Ryan's Daughter (1970)

FILM: **** EXTRA'S: * (WARNER)
...

FILM: **** EXTRA'S: * (WARNER) Film. Dat de internationale kritiek in 1970 Ryan's Daughter met de grond gelijkmaakte, had zeker ook met de tijdgeest te maken: in een perio- de van artistieke vernieuwing werd het classicisme van Lean gemakshalve afgedaan als aftands academisme. Het pronken met zijn royale productiemiddelen (de opnamen sleepten een jaar aan) werd Lean ook niet in dank afgenomen. 'Instead of looking like the money it cost to make, the film feels like the time it took to shoot', sneerde de Britse recensent Alexander Walker. Het grootste verwijt was dat Lean een simpele romance, een overspelverhaal tegen de dramatische achtergrond van de Ierse troubles tijdens de Eerste Wereldoorlog, tot kolossale proporties had opgeblazen. Maar dat is nu net wat Ryan's Daughter zesendertig jaar later nog verbluffend maakt. Zoals de woestijn Lawrence of Arabia beheerste en de besneeuwde toendra Doctor Zhivago, krijgen in Ryan's Daughter de ruige Ierse kuststreek en zijn ongerepte stranden een verpletterende rol toebedeeld. Dat de nietige dorpsfiguren volledig platgewalst worden door de grandioze landschappen, maakt hun noodlottige belevenissen nog aangrijpender. En het geeft Lean ook een vrijgeleide om voortdurend heen en weer te snijden tussen intimistische beelden (verkrampte interieurs, medium shots van zijn personages) en de natuur waar een bijna kosmische kracht van uitgaat. Leans weergaloos gevoel voor het contrast tussen het grootschalige en het kleinschalige bereikt een hoogtepunt tijdens de imposante stormsequentie, als de dorpelingen de handen in elkaar slaan om een op de klippen geslagen wapenvoorraad uit de woeste zee te slepen. In het creëren van sterk gevoelsgeladen drama met puur audiovisuele middelen - de film heeft nagenoeg geen dialogen - blijft Lean onovertroffen. De coup de foudre tussen Sarah Miles (een Ierse Madame Bovary) en de door shell-shock verlamde Engelse majoor Christopher Jones alsook hun eerste vrijpartij in een half betoverend bos zijn ware anthologiescènes. Ze verklaren ook waarom de films van de ex-cutter Lean door zijn meest illustere collega's worden erkend als de best gemonteerde ter wereld. Afgezien van bijna-nieuwkomer Christopher Jones, wiens tekortkomingen Lean handig wegmoffelt onder picturale sublimatie, wordt er over de hele lijn schitterend geacteerd. John Mills kreeg een Oscar voor zijn nadrukkelijke bravourenummertje als de dorpsidioot die onvrijwillig de getuige is van alle belangrijke gebeurtenissen, terwijl Sarah Miles, Robert Mitchum (als de bedrogen priester), Trevor Howard (als de alomtegenwoordige zielenherder) en Leo McKern (als verrader die meeheult met de Engelse bezetter) veel genuanceerder hun karakter neerzetten. Extra's. De nieuwe 35th Anniversary making of bevat een schat aan weetjes over deze door problemen geplaagde superproductie. Niet alleen het filmen op locatie (het gure weer noodzaakte de ploeg om een tijdlang naar Zuid-Afrika te verkasten), maar ook de casting verliep moeilijk: Lean vond dat de vonk tussen zijn twee verliefde hoofdrolspelers niet oversloeg en kon niet opschieten met de cynische Mitchum. Ook de vijandige ontvangst van de filmpers komt uitgebreid aan bod. Met name de New Yorkse filmcritici gingen zo hevig tekeer dat Lean totaal de kluts kwijt was en pas veertien jaar later een nieuwe film ( Passage to India) kon maken. Er is ook een uitstekende commentaartrack (met bijdragen van haast iedere betrokkene die nog in leven is) met wel dezelfde quotes uit de making of. Patrick Duynslaegher