige lichamen van de elkaar aftastende adolescenten, die voortdurend lijken te poseren voor een Calvin Klein-campagne in mai 68-stijl. Politieke utopie- en en seksuele transgressie gaan in het werk van Bertolucci wel vaker hand in hand, maar al vanaf zijn verbluffende doorbraakfilm Prima della Rivoluzione (1963), waarin het koketteren met het marxisme het onderspit moet delven voor de incestueuze impulsen, weten we wat het zwaarst doorweegt. Het is trouwens niet de echte meirevolte die Bertolucci in de beginscènes van The Dreamers onhandig reconstrueert (met de huidige Jean-Pierre Leaud, fetisjacteur van de nouvelle vague, tussen de archiefbeelden gemonteerd), maar de cinefiele prelude: de rellen rond de afzetting van André Langlois, paus van het Franse Filmarchief, door cultuurminister André Malraux. Als echte kinderen van de Cinémathèque spiegelen Matthew, Isabelle en Théo zich bij hun initiatie in de vrije liefde aan hun voorbeelden op het witte doek. Bertolucci projecteert in zijn jeugdige helden zijn nostalgie voor de supercinefilie van de jaren zestig. Met als essentie de overtuiging dat het leven de film nabootst en niet omgekeerd. De Dromers verdringen zich op de voorste rij van de mythische zaal van het Palais de Chaillot, laven zich aan het werk van Fuller en Ray, zijn in vurige discussies gewikkeld over de mérites van Chaplin en Keaton en proberen ook het record te breken van het trio uit Godards Bande à part (door alle zalen van het Louvre stormen in minder dan 9 minuten en 45 seconden). Als een van hen een exhibitionistisch masturbatienummertje ten beste geeft, is het voor een foto uit Der Blaue Engel. Marlene Dietrich had het moeten weten. Patrick Duynslaegher Patrick Duynslaegher