Paul Greengrass met Matt Damon, David Strathairn, Julia Stiles, Scott Glenn, Paddy Considine
...

Paul Greengrass met Matt Damon, David Strathairn, Julia Stiles, Scott Glenn, Paddy Considine Natuurlijk zijn er minpunten. Dat de actie soms zo ruw in beeld gebeukt is dat je het overzicht verliest. Dat het hele CIA-complot lichtelijk van de pot gerukt is. En dat Bournes doortochten door Parijs, Londen, Madrid, Langley, New York én Tanger vooral het exotisme moeten aanzwengelen. Maar nog meer dan in The Bourne Supremacy schiet, knipt en plakt de Britse guerrillafilmer Paul Greengrass de verschillende set pieces met zoveel flair aaneen dat je geen adem meer overhoudt om nog enige kritiek te spuien. Mocht u nu pas binnenvallen: we hebben het over de hyperenergieke threequel uit de actiefranchise rond de door geheugenverlies geplaagde superspion Jason Bourne. Die wil na de twee vorige episodes eindelijk wel eens weten wat zijn ware identiteit is en waarom de CIA hem tot een moordmachine heeft omgebouwd, waarop de nog altijd met morele issues worstelende thinking man's Bond weer een half leger antagonisten op zich af gestuurd krijgt. Dat weerhoudt Bourne (babyface-met-Rambolijf Matt Damon) er evenwel niet van om dit keer zelfs richting zijn eigen hoofdkwartier te trekken, waar zijn perfide bazen (David Strathairn en Scott Glenn) vanuit hun CIA-bunkers weer allerlei geheime operaties plannen. Dat leidt tot enkele geweldige actiescènes die Greengrass weer vlotjes vanuit de losse pols schoot en op een staccatoscore van John Powell stanste. Zoals die in het Londense Waterloo Station, een virtuoos stukje knip- en plakwerk met bewakingscamera's waarin Bourne een Britse journalist door de massa pendelaars en langs de geheime dienst loodst. Of de passage door het Marokkaanse Tanger, waar Bourne wordt opgewacht door een huurmoordenaar, wat leidt tot de beste close combat-scène sinds die uit de proloog van Casino Royale, een energieke achtervolging over de daken én een adrenaline spuitend moneyshot: dat waarin Bourne van het ene raam naar het andere springt en daarbij in duikvlucht vanop de rug door een mobiele videocamera wordt gevolgd. In zekere zin is The Bourne Ultimatum een bijna abstracte genreoefening, een naadloos gecomponeerde en stuwend geritmeerde actiesymfonie à la Stravinsky. Maar dan wel een mét inhoud. Zo verliezen Greengrass en scenarist Tony Gilroy hun einddoel - antwoorden op de vragen: wie is Bourne en waarom? - op geen enkel ogenblik uit het vizier, wat Bournes missie en identiteitscrisis zo meeslepend maakt. Bovendien speelt de half clandestiene reportagestijl leep in op het sfeertje van politieke post-9/11-paranoia, met knipogen naar enkele recente CIA-schandalen en uithalen naar de Big Brothermaatschappij waarin elke burger door camera's en computers wordt bespied. Eindrapport: Ultimatum is niet alleen dé rollercoaster van het jaar, maar ook een intelligente achtervolgingsthriller voor de YouTubegeneratie die zijn klassieke voorbeeld Three Days of the Condor op de wijze van Kim Gevaert voorbijspurt. Dave Mestdach