De concurrentie kletste zich op de billen van plezier toen Columbia Pictures en Marvel Comics na jaren palaveren voor ex-horrorregisseur Sam Raimi kozen om de avonturen van Spider-Man te verfilmen. Had de maker van de Evil Dead-trilogie met zijn films ooit al een cent verdiend? Kon hij de druk en de deadlines van zo'n peperdure blockbuster wel aan? En had dat horrorregisseurtje ook maar enige voeling met het personage, een van dé iconen uit het superheldenpantheon én een van de meest complexe creaties die ooit aan de koker van stripgoeroe Stan Lee waren ontsproten? Dat moest wel op een grandioze flop uitdraaien.
...

De concurrentie kletste zich op de billen van plezier toen Columbia Pictures en Marvel Comics na jaren palaveren voor ex-horrorregisseur Sam Raimi kozen om de avonturen van Spider-Man te verfilmen. Had de maker van de Evil Dead-trilogie met zijn films ooit al een cent verdiend? Kon hij de druk en de deadlines van zo'n peperdure blockbuster wel aan? En had dat horrorregisseurtje ook maar enige voeling met het personage, een van dé iconen uit het superheldenpantheon én een van de meest complexe creaties die ooit aan de koker van stripgoeroe Stan Lee waren ontsproten? Dat moest wel op een grandioze flop uitdraaien. Vijf jaar, twee kaskrakers en 1,6 miljard dollar later is er niemand die nog twijfelt aan de capaciteiten van Sam Raimi. Dat hij voor zijn derde Spider-Manfilm 250 miljoen dollar kreeg (ter vergelijking: King Kong, van die andere ex-horrorregisseur Peter Jackson, kostte 'maar' 207 miljoen), lijkt vandaag de logica zelve. Geen cent te veel trouwens, want in deel drie heeft Spidey alias Peter Parker (Tobey Maguire) meer omhanden dan ooit. Zo krijgt hij met niet minder dan drie verschillende schurken af te rekenen: zijn verbitterde vriend Harry (James Franco), de zwarte furie Venom (Topher Grace) en het zandmonster The Sandman (Thomas Haden Church). En ook privé krijgt de tussen de wolkenkrabbers van Manhattan slingerende misdaadbestrijder het lastiger dan ooit tevoren. Dat de sullige Peter volledig opgaat in de populariteit van zijn alter ego vindt zijn liefje Mary Jane (Kirsten Dunst) maar niks, en wanneer ze hem ziet kussen met een sexy blondine (Bryce Dallas Howard) is het hek helemaal van de dam. 'De wil is sterk, maar het vlees zwak. Ook dat van superhelden', lacht Raimi die net als vorige keer het scenario schreef met zijn broer Ivan en veteraan Alvin Sargent. Wel diende hij dit keer enkele personeelswissels door te voeren. Zo zag Raimi zowel componist Danny Elfman als specialeffectshoofd John Dykstra met slaande deuren vertrekken, en als we de geruchtenmolen mogen geloven, liep er ook tijdens de productie flink wat fout. Zo zou het personage Venom er pas in extremis en onder druk van Marvel-CEO Avi Arad aan toegevoegd zijn, dienden een paar cruciale CG-scènes te snel afgewerkt en waren er tal van reshoots, wat meestal weinig goeds voorspelt. De vloek van de superheld of goedkope roddels van jaloerse concurrenten? Sam Raimi: Ja, want zo'n bedrag is toch abstract. En je mág er ook niet aan denken, wil je niet door zenuwen en twijfels verlamd worden. Je moet je op het verhaal en de personages concentreren, en dat is al lastig genoeg. Zeker omdat je bij zo'n blockbuster met zes verschillende units werkt. Gelukkig ben ik wereldvreemd genoeg om daarmee om te kunnen (lacht). Raimi: Ik heb kunnen doen wat ik wilde. Dat heeft natuurlijk met het succes van de eerste films te maken. Maar ik moet zeggen dat ik ook bij de eerste Spider-Man al zeer veel vrijheid genoot, hoewel ik toen nog nooit met grote budgetten had gewerkt. Grote conflicten met Columbia zijn er nooit geweest en we hebben een heel speciale band: ik hou zelfs kantoor op het terrein van de filmstudio. Het enige wat ze eisen is 'that I put the spectacle up on the screen'. Waarschijnlijk zijn ze bij deel één gewoon vergeten om me aan banden te leggen en vonden het ze daarna te gênant (lacht). Raimi: Totaal niet. Mijn leven is nu een stuk relaxter als toen. Voortdurend om geld schooien, nooit weten of je nog wel een volgende film zult maken, bang afwachten wat de critici schrijven: dat vreet aan je en dat hou je hooguit enkele jaren vol. Geef mij dan maar die commerciële stress. Bovendien heb ik nog altijd het gevoel dat ik vrijuit films kan maken. Met Spider-Man kan ik naast een spektakelfilm ook mijn eigen liefdesdrama en horrorfilm maken. Het is verschillende dingen dooreen en dat verklaart ook het succes. Hoeveel het ook kost en hoeveel special effects er ook inzitten: er zit een hart in. Het is gemaakt uit liefde voor de personages. Ik sluit niet uit dat ik ooit nog een onafhankelijke film maak, maar zolang ik onder deze voorwaarden blockbusters mag maken hoor je me niet klagen. Raimi: Ten tijde van Evil Dead was ik enkel geïnteresseerd in beweging, effect en montage. Ik wilde ontdekken wat je daarmee kon teweegbrengen; welke extreme reacties je kon uitlokken. Maar ik bleef alsmaar vaker met een leeg gevoel zitten. De eerste film waarover ik totaal niet meer tevreden was omdat ik die effecten tot in het extreme had doorgevoerd was The Quick and the Dead. De som woog niet langer op tegen de delen en het resultaat liet me volkomen koud, waarop ik een tijdje met filmen ben gestopt. Toen ik de camera weer oppikte, was ik dan ook vastbesloten mijn obsessie met techniek te laten varen en me voortaan op de acteur en het verhaal te concentreren. De eerste film waarin ik dat consequent heb gedaan en de camera bijna angstvallig stilhield was A Simple Plan. En Spider-Man is daar een mooie symbiose van. Het is opwindend en technisch ingenieus aan het oppervlak, maar simpel en ontroerend binnenin. Raimi: Ik ben dol op Fellini. En van John Huston vind ik The Maltese Falcon, TheTreasure of the Sierra Madre en het onderschatte The Man Who Would Be King geweldig. En dan is er nog Hitchcock natuurlijk, van wie ik heb geleerd hoe je een verhaal moet structureren. Raimi: Mijn pak is geen hommage aan Hitchcock, hoewel ik het altijd supercool heb gevonden dat die oude meesters zo formeel gekleed gingen. Het is gewoon een teken van respect voor mijn crew. Creativiteit kan volgens mij enkel gedijen in een nette omgeving en als baas geef ik graag het goede voorbeeld. Raimi: Goeie vraag, want er lopen héél fanatieke rond, heb ik al gemerkt (lacht). Ik hoop natuurlijk van niet en mijn excuus is dat ik die veranderingen enkel heb doorgevoerd om trouw te blijven aan de geest van de strips. Ik herinner me dat James Cameron (die lange tijd getipt werd als regisseur, nvdr. ) ooit een essay heeft geschreven waarin hij een biomechanische uitleg gaf aan de superkrachten van Spider-Man. Dat stak radicaal af tegen de strips en impliceerde dat Peter Parker geen doodgewone knul was - wat volgens mij zijn charme is - maar een geniale wetenschapper. Dat idee heb ik meteen laten varen omdat ik de strips van Stan Lee zo trouw mogelijk wilde blijven, al is een detail weglaten soms onvermijdelijk. Raimi: Ja. Negatieve recensies kunnen me echt deprimeren. Films maken en mensen entertainen is tenslotte mijn leven. Raimi: Moeten we het daarover hebben? Danny heeft geweldig werk geleverd, maar bij deel twee had ik het gevoel dat ik nog extra muziek nodig had, waarop ik er Chistopher Young heb bijgehaald. Blijkbaar is dat in het verkeerde keelgat geschoten. Ik kan alleen maar hopen dat hij het me ooit kan vergeven. Raimi: Nee. Zoals een goeie producent dwong hij me gewoon (lacht). Grapje. Aanvankelijk vond ik dat personage te eenzijdig kwaadaardig, maar hij heeft me kunnen overtuigen dat dat vooroordelen waren en dat Venom zelfs de aartsnemesis is van Spider-Man, wat in de film allerlei persoonlijke dilemma's en conflicten teweegbrengt. Uiteindelijk heeft Venom de film rijker gemaakt. Raimi: Columbia wil wel, maar ik heb nog niks beslist. Is Venom nu dood of niet? Ik dacht van wel, maar in films weet je natuurlijk maar nooit. (lacht)Door Dave Mestdach