De enige foto van een idool die ik ooit gekoesterd heb, was er een van Elvis Presley in zijn GI-uniform, in de snoepwinkel gekregen als bonus bij een kauwgombal. 't Moet behoorlijk belegen kauwgom geweest zijn, want als ik goed kan rekenen, had Elvis zijn fatigues toen al goed en wel voor een oversized Las Vegas glitterpak ingeruild. Wat niet wegnam dat de foto door de juffrouw van het eerste klasje geconfisqueerd werd, wegens niet stichtelijk genoeg. Of misschien was ze zelf wel stiekem op de Pelvis verlekkerd.
...

De enige foto van een idool die ik ooit gekoesterd heb, was er een van Elvis Presley in zijn GI-uniform, in de snoepwinkel gekregen als bonus bij een kauwgombal. 't Moet behoorlijk belegen kauwgom geweest zijn, want als ik goed kan rekenen, had Elvis zijn fatigues toen al goed en wel voor een oversized Las Vegas glitterpak ingeruild. Wat niet wegnam dat de foto door de juffrouw van het eerste klasje geconfisqueerd werd, wegens niet stichtelijk genoeg. Of misschien was ze zelf wel stiekem op de Pelvis verlekkerd. Hoe dan ook een traumatische ervaring, die mij voorgoed ongeschikt maakte voor het superfandom. En superfans, daar draait het bij Gene en Ushi nu juist allemaal om. Gezette dames van een zekere leeftijd die op hun hart een fotootje van Martine Jonckheere en haar hond meedragen. Of een mollig kind met bril en rossig haar dat schier in onmacht valt als Sammeke Gooris joviaal zijn arm om haar schouders slaat. Hoe ik dat allemaal weet? Ok, ik geef het toe, ik kijk wel eens vaker naar VT4. De boog kan niet altijd gespannen staan, nietwaar. Gene en Ushi, dan denk ik spontaan aan een Helma en Selma-achtige tweeling, van het soort dat in Duitse variétéprogramma's in dirndl heimatschlagers kweelt. Maar nee, Gene (zoals in Gene Kelly, dus) bleek een hyperkinetische spring in 't veld te zijn, Jommeke nadat de leerlingen van de coiffeurschool zich erop uitgeleefd hadden. Ushi is het alter ego van de Nederlandse Wendy Van Dijk, een verbazend authentiek ogende en klinkende journaliste van de Japanse televisie die internationale beroemdheden in haar naïviteit de meest pertinente vragen stelt. Ik weet niet of het politiek correct is om te lachen met Japanners _ Hiroshima ligt alweer ver achter ons _, maar Ushi die Xaviera Hollander om insiderstips voor het verbeteren van haar fellatiotechniek vroeg ( 'I have big teeth, iez problem?'), had een hoog Farelli brothers-gehalte. Ushi 'verwart' Helmut Lotti met André Rieux ( 'Where iez your instrument?') en krijgt Jerry Springer zover dat hij ter plekke een a-capellaversie van When I fall in love ten gehore brengt. Stuk voor stuk weten ze dat er iets niet klopt, de groten van de showbizz, maar net zo goed zijn ze te beleefd om de onderdanig buigende, immer glimlachende 'Japanse' de deur te wijzen. Normaal gezien ben ik niet zo'n fan van candid camera _ te gemakkelijk, te afgezaagd _, maar het was een heerlijk gezicht: Jerry Springer die gealarmeerde blikken naar zijn kleerkast van een bodyguard wierp (Ushi: 'Iez Japanieze joke dat men with big car have little thingie. You like Japanieze joke?') waarna beide mannen prompt de slappe lach kregen. Intussen vermomde Gene zich als racepiloot teneinde Joyce De Troch te stalken op het circuit van Zolder. Geen vertolking waarmee hij meteen aanspraak maakte op een Océ-podiumprijs en Joyce sloeg de stuntelige aanbidder dan ook als een lastige vlieg van zich af. Maar net zo goed bleek ze achteraf meteen akkoord om op haar beurt in vermomming een van haar superfans te foppen. Die fan bleek Gianni te zijn, een goeiige achttienjarige lobbes met een aankomend snorretje. Moeder Gianni gunde ons in zijn afwezigheid een blik in zijn jongenskamer: een schrijn volledig gewijd aan de blonde godin met de feliene trekken. God weet hoe Gianni's prille testosteron aan het borrelen ging bij de aanblik van al dat gestroomlijnde BV-vlees. Of misschien was het allemaal veel onschuldiger, want kijk, daar toonde mama Gianni het dagboek van haar oogappel. Een tikkeltje indiscreet als je 't mij vraagt, maar goed, daar was het: het soort poëzie-album met een schattig wit angorapoesje op de kaft waarin tantes en klasgenootjes vroeger sentimentele versjes schreven, al dan niet verlucht met gekalkte tekeningen. Gianni noteerde er nauwgezet de sms'jes in die hij van Joyce ontving. En zusje toonde trots een plastic doosje waarin hij de sigarettenpeuken verzameld had die Joyce op zijn achttiende-verjaardagsfeestje achtergelaten had. Mijn mond viel open: dus zó vullen BV's hun dagen, het zijn verdorie sociale werkers. Volgde nog wat gehannes met Joyce vermomd als clown en morsig oud mannetje. Gianni gaf geen sjoege, maar naar zijn omhoogkrullende mondhoeken te oordelen, had hij al lang door wat er aan de hand was. En toen, in slowmotion en met op de achtergrond het weemoedige wijsje van Il Postino, het moment suprême van de avond: de absoluut verzaligde blik van Gianni, toen Joyce hem kuis op de wang zoende. Dat was nog wat anders dan Elvis bij een kauwgombal.