Sam Mendes
...

Sam Mendes Kate Winslet,Leonardo DiCaprio, Michael Shannon, Ryan Simpkins,Kathy BatesElf jaar nadat ze in de überblockbuster Titanic samen de ijszee indreven, vormen LeonardoDiCaprio en Kate Winslet eindelijk weer een koppel, al is het dit keer geen cruiseschip, maar een huwelijksbootje dat de dieperik inzinkt. Een bombastisch potje snottercinema hoef je niet te verwachten, wel een ongemeen wrang relatiedrama dat in zijn verbale scherpte, benepen intimiteit en fatalistische kijk op de liefde haast de anti- Titanic is. Aan het roer staat Sam Mendes - oftewel mijnheer Winslet - die in zijn eerdere films de Amerikaanse mythes ook al stevig ondermijnde, van de schone schijn van de voorsteden in American Beauty, over familiecodes in The Road to Perdition tot Uncle Sam in Jarhead. Deze keer toont Mendes hoe de bourgeoisdroom van huisje-tuintje-boompje in een suburbane nachtmerrie ontaardt, en wel op basis van de gelijknamige roman van Richard Yates (1926-1992), een van de scherpste chroniqueurs van middle class America. In een als met brillantine overgoten fifties-decor van perfect bemeten voortuintjes, mannen in kostuum en dames in mantelpakjes maak je kennis met het echtpaar Frank en April Wheeler. Hij (DiCaprio) is een ambitieuze kantoorklerk, zij (Winslet) een devote huismoeder. Voor de buitenwereld zijn de Wheelers de incarnatie van oer-Amerikaans burgergeluk. Steeds vaker komen er echter frustraties bovendrijven wanneer beiden zich alsmaar meer de gevangene van hun seksuele, familiale en professionele verplichtingen voelen. En wanneer hun plan om hun relatie in Parijs nieuw leven in te blazen niets meer dan een naïeve opwelling blijkt, lijkt ook hun huwelijk te crashen op de met zelf-begoocheling en leugentjes om bestwil geplaveide road to nowhere. Wat volgt, is een uitstekend vertolkte en knap geschreven kroniek van hoog oplaaiende ruzies, innerlijke conflicten en overspelige affaires, waarbij het gepolijste oppervlak schril afsteekt tegen de bittere teneur van het verhaal. Terwijl cameraman Roger Deakins (huisfotograaf van de Coenbroers) alles in een chic retrojasje hijst, houdt Mendes het als vanouds ruimtelijk en beheerst - alsof Ingmar Bergman zich aan een verhit Tennessee Williams-stuk waagt. Het is die intrigerende mix van realisme en stilering, en cerebrale analyse en onversneden emotionaliteit die de hartverscheurende scènes elkaar snel doet opvolgen. Zoals: de scène waarin de gekke neef van de familie (een heerlijk groteske Michael Shannon) de Wheelers met de pijnlijke waarheid confronteert. Of het moment waarop April zich uit wraak en onmacht aan haar heimelijk verliefde buurman vergrijpt. En nog: het naar de keel grijpende einde dat zelfs de hardste cynicus doet kraken. Het maakt van Revolutionary Road een messcherpe dissectie van een falend huwelijk, met misschien als enige minpuntje de muziek van Thomas Newman, die weer eens op zijn American Beauty-xylofoon staat te jengelen. Dave Mestdach