MUSICOLOGY
...

MUSICOLOGY Prince vertoonde lang raar gedrag. Op zijn voorhoofd stond te lezen dat hij zich de slaaf voelde van zijn toenmalige platenfirma Warner, hij wilde plots The Symbol of TAFKAP genoemd worden, hij vervloekte de majors en zocht zijn heil tot het internet... Aan dat alles is een einde gekomen. Back to normal. Met Columbia neemt hij weer een grote speler onder de arm die past bij het grootse plan dat Musicology heet. Daarmee wil hij vieren dat hij al 25 jaar in het popwereldje meedraait en dat hij op de kop 20 jaar geleden met Purple Rain zijn plaats aan de top opeiste. Met zijn Musicology-show wil hij blijkbaar twee keer de wereld rondgaan. In Amerika krijgen de concertgangers alvast een gratis exemplaar van de Musicology-cd. Een bedankje voor de trouwe fans, zeg maar. Het album verwijst nadrukkelijk naar zijn roemrijke verleden. Geen spoor meer van de jazzuitstapjes op zijn vorige werk, de drie jaar oude conceptplaat The Rainbow Children. In de outro van de titelsong hoor je een fragmentje uit Sign O' The Times en Life 'o' The Party drukt, als oerschreeuw op oerritme, de sporen van Earthquake. Wie Prince vorig jaar in het Sportpaleis aan het werk zag, weet dat de Amerikaanse superster zich tegenwoordig vooral focust op funky partymuziek. Songs als Life 'o' The Party en Dear Mr. Man heeft hij overigens live veelvuldig getest. Musicology concentreert zich dus op grooves die tot bewegen nopen. Vaak lijken de songs geboren uit jams, geregeld nemen ze een onverwachte draai. De breaks in The Marrying Kind zijn haast symfonisch, in If Eye Was The Man In Ur Life botsen rockgitaren vrolijk tegen naïeve keyboardthemaatjes op. In de ballads Call My Name en het ronduit schitterende On The Couch is de man uit Min-neapolis smekend, geil en ondeugend, zoals enkel hij dat kan (al deed Beck ooit een verdienstelijke poging tot pastiche met Debra). Ook de manier waarop hij ritmes in elkaar weeft in What Do U Want Me 2 Do? onderstreept nog een keer hoe uniek deze artiest is. De plaat is een statement. Prince wil een generatie die opgroeit met computerhits tonen dat er ook nog zoiets als échte muziek bestaat. Het is een overtuigend pleidooi, want speelplezier is er te over op dit album. The Artist Formerly Known As The Symbol heeft plechtig verklaard op de Musicology-tournee voor de laatste keer zijn oude hits te spelen. Hij lijkt bijgevolg een periode te willen afsluiten. Wat de verdere toekomst ook mag brengen, het is best aangenaam om Prince toch weer even voor de old skool-stijl te horen kiezen. Dit is een goed album en met Cinnamon Girl heeft hij eindelijk nog eens een song met hitkwaliteiten. Maar het ontbeert wél onsterfelijke liedjes van het kaliber Raspberry Beret, If I Was Your Girlfriend of Sometimes It Snows In April. Peter Van Dyck