Donderdag 16/2, 23.40, NPO 2
...

Donderdag 16/2, 23.40, NPO 2Diep onder de Alpen, op de Frans-Zwitserse grens, ligt een gigantische constructie die je eerder in een sciencefictionfilm verwacht: een 27 kilometer lange, ringvormige tunnel waar wetenschappers jarenlang naar de heilige graal van de deeltjesfysica hebben gezocht: het higgsboson. De documentaire Particle Fever slaagt erin dat peperdure onderonsje van duizenden bollebozen ook spannend te maken, én bevattelijk te houden. Zonder het higgsboson zitten deeltjesfysici met een probleem. Dat is namelijk een essentieel sluitstuk van hun theorieën. Maar je kunt het niet zomaar onder pakweg een microscoop zien. Om te bewijzen dat het überhaupt bestaat, heb je een deeltjesversneller nodig, een elektriciteit vretende constructie die subatomaire deeltjes aan duizelingwekkende snelheden tegen elkaar laat knallen. Uit die botsingen kunnen wetenschappers met huizenhoge hoogtechnologische detectoren afleiden of het boson aanwezig is. De grootste, krachtigste en duurste deeltjesversneller die ooit gebouwd werd, de Large Hadron Collider - LHC voor de vrienden -, ligt meer dan honderd meter onder de grond van het Cern, het Europese lab voor kernonderzoek, ten westen van Genève. Alleen al het ontwerp en de bouw van die machine, die de omstandigheden van vlak na de oerknal moet nabootsen, heeft tientallen jaren gekost. Kostprijs van dat alles: 6 miljard euro. Filmmaker Mark Levinson was erbij vanaf de opstart van die haast onwerkelijke machine, tot de wetenschappers vier jaar later, op 4 juli 2012, eindelijk vonden wat ze zochten. Met uiteindelijk meer dan 500 uur beeldmateriaal knutselde hij zijn film in elkaar. En dat mocht absoluut niet de zoveelste gortdroge wetenschapsdocumentaire worden. 'Ik denk dat Particle Fever gaat over het diepmenselijke streven naar kennis, naar begrijpen', aldus Levinson in The Observer. 'Ik wilde een film maken die ook mensen zou aanspreken die niet in wetenschap geïnteresseerd zijn.' Dat Levinson een verleden heeft in de kernfysica én in de speelfilm helpt daar aardig bij. Hij koos ervoor om uit de meer dan tienduizend wetenschappers die aan het Cern werken er een zestal te volgen. 'Het moest aanvoelen als een drama, een film die om de personages draait.' Met name wetenschapster Monica Dunford, een fantastische communicator, springt er op dat vlak uit. U ziet zelfs Peter Higgs, naar wie het enigmatische boson genoemd is, bij de ontdekking van zijn deeltje een traantje wegpinken. De setting is an sich al dramatisch genoeg: de Large Hadron Collider is een wonderlijk, enorm decorstuk dat zo uit een futuristisch Hollywoodspektakel weggelopen lijkt. U kunt trouwens ook kijken, gewoon omdat u een echte patriot bent: het higgsdeeltje mag dan vernoemd zijn naar een Britse natuurkundige, de mannen die het bestaan ervan voor het eerst poneerden, zijn twee landgenoten: Robert Brout (die in 2011 overleed) en François Englert, die daar samen met Higgs de Nobelprijs voor de Natuurkunde voor ontving. Hup België! LUC JORIS