1 Wat zijn de vijf etappes van de jazz?

In de eerste lezing breng ik enkele basisbegrippen bij, zoals 'improvisatie'. De week daarop praat ik over alle grootheden van Chicago in de jaren 20 - de prehistorie van de jazz. Daarna heb ik het over de klassieke periode met de Big bands, Ornette Coleman en Billie Holiday. En een week later zijn de jaren 40 aan de beurt met de bebop en cool jazz. Mijn laatste uiteenzetting gaat dan weer over alle jazz van 1955 tot op vandaag.
...

In de eerste lezing breng ik enkele basisbegrippen bij, zoals 'improvisatie'. De week daarop praat ik over alle grootheden van Chicago in de jaren 20 - de prehistorie van de jazz. Daarna heb ik het over de klassieke periode met de Big bands, Ornette Coleman en Billie Holiday. En een week later zijn de jaren 40 aan de beurt met de bebop en cool jazz. Mijn laatste uiteenzetting gaat dan weer over alle jazz van 1955 tot op vandaag. Toen ik een 45 toerenplaatje van Louis Armstrong uit de jaren 50 in mijn handen kreeg, is er een wereld voor mij opengegaan. De single was On the Sunny Side of the Street, maar eigenlijk was de B-kant nog beter: New Orleans Function. Ik was twaalf jaar oud en eindelijk vond ik een tegenwicht voor al die popmuziek van Pat Boone en The Platters (lacht). Ik ben nog altijd heel gevoelig voor Armstrongs stem. Hij kon niet zingen, maar het klonk allemaal fantastisch. Ken Burns's Jazz: The Story of American Music. Dat is de soundtrack van Burns' 19-uur lange documentaire over jazz voor de Amerikaanse openbare omroep PBS. De box bevat vijf uitmuntende cd's en een boekje waarin de geschiedenis van de jazz glashelder uit de doeken wordt gedaan. De meeste boxen zijn nogal beperkt, omdat maar één platenlabel vertegenwoordigd wordt, maar deze overbrugt elke stijl en stroming. De Amerikaanse boeken vind ik meestal te geromantiseerd: daarin voelen de moeders telkens al aan hun buik dat hun baby een genie zou worden. De Britse schrijvers zijn meestal beter. Het meest heb ik genoten van Day By Bay van Klaus Stratemann, een kolos van bijna 800 pagina's en de perfecte kroniek van het artistieke leven van Duke Ellington. Round Midnight van Bertrand Tavernier. Biografische films zoals Bird van Clint Eastwood zijn ook knap, maar Round Midnight zegt écht iets over de muziek. Hier wordt de artistieke kern van jazz het subtielst benaderd. In de hoofdrol speelt bovendien een geweldige Dexter Gordon, die ook echt een jazzmuzikant was. Dat met Ornette Coleman. Een buitengewoon vriendelijke man en een briljante saxofonist. Toen hij voor het laatst in Brussel was, vroeg hij me of hij een plaat kon horen van Adolphe Sax. Coleman had er geen benul van dat de grammofoonplaat nog niet bestond toen Sax leefde. Zulke naïviteit bij een der grootste geesten van onze tijd... dat vind ik ontwapenend. Sun Ra. Die wordt om de haverklap 'De Grote Wegbereider' genoemd, terwijl iemand als John Coltrane oneindig veel inventiever was. Zelf ben ik nooit zo'n knappe muzikant geweest, maar dat heb ik me ook altijd gerealiseerd. Onlangs kwam ik een oude leermeester tegen en toen ik zei dat ik dan maar radio over jazz ben beginnen maken, zei die laconiek: 'A lot of musicians should do the same.'(lacht)Dynamiek: het blijft me een raadsel waarom zoveel jazzartiesten vandaag weigeren om het simpel te houden. Muzikanten uit de new jazz, zoals Bugge Wesseltoft, denken dat ze pokkeluid moeten spelen en dan krijg ik het op mijn heupen. De nuance in jazz is gelukkig aan het terugkeren. Dat overkomt me eerlijk gezegd vaker dan me lief is: elk briljant concert kan mij volledig overrompelen. De laatste keer was toen ik de opnames van Bob Brookmeyers concert op Jazz Middelheim herbeluisterde. Die set was te intimistisch voor zo'n festival, dus ontdekte ik thuis pas hoe overweldigend mooi zijn optreden was. Dan is het moeilijk om je ogen droog te houden. Op zich heb ik niets tegen Cullum: hij speelt populaire jazz, maar alle populaire muziek is tóch schatplichtig aan de grote Louis Armstrong. Cullums drummer, Sebastiaan de Krom, ken ik vrij goed: een uitstekende muzikant, die zijn troeven kan bovenhalen als hij speelt in zijn andere groepjes. Maar goed ook, want zo'n Jamie Cullum kan niet eeuwig op zijn piano blijven springen, hè (lacht).l GUNTER VAN ASSCHE