Wie onlangs nog het huiverdrama La piel que habito (2011)zag, of voordien de superieure snotterfilms Todo sobre mi madre (1999), Hable con ella (2002) of Volver (2006), zal het misschien verbazen: in zijn jonge jaren was Pedro Almodóvar - nu Spanjes beroemdste én hipste cineast - een van de boegbeelden van de culturele underground la Movida Madrileña, een wilde, hedonistische reactie op de dictatuur van Franco (die eindigde met diens dood in 1975), zeg maar de afterparty van het fascisme. Met zijn nieuwste film Los amantes pasajeros grijpt Almodóvar terug naar die heftige periode. Weg is het volwassen, ingetogen melodrama uit zijn laatste films, terug zijn de kitsch, de camp en de favoriete thema's uit zijn beginjaren: seks, drugs, homoseksualiteit en travestie.
...

Wie onlangs nog het huiverdrama La piel que habito (2011)zag, of voordien de superieure snotterfilms Todo sobre mi madre (1999), Hable con ella (2002) of Volver (2006), zal het misschien verbazen: in zijn jonge jaren was Pedro Almodóvar - nu Spanjes beroemdste én hipste cineast - een van de boegbeelden van de culturele underground la Movida Madrileña, een wilde, hedonistische reactie op de dictatuur van Franco (die eindigde met diens dood in 1975), zeg maar de afterparty van het fascisme. Met zijn nieuwste film Los amantes pasajeros grijpt Almodóvar terug naar die heftige periode. Weg is het volwassen, ingetogen melodrama uit zijn laatste films, terug zijn de kitsch, de camp en de favoriete thema's uit zijn beginjaren: seks, drugs, homoseksualiteit en travestie. Dat hij ook wel eens de Spaanse Warhol wordt genoemd, heeft Almodóvar helemaal te danken aan de provocerende films uit zijn tijd bij de Movida. Van eind jaren zeventig tot diep in de jaren tachtig werd er in Spanje, vooral door de jongeren, vrijwel elke dag gefeest tot het ochtendgloren. Na decennia van geboden en verboden volgden seks, drugs en rock-'n-roll. De naam Movida Madrileñadoet ten onrechte uitschijnen dat het om een puur Madrileense beweging ging. Oké, het feestje begon in de Madrileense wijk Malasaña, waar de protagonisten - onder wie zangeres Olvido Gara (aka 'Alaska'), muzikant Fabio McNamara en Almodóvar zelf - rondhingen in de buurt van het mythische Plaza Dos de Mayo, maar in een mum van tijd werd ook de rest van het land aangestoken door een artistieke explosie van vreugde en levenslust. De lijst met namen van artiesten die afrekenden met de taboes van de dictatuur is eindeloos. Naast de partycultuur beleefden ook de mode (Ceesepe), de fotografie (Ouka Leele), de schilderkunst (Costus), de literatuur (Gregorio Morales) en de graffiti (Muelle) een koortsachtige boom. Zelfs popartgoeroe Andy Warhol bracht in die jaren met plezier regelmatig een bezoek aan de Spaanse hoofdstad. Qua mood, looks en attitude leek de eveneens opkomende Spaanse muziekscene op de Britse new wave en de neue Deutsche Welle. Maar ook de stijl van de new romantics werd nagebootst. Eigenlijk volgde de ene vernieuwende sound op de andere: van punkrock (Kaka de Luxe, Alaska y los Pegamoides) over poprock, al dan niet met synths (Radio Futura, Nacha Pop, Paríso, Mecano, Azul y Negro, Tino Casal). In dat klimaat experimenteerde de jonge, openlijk homoseksuele Pedro Almodóvar Caballero (°1949) met subversieve, punky kortfilms. Veelzeggende titels als Dos putas, o, Historia de amor que termina en boda (1974), Sexo va, sexo viene (1977) en La caída de Sódoma (1975) werden gedraaid op super 8, met een camera die hij op zijn 22e had aangeschaft. Maar wie dat tijdsgewricht écht wil begrijpen, moet zeker Almodóvars eerste langspeelfilms proberen op te snorren: Folle, folle, fólleme Tim! (1978)- vertaald: 'Neuk, neuk, neuk me Tim!' - waarin hij voor het eerst een van zijn vele fetisjactrices, Carmen Maura, opvoert. Of Pepi, Luci, Bom y otras chicas del montón (1980), een trashy cocktail van seks, drugs en muziek, overgoten met een legendarische urineerscène. Maar ook Labirinto de pasiones (1982, het debuut van Antonio Banderas), Entre tinieblas (1983)en ¿Qué he hecho yo para merecer esto? (1984)zijn stuk voor stuk straffe staaltjes trashcinema waarin Almodóvar de herwonnen vrijheid van de Movida-jeugd celebreert. Films met nymfomane popzangeresjes, junkietravestieten en homoseksuele terroristen in glansrollen, en waarin instituten als kerk en koningschap genadeloos op de korrel worden genomen. Maar de filmman van La Mancha, die intussen een Oscar op zijn kast heeft staan (voor Todo sobre mi madre), choqueerde niet om te choqueren. 'Oké, in de jaren tachtig was ik een nihilist en een hedonist', geeft hij wel toe. 'Ik vond dat mooie woorden. Mijn favoriete boek op school was het woordenboek.' Uiteindelijk heeft de taboedoorbrekende filmmaker die hele Movida ook gedemystificeerd als een collectieve pose, een journalistieke uitvinding, en commerciële oplichterij. Maar nu heeft hij toch een beetje heimwee naar die dagen: 'Ja, Los amantes pasajeros is een zoektocht naar die verloren gegane jeugd. Een hommage aan mijn verleden, aan de vrijheid en de radicaliteit van toen, die nu niet meer bestaat.' LOS AMANTES PASAJEROS Vanaf 27/3 in de bioscoop.DOOR ANDREAS ILEGEMS