Maandenlang al wordt de hype voor de nieuwe Asterix gevoed. In januari droeg Albert Uderzo (86) officieel de fakkel over aan zijn opvolgers Jean-Yves Ferri (54) en Didier Conrad (54). Een eerste tekening van de Galliërs in Schotse klederdracht circuleerde voor de zomer en enkele weken geleden werd uiteindelijk de cover bekendgemaakt. Maar over het verhaal zelf kwamen we amper iets te weten.
...

Maandenlang al wordt de hype voor de nieuwe Asterix gevoed. In januari droeg Albert Uderzo (86) officieel de fakkel over aan zijn opvolgers Jean-Yves Ferri (54) en Didier Conrad (54). Een eerste tekening van de Galliërs in Schotse klederdracht circuleerde voor de zomer en enkele weken geleden werd uiteindelijk de cover bekendgemaakt. Maar over het verhaal zelf kwamen we amper iets te weten. Normaal is enig wantrouwen tegenover een overgenomen reeks op zijn plaats. Een nieuw creatief team dient meestal om de erfenis van de kinderen van de oorspronkelijke auteurs veilig te stellen. Ook hier heeft dat een rol gespeeld: het was Anne Goscinny - de dochter van oorspronkelijk scenarist René, die stierf in 1977 - die Uderzo overtuigde terug te komen op zijn voornemen om Asterix te laten stoppen na zijn dood. Toch is voor Asterix bij de Picten een bescheiden optimisme op zijn plaats. Uderzo heeft zijn successerie namelijk afschuwelijk toegetakeld met zijn laatste album Het geheime wapen (2005). Daarin liet hij buitenaardse wezens opdraven om zijn afkeer van Amerikaanse superhelden en Japanse manga's te laten blijken. Een naïef standpunt van een oude man, die van zijn eigen creatie een parodie maakte. Voordien was er al kritiek op de verhalen, omdat ze nooit het niveau haalden van de eerste 24, die Goscinny had geschreven. Maar met Het geheime wapen verwerd Asterix van middelmaat tot een echte ramp. Om nieuwe auteurs te vinden, werd een heuse wedstrijd georganiseerd. Acht scenaristen dienden een verhaal in, en dat van Jean-Yves Ferri won. Hij had voordien al faam opgebouwd als humoristisch scenarist. Voor Manu Larcenet schreef hij Terug op aarde en zelf tekende hij het onvertaalde De Gaulle à la plage. Beide projecten waren een succes bij kritiek en publiek. Tekenaar Didier Conrad werd in extremis opgetrommeld, na het forfait van Uderzo's vroegere assistent. Hij maakte naam met de provocerende serie De onnoembaren, maar specialiseerde zich ook in spin-offs van bekende series. Zo tekende hij Kid Lucky, de jonge versie van Lucky Luke, en Marsu Kids, over de jongen van de Marsupilami. Asterix is kortom in handen van auteurs die gepokt en gemazeld zijn in het vak. Tijdens de perscampagne had de uitgeverij ook een Schotse dag ingelast. Asterix bij de Picten zou eerst worden gepresenteerd aan de 'slachtoffers' - de volkeren waar Asterix op bezoek gaat, krijgen er gewoonlijk amicaal van langs. 'Als de Schotten al bang zijn, dan hebben ze er nog niks van laten merken', verzekert Jean-Yves Ferri ons. We komen op het juiste moment. De hele dag heeft hij vanuit een historisch gebouw van de University of Glasgow, een van de sightseeingfavorieten in Schotland, de Angelsaksische pers te woord gestaan via een vertaler. Frans spreken met een Belgisch journalist is dan zoveel eenvoudiger. Het gaat er zo gemoedelijk toe dat de meegereisde persattachee Ferri af en toe weer op de afgesproken rails probeert te zetten als hij te openhartig wordt. JEAN-YVES FERRI: Het probleem voor dit album was dat de Fransen niet zo heel veel weten over de Schotten. Kilts, Loch Ness, doedelzakken en gierigheid, en daar stopt het ongeveer. Ik heb het dus niet aangepakt zoals Goscinny, die werkte met clichés. Het is een verhaal dat zich toevallig bij de Picten afspeelt, een soort sprookje, waarin Asterix en Obelix worden meegesleurd. Ik ben geen Goscinny, ik hoef niet alles op dezelfde manier te doen. Maar ik heb wel geprobeerd om het ouderwetse ritme van zijn verhalen te respecteren. FERRI: Zo ben ik nu eenmaal. Ik was niet voorbestemd voor deze job, hoor. Ik houd niet méér van Asterix dan van Kuifje. Er zijn twee of drie Asterixverhalen die ik nog altijd koester. Asterix als legioensoldaat, waarin hij naar Afrika vertrekt om de verloofde van Walhalla te zoeken. Dat boek is fantastisch getekend. De eerste keer dat ik meneer Uderzo zag, heb ik mijn kapotgelezen exemplaar, vol plakband, meegebracht. Hij heeft het boek voor mij gesigneerd. Ik had er als kind zelf mijn naam in geschreven en nu stond de naam van Uderzo ernaast. Dat had wel iets. Ook De intrigant en De ziener vind ik topboeken. FERRI: Dat klopt, maar er zijn ook heel goeie Asterixen waarin wel gereisd wordt. Asterix op Corsica of Asterix en de Belgen. Die Belgen zijn toch erg juist weergegeven. (gniffelt)FERRI: Goscinny vertelde een verhaal dat degelijk in elkaar zat, maar zelfs kleine kinderen vonden het plezierig. Dat is erg moeilijk. Ik heb mezelf wat moeten forceren. Ik heb die theatrale kant niet, waarbij de personages elkaar voortdurend klappen geven. Maar kinderen vinden dat net grappig. In de dagelijkse omgang was Goscinny helemaal niet zo, maar hij had toch ergens die slapstick in zich. FERRI: Dat moet heel moeilijk zijn. Het is zelfs ongelooflijk dat hij ons onze gang laat gaan. Al voelden we hem nog over onze schouder meekijken, hoor. Als een oude waakzame vos. (gniffelt) Nee, Conrad heeft er veel meer last van gehad dan ik, omdat hij de tekenaar was. Uderzo is heel veeleisend. FERRI: Eén keer, helemaal in het begin. Later heeft hij iets gezegd wat me geraakt heeft. Hij zei dat Goscinny niet tegen dit scenario geweest zou zijn. Dat is buitensporig vriendelijk, maar het toont wel hoe hij tegenover mijn werk staat. Hij heeft me geaccepteerd. FERRI: (gniffelt) ASTERIX BIJ DE PICTEN Uit op 24 oktober. Ferri en Conrad signeren op 1/11 op de boekenbeurs. DOOR GERT MEESTERS